Plus

Met haar koopwoede vulde tsarina Catharina de Hermitage

Dit weekend opent in de Hermitage Amsterdam een tentoonstelling over Catharina de Grote (1729-1796). De koopwoede van de tsarina leidde tot een ongekende kunstverzameling in de Hermitage in Sint-Petersburg.

Portret van Catharina de Grote Beeld State Hermitage Museum, St Petersburg

Aleksej Larionov heeft een tekening van Rembrandt in zijn handen. In zijn blote handen. Geen handschoenen! Met handschoenen aan heb je geen contact met het papier, zodat het niet beschadigd kan worden.

Op een zolder van de Hermitage in Sint-Petersburg zet Larionov, curator Nederlandse, Vlaamse en Duitse tekeningen, de Rembrandt op een standaard. We zien een figuur, getekend in rood krijt. Een Poolse officier is het, getekend in 1630 of 1631. Catharina de Grote kocht de tekening, en het is niet de enige Rembrandt in het bezit van de Hermitage. Het museum bezit een van de grootste collecties schilderijen van Rembrandt.

In 1764 liet Catharina een klein museum aan het imposante winterpaleis in Sint-Petersburg bouwen die de Kleine Hermitage werd genoemd (later werden delen van het paleiscomplex bij het museum getrokken en ook delen aangebouwd). In dat gebouw waren meteen een aantal Rembrandts te zien uit de eerste grote aankoop van Catharina.

Frans Hals en Jan Steen
Dertien om precies te zijn. Jammer genoeg nog niet voor 'het publiek', want Catharina de Grote hield de schilderijen voor zichzelf. (Het museum werd onder tsaar Nicolaas I in 1852 pas voor het publiek opengesteld.) Naast werken van onder anderen Peter Paul Rubens, Anthony van Dyck, Hendrick Goltzius, Frans Hals, Jan Steen, Hans Holbein de Oude en Titiaan.

Catharina de Grote kocht al die werken, 317 doeken, in één keer. Ze behoorden tot de collectie van de Berlijnse handelaar Johann Ernst Gotzkowsky. Hij was in financiële moeilijkheden geraakt door het opkopen van Russisch graan (en van slechte kwaliteit en te duur). Om een faillissement te voorkomen 'schonk' hij die honderden schilderijen in 1764 aan Rusland. Het was het begin van de nu immense collectie van de Hermitage (meer dan drie miljoen objecten).

Liefst grote partijen
Catharina de Grote gaf veel geld uit aan kunst. Ze ging niet echt bedachtzaam te werk, maar kocht het liefst grote partijen. Duidelijk met het doel voor ogen meteen de basis voor een imponerende verzameling te leggen.

Ze had bij elke belangrijke veiling in Europa een afgezant die kunst voor haar aankocht. Ook via bevriende, buitenlandse bemiddelaars wist ze veel kunst 'los' te krijgen. Dat ze door die koopziekte mensen de ogen uitstak, kon haar niet schelen. Ook protesten uit landen waar de collecties al lang tot een soort nationaal bezit behoorden, raakten haar niet.

Ze zou in twintig jaar liefst vierduizend schilderijen kopen. Van een uitgesproken smaak kan dan ook niet worden gesproken als het om de verzamelde kunst van Catharina de Grote ging. Net zo lief een Titiaan als een Frans Hals. Al dat kopen van kunst was ook een vorm van propaganda. Haar gasten probeerde ze te imponeren met prestigieuze kunst, haar land op te stuwen in de vaart der volkeren. Ze had het idee dat het haar beeld als verlicht vorstin zou sterken.

In 1769 kocht ze zeshonderd schilderijen van Heinrich von Brühl, (waaronder een aantal Rembrandts). Nog meer Rembrandts zou ze hebben vergaard als niet in 1771 een schip met aankopen uit de vermaarde collectie van de Amsterdamse kunstverzamelaar Gerrit Braamcamp (tevens een van de belangrijkste kooplieden van de stad) in de Oostzee was vergaan.

Weer een Rembrandt
In 1772 regelde haar kennis, de Franse schrijver-­filosoof Denis Diderot, de aankoop van de collectie Pierre Crozat (weer een Rembrandt, een
Rubens). En in 1779 kocht ze de collectie van Sir Horace Walpole (Frans Hals, Velazquez) en daarna nog een aantal collecties, waardoor haar privémuseum meteen al een topmuseum was.

Op de expositie in Amsterdam zijn geen Rembrandts te zien, wel werken van onder anderen Van Dyck, François Boucher en Anton Raphael Mengs. Ook de Poolse officier van Rembrandt zal niet te zien zijn, evenmin als de prachtige tekening van Albrecht Dürer die Larionov haast achteloos tegen de Rembrandt zet. Sommige werken komen de Hermitage nu eenmaal niet uit. In Amsterdam zijn mooie tekeningen te zien van Jacob Jordaens, Paolo Veronese en Boucher.

Catharina verzamelde ook objecten als snuifdozen, cameeën en beeldhouwwerken. In Amsterdam zijn persoonlijke bezittingen te zien, waaronder japonnen, sieraden en een koets. En portretten van vrienden en geliefden. En natuurlijk van haarzelf: Catharina de Grote.

Dit is deel 3 uit een serie naar aanleiding van de expositie Catharina de Grootste. Zelfgeslepen diamant van de Hermitage, vanaf 18/6 in de Hermitage Amsterdam. Lees hier het eerste en tweede deel in de serie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden