Plus PS

Mike van Diem: 'Ik heb geen spijt dat ik zo weinig heb gemaakt'

Na zijn Oscarwinnende film Karakter (1997) verloor Mike van Diem (58) het heilige vuur. Dat heeft hij echter dubbel en dwars terug. Zijn Tulipani is de openingsfilm van het NederlandsFilm Festival. 'Ik sta weer te popelen.'

Beeld Martin Dijkstra

Achttien jaar duurde het, voordat Mike van Diem met een opvolger kwam voor de Oscarwinnende film Karakter. In 2015 verscheen De Surprise. Twee jaar daarna heeft Van Diem, die in 1990 ook al een Oscar had gewonnen met zijn Filmacademie-afstudeerfilm Alaska, alweer een film klaar: Tulipani: liefde, eer en een fiets, over een boer (gespeeld door Gijs Naber), die na de watersnoodramp op de fiets naar Zuid-Italië rijdt en daar tulpen gaat kweken.

De Nederlands-Italiaanse-Canadese coproductie, die aanvankelijk geregisseerd zou worden door Marleen Gorris - die andere Nederlandse Oscarwinnaar - is woensdag de openingsfilm van het Nederlands Film Festival. "Ik ben van diverse kanten gewaarschuwd om het niet te doen, vanwege de kwaliteit van de laatste drie openingsfilms," zegt Van Diem in restaurant Zouthaven.

Daags erna reist hij af naar Toronto, waar zijn film in wereldpremière zou gaan voor een zaal 'met 1200 dolenthousiaste Canadezen'. "De gedachte is onderhand: als je openingsfilm van Utrecht bent, zul je wel een heel slechte film hebben gemaakt. Je lacht er nu om, maar dat is best triest. Waarom ik het toch heb gedaan? Om de goeie zaak te dienen. En het tij moet toch eens gekeerd worden."

Gaat de Nederlandse film u nog steeds zo aan het hart? Toen ik u op de set van Karakter sprak, in 1996, was u vol vuur. 'In Nederland heerst een soort halfbakken televisiefilmklimaat, waarin de grote publieksfilm volledig verloren dreigt te gaan,' zei u.
"Dat was lang geleden, maar achteraf beviel het interview me heel goed. Er is een angry young man aan het woord. Dat is precies wat ik mis in de hedendaagse cinema: iemand die het te vuur en te zwaard écht anders wil doen. De films van debutanten lijken allemaal op elkaar. Wat is het allerlaatste knallende, spetterende Nederlandse debuut dat we hebben gezien?"

"Zusje, Van God los, maar daarna? Ik ben lid van de Dutch Academy for Film en kijk daarom keurig wat er allemaal is gemaakt. Vaak denk ik na een kwartiertje: jongen, je hebt me nog niks verteld. Je hebt nog geen enkele poging gedaan... Ik voel weinig sturm und drang. Met Karakter schopten we tegen de gevestigde orde, tegen de kostuumfilms van Frans Weisz en Ben Verbong enzo. Mag zoiets ook een keertje met een beetje ballen worden gemaakt?! Mag het een onsje meer zijn?"

Het leek er lange tijd op dat het bij u iets eenmaligs zou blijven.
"Ik heb alle aanbiedingen uit Amerika over me heen laten komen. Incidenteel zat er ook weleens iets bij uit Nederland, maar dat trok me ook niet heel erg. Toen ben ik commercials gaan maken. En mijn moeder ging dood en ik dacht: misschien moet ik eerst maar eens een beetje gaan leven in plaats van direct weer aan de volgende film te beginnen."

"Ik had heel hard gewerkt; het heeft me veel moeite gekost om op de Filmacademie te komen, en ik heb daar vervolgens enorm moeten knokken. Daarna heb ik bij First Floor Features gewerkt, het productiebedrijf van Laurens Geels en Dick Maas. Dat was ook met ups en downs; met tal van scripts die ik niet van de grond kreeg."

"Ik heb toen zeven afleveringen van de advocatenserie Pleidooi geregisseerd, daarna kwam Karakter. Dat zou een heel klein filmpje worden, maar het werd een megaproject. Ik had tien jaar op de toppen van mijn kunnen gewerkt, misschien was het wel tijd om het even rustig aan te doen."

Even?
"Veel collega's hebben bureaulades vol met ideeën. Heb ik niet. Nooit gehad. Als jij nu een goed idee hebt, as we speak, ga ik hier op mijn blote knieën voor je. Misschien doe ik er ook niet genoeg voor. In plaats van dat ik denk: godverdomme, ik moet een nieuwe film hebben, ik moet gaan schrijven, zit ik de hele ochtend voor dit gesprek toch weer gitaar te spelen."

"Ik heb weleens aan een professionele mevrouw gevraagd of er niets te verzinnen is om dat gedrag af te leren. Toen zei ze: 'Nee, dat doe jij omdat het altijd goed is gegaan. Dus dat gaat nooit veranderen.'"

"Ik ben het heilige vuur toen verloren. Dat kwam pas weer terug toen ik in 2009 een commercial mocht maken voor het documentairefestival Idfa. 'De werkelijkheid verzin je niet' was de slogan; ik moest naar aanleiding van een documentaire een speelfilmtrailer verzinnen. Daar was een budgetje voor en ik kon een goeie actrice krijgen: Sylvia Hoeks."

"De productie duurde vier, vijf dagen en daarin kreeg ik dat speciale gevoel weer terug. Dat sociale aspect van het filmmaken kwam weer om de hoek kijken en ik dacht: dit is toch wel heel erg leuk. Misschien moet ik maar weer eens een film gaan maken."

En toen?
"Vervolgens werd De surprise een gebed zonder einde. Dat is natuurlijk nooit de bedoeling geweest, maar het scenario werd keer op keer afgewezen."

Karakter is een boekverfilming, De Surprise een romcom. Krijgt u nooit inspiratie als u de krant leest of het nieuws kijkt?
"Nee, nooit. Misschien moet ik eens wat beter opletten bij het nieuws, maar ik houd niet zo van die hedendaagse, pamfletachtige films. Alleen toen ik hoorde dat Paula van der Oest Lucia de B. ging doen, dacht ik: fuck, dat heb ik laten liggen."

"Dat had ik wel willen doen, omdat het een schijnbare actualiteit is. Het thema van de Telefilms waarvoor je in oktober plannen kunt inleveren, is 'crime' - in welke vorm dan ook. Dat prikkelt mijn fantasie. Maar dan moet het weer gericht zijn op een publiek tussen de 25 en de 34 jaar, de hedendaagse samenleving weerspiegelen en maatschappelijke urgentie hebben."

"Dan denk ik: dat is niet de weg die leidt naar Goddelijke Kunst, in termen van dat we straks, over een jaar of dertig, nog eens zullen genieten van een tijdloze, universele, verpletterende Telefilm over heel grote thema's. Wie met de tijdgeest trouwt, wordt snel weduwnaar, dat weet toch iedereen? Dat levert geen Spoorlozen, Abels, Turks fruiten of Karakters op."

Voelt u zich weleens te goed voor een film?
"Nee, dat is het niet. Maar er moet wel een reden zijn waarom je het wilt doen."

Film is voor mij geen noodzaak, zei u twintig jaar geleden.
"Dat is nog steeds zo, maar ik moet zeggen dat ik wel heel erg van het filmmaken houd. Je krijgt er heel veel waardering voor, je krijgt heel veel terug op de set. Misschien is dat wel verslavend."

"Ik ben altijd heel erg teruggetrokken geweest; ik was altijd heel erg op mezelf, erg timide en verlegen. Toen ik naar de Filmacademie wilde, ben ik eerst wat toneelstukken gaan regisseren, omdat ik daardoor leerde hoe je met acteurs moest omgaan en het financieel behapbaar was. Bij dat regisseren kwam er een buitengewoon expressieve kant van me naar boven; het was een stuk van mijn persoonlijkheid die ik helemaal niet kende, maar waar ik me heel prettig bij voelde."

"Na De surprise had ik onwaarschijnlijk veel zin om weer een film te maken. Een producent belde dat regisseur Antoinette Beumer uit De held was gestapt. De film was helemaal gefinancierd, of ik hem wilde regisseren."

"Ik antwoordde dat ze het boek en het script maar moest sturen en dat het voor 98 procent zeker was dat ik het zou doen. Maar toen ik het las, kon ik er niks mee. Dat vond ik heel erg. Ik heb het nog een keer gelezen, maar ik snapte er helemaal niets van."

Toen belde producent Hans de Weers, of u de regie van Tulipani van Marleen
Gorris wilde overnemen.
"Het was een project dat ontzettend veel averij had opgelopen. Marleen was er na twee dagen al uitgestapt, terwijl ze maar een paar shots had opgenomen. In de paniek is Annemarie van de Mond gevraagd of zij wat scènes wilde regisseren, totdat er een oplossing was."

"Dat kun je vergelijken met een man achter de vijandelijke linies droppen met een pistool met twee kogels en een halfvol veldflesje water. Het reeds geschoten materiaal zag er heel goed uit, maar dramaturgisch was het echt een enorme puinhoop."

Ik begreep dat ze bij u zijn uitgekomen, omdat ze zo de ene Oscarwinnaar door de andere konden vervangen, wat nodig was om de Italiaanse coproducenten binnenboord te houden.
"Ja natuurlijk! Ik zat een paar weken geleden een glaasje wijn te drinken met Marleen. Met een buitengewoon grote glimlach, precies wetend hoe het gaat in de filmwereld, zei ze tegen me: 'Jij hebt de zaak dus lekker kunnen chanteren, want ze hadden je nodig.' Dat is ook zo. Daar heb ik vaak gebruik van gemaakt als er weer eens een discussie was over geld."

Het geld zal niet de enige reden zijn geweest dat u toehapte?
"Nee, er zaten veel vrienden van mij in de crew en Hans de Weers was ons te hulp geschoten bij de financiering van De surprise. Maar het was echt een enorme puinhoop, dus ik heb gezegd dat ik het wel wilde proberen, maar onder het voorbehoud dat als het fout zou gaan, ik mijn naam van de aftiteling kon halen."

"Vervolgens heb ik in drie weken het script herschreven. Ik heb er razendsnel, volstrekt intuïtief een wending aan gegeven. Naast het tragikomische immigratieverhaal is het nu ook een vertelling over hoe verhalen ontstaan; hoe verhalen mythes worden en hoe we allemaal onze eigen versie van de waarheid hebben."

"Dat element moest ik er wel inbrengen, want er gebeurden zo veel onwaarschijnlijke dingen, maar het draagt aanmerkelijk bij aan de charme van het eindproduct, denk ik."

Zit er iets van uzelf in de film?
"Daar ben ik later pas achter gekomen. Ik heb grote hoeveelheden Italiaanse films gezien, die een enorme indruk op me hebben gemaakt. Daar is onbewust veel van in Tulipani terechtgekomen. De film is zó Italiaans, terwijl ik maar één keer in Italië ben geweest, in Venetië, en nog nooit in het zuiden. Het komt allemaal uit films; uit Fietsendieven, de films van Ettore Scola... Het was vaak Italiaanser dan Italiaans. De Italiaanse acteurs vonden dat prachtig."

Kenden de Italiaanse acteurs u?
"De meeste hadden weleens van mij gehoord, geloof ik. Ze vonden het prima dat de ene Oscarwinnaar door de andere werd vervangen. Een van de dingen die ik heb aangepast, is de rol van Giancarlo Giannini: hij dacht dat het een routineklusje zou worden, pas gaandeweg ontdekte hij dat er veel meer in zijn rol zat."

"Er is een foto dat we naast elkaar zitten te wachten op een van de eerste opnamedagen. Hij denkt: daar gaan we weer, ik moet zo even mijn kunstje doen. En je ziet mij denken: zo, die is lekker grumpy. Ik heb dat wel meer meegemaakt met beroemde acteurs; die kijken de kat uit de boom, maar ze gaan vrijwel allemaal om."

"In De surprise had ik Henry Goodman, die heel veel bijrollen in Hollywoodfilms speelt. Die was ook behoorlijk grumpy. Op een dag vroeg hij bozig waarom er geen stoel voor hem was. Ik antwoordde dat we op een Nederlandse set waren."

Mike van Diem

12 januari 1959, Sittard

1989 Studeert af aan de Filmacademie met Alaska, waarmee hij een Gouden Kalf en een studenten-Oscar wint
1993-1995 Regisseert zeven afleveringen van de advocatenserie Pleidooi
1997 Verfilmt Bordewijks Karakter, waarmee hij het Gouden Kalf voor Beste speelfilm en de Oscar in de categorie Beste niet-Engelstalige film wint
1998-heden Maakt voor 25fps Commercial Productions spotjes voor onder meer KPN, Volkswagen, Audi, Centraal Beheer Achmea, Grolsch, Brand Bier, CZ
verzekeringen, Vrom, Pickwick en ANWB
2015 De Surprise
2017 Tulipani: liefde, eer en een fiets

Van Diem woont met zijn vriendin in Amsterdam.

Mike van Diem Beeld Privéarchief

"Na twee dagen liet hij zich in de make-up ontvallen dat hij voor het eerst in tien jaar op een set stond 'where someone actually gives a damn about what I do'. Wat dat betekent? Dat de meeste regisseurs handige vakkenvullers zijn die niet tegen de stroom in durven zwemmen."

Heeft u met Marleen Gorris overlegd toen u moest beslissen of u Tulipani van haar zou overnemen?
"Nee, dat kon niet, want ze was echt heel ziek."

Ik hoorde dat ze heeft besloten dat ze nooit meer een film zal maken.
"Dat is een gerucht dat ik ook heb gehoord. En dat vind ik zo erg dat ik het onderwerp niet ter sprake heb gebracht toen wij elkaar ontmoetten. Daar ga ik niet over beginnen, dacht ik, want stel dat het zo is, dan wil ik het niet horen. Ik zou het echt heel erg zonde vinden, want Marleen is een van onze grootste auteurs."

Heeft ze uw film gezien?
"Nee, deze film gaat ze of nooit zien of heel misschien over een heel lange tijd. Ik kan me dat goed voorstellen; als je een project verlaat, is dat altijd traumatisch."

"De films waarbij ik in Hollywood betrokken ben geweest, heb ik op een na niet gezien. Alleen Spy Game, jaren later; er zat nog wel een scène in die ik heb geschreven, maar verder was het vrij onherkenbaar."

Heeft u spijt dat u uit bepaalde projecten bent gestapt?
"Dat valt wel mee. Mijn accountant wel." Hij lacht.

Maar serieus?
"Er is één film waar ik spijt van heb: Monster's ball. Die is net als Finding Neverland geregisseerd door de Zwitser Marc Forster, maar voor beide projecten was ik de eerste keuze. Later heeft Forster Quantum of solace geregisseerd, de tweede James Bondfilm met Daniel Craig die overigens niet zo geweldig was, maar dat doet er niet toe."

"Ik heb eens een interview gelezen waarin Forster de vraag hoe het toch komt dat hij opeens een James Bondfilm regisseerde, beantwoordde met: omdat andere regisseurs de films die ik heb gedaan niet wilden doen."

"Ja, van Monster's Ball heb ik wel spijt. Dat was een echte Mike van Diemfilm. Ik heb het om de verkeerde redenen niet gedaan. Het was een van de eerste films die me na Karakter werden aangeboden in Hollywood en ik dacht: dat wordt weer zo'n donkere film en dan zit ik voor altijd in het donkere hoekje."

Beslist u dat soort dingen helemaal alleen?
"Ja, dat besliste ik veel te vaak alleen. Amerikaanse managers en agenten durven daar helemaal niets van te zeggen."

En vrienden of familie?
"Nee, die ook niet. Maar echt, ik heb geen spijt dat ik zo weinig films heb gemaakt. Maar ik sta nu te popelen om weer iets nieuws te maken."

Heeft u weleens een andere carrière overwogen?
"Nee. Toen ik als jongetje uit de provincie eenmaal was gevallen voor film, heb ik nooit iets anders gewild. Dat was pas heel laat, want ik woonde in Limburg en daar draaide nooit iets. Toen ik zestien was, werd een arthouseje geopend in het dorp verderop, Geleen. Daar zag ik kort achter elkaar vier geweldige films - Les Valseuses met Isabelle Huppert en de fantastische Patrick Dewaere, Pat Garrett & Billy the Kid van Sam Peckinpah, Amarcord van Fellini en George Lucas' American Graffiti - en was ik verkocht. Toen ging ik recensies lezen van films die nooit in Limburg kwamen; daardoor werd ik een soort filmexpert zonder die films te hebben gezien."

Kijkt u uit naar de première op het Nederlands Film Festival?
"Nee." Hij lacht lang.

"Vroeger was het veel erger. Dan vroegen mijn vrienden waarom ze niet waren uitgenodigd voor mijn film en zei ik: ik kom toch ook niet bij jou op kantoor over je schouder meekijken."

Beeld Martin Dijkstra

Enig idee waar dat ongemakkelijke bij u vandaan komt?
"Nee, maar als iemand mij vraagt wat ik doe, voel ik mijn stem nog altijd een beetje naar beneden gaan voordat ik een beetje besmuikt antwoord dat ik filmregisseur ben. Misschien komt het doordat mijn eerste films behoorlijk zijn gekraakt; zowel Alaska als Karakter kreeg behoorlijk negatieve recensies."

U won er vervolgens Oscars mee...
"Karakter werd in Het Parool volledig de grond ingeschreven. Vervolgens draaide ie 56 weken in Amsterdam. En kon je dus 56 weken in de agenda lezen dat er niks van deugde. Ik weet niet of succes de best revenge is, maar het hielp wel."

Voordat u naar de Filmacademie ging, heeft u ook filmrecensies geschreven.
"Ja, voor de Wegenerkranten. Ik heb de meest verschrikkelijke dingen geschreven, ook over Nederlandse films en filmmakers. Ik heb een film van Adriaan Ditvoorst - God hebbe zijn ziel - op een heel foute manier de grond in geschreven. Ik mocht ook met De Telegraaf en het AD naar Londen en Parijs voor van die interviewtjes..."

"Dat heb ik veel gedaan; ik wilde in de film en er waren mensen die ik graag wilde ontmoeten. En ik schreef setverslagen. Omdat ik wilde zien hoe het daar toeging. Dan belde ik cameraman Theo van de Sande en zei ik dat ik hem een dag kwam volgen op de set van De aanslag. Daar stond ik 's ochtends als de vrachtwagens werden uitgeladen. En ik ging 's avonds als laatste weg. Daar heb ik veel van geleerd; ik heb het dagenlang zien misgaan."

Over leren gesproken; kijkt u uw eigen films weleens terug?
"Ik ben één keer in Karakter blijven hangen. Dat beviel me heel erg goed."

Ziet u verder veel films?
"Ja, ik kijk bijna elke dag wel een film. Ik heb thuis een collectie van 3000 films en ik leen veel bij de Openbare Bibliotheek. Oude en zogenaamde nieuwe; ik kijk films altijd als ze zijn afgekoeld. Omdat ik het bijna altijd zonde vind om zo'n gehypete film te kijken. Het ergste wat je mij kunt aandoen, is zeggen: deze film moét je zien. Dan heb je zelfs kans dat ik twee jaar wacht in plaats van een jaar."

Bent u echt zo dwars?
"Ik heb Gravity direct gezien. En de nieuwe Mad Max ben ik ook meteen gaan kijken. En Dunkirk... Maar La la land heb ik drie weken geleden pas gezien; hartstikke leuk, maar dat was niet leuker geweest als ik er meteen naartoe was gegaan. Moonlight moet ik ook nog zien..."

Droomt u nog weleens van een Amerikaanse film?
"Ja, als er iets moois langskomt; een Monster's ball... iets waarvan mijn gut feeling zegt: dit is iets voor mij. Of: hier kan ik iets van maken. Want Tulipani heeft mij best wel veel zelfvertrouwen gegeven dat je met veel slimmigheid en bluf behoorlijk ver kunt komen."

Tulipani: liefde, eer en een fiets opent woensdag 20 september het Nederlands Film Festival en is een dag later in de reguliere bio­scopen te zien.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden