PlusBoekrecensie

Meneer Droste van het Kinderboekenmuseum gaat over de magie van schrijven

Meneer Droste van het Kinderboekenmuseum. Beeld -
Meneer Droste van het Kinderboekenmuseum.Beeld -

Als het museum ’s avonds dichtgaat, loopt hij naar binnen, en als het ’s ochtends opengaat, loopt hij naar buiten. Hij heeft geen uniform,maar wel een pet waarop met gouddraad KBM is geborduurd. De opa van Tiuri is nachtwaker in het Kinderboekenmuseum. En als Tiuri eindelijk een keer ’s nachts mee mag naar het museum om te zien wat zijn opa daar doet, ontdekt hij een verborgen verdriet: opa is bang dat hij na zijn pensionering in vergetelheid zal raken. Daarom heeft hij geprobeerd zelf een kinderboek te schrijven, opdat hij in ‘zijn’ museum als schrijver zal worden opgenomen. Maar: dat lukte niet.

Opa is Meneer Droste in Meneer Droste van het Kinderboekenmuseum en die naam is niet toevallig in een boek over het schrijven van een boek dat gaat over het schrijven van een boek. ‘Als je in het museum wil komen, kun je beter iemand zijn in een boek dan de schrijver van een boek,’ zegt Tiuri tegen zijn opa. ‘Ik bedoel, iedereen weet wie Pinokkio is, wie Harry Potter is, wie Madelief is, wie Dolfje is, wie Lampje is, wie Meester Jaap is, wie Kikker is, wie de kleine kapitein is, wie Jubelientje is, maar bijna niemand weet wie die boeken heeft geschreven.’

En zo wordt Meneer Droste dankzij listig ingrijpen van Tiuri personage in een kinderboek van zijn favoriete levende kinderboekenschrijver; de auteur van het verfilmde Het zakmes wiens naam in het boek onvermeld blijft maar die op het omslag prijkt. Zo goochelt Sjoerd Kuyper (en zijn uitgevers te Hoorn) zichzelf een boek in waarmee de liefde voor lezen én het 25-jarig jubileum van het in de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag gevestigde Kinderboekenmuseum worden gevierd.

Een vriend bij je hebben

Een boek ook dat een ode is aan de kinderliteratuur. Meneer Droste is eraan verslingerd geraakt na de dood van zijn vrouw Eline 24 jaar eerder. Om haar terug te roepen in zijn leven las hij haar boekencollectie; ze was onderwijzeres, ze hield van kinderen, maar ze hield het meest van kinderboeken – hun dochter heet niet voor niets Ronja en hun kleinzoon Tiuri.

‘Hij las vrolijke boeken, dierenverhalen, sprookjes, gedichten, boeken over vroeger en over de toekomst, griezelboeken, boeken over dood en verdriet (...)  Soms vielen er tranen op de bladzijde die hij las, maar daarna voelde hij zich opgelucht, getroost. Het is goed om verhalen te lezen over mensen die hetzelfde meemaken als jij en vertellen hoe ze zich daarbij voelen. Dan is het alsof je er opeens een vriend bij hebt. Meneer Droste begreep niet dat veel kinderen rond hun dertiende ophielden met lezen. Ze houden ermee op, dacht hij, net als ze boeken het hardst nodig hebben.’

Zoals de schrijver van Pinokkio onbenoemd blijft (‘Come on... een Italiaan.’), staat in het hele boek niet één naam van een schrijver, daaraan is een prijsvraag verbonden met als prijs een bezoek aan het Kinderboekenmuseum en een ontmoeting met Sjoerd Kuyper, zodra dat weer mogelijk is. Maar veel helden van vroeger komen voorbij, van Okkie Pepernoot, Arendsoog en De scheepjongens van Bontekoe tot Dikke Idde, van de ‘favoriete dode schrijver’ van Meneer Droste; een personage dat ook zomaar weer tot leven kan worden gewekt. Want, zo bespreekt de favoriete levende schrijver met Tiuri de ingrediënten van het boek over Meneer Droste, ‘in een boek kan alles’.

Tiuri’s verlanglijst: het moet een boek zijn waarin opa de held is; waarin staat wat opa in het museum heeft meegemaakt; waarin iets spannends gebeurt wat niet echt gebeurd is maar wel had kunnen gebeuren; een boek dat goed afloopt dus het mag op het eind op een sprookje lijken; en je moet erom kunnen lachen, want boeken waar geen gekte in zit, zijn volgens Meneer Droste waardeloze boeken.

null Beeld Illustraties: Sylvia Weve
Beeld Illustraties: Sylvia Weve

Allemaal in één bolletje

Vooral gaat Meneer Droste van het Kinderboekenmuseum over de magie van schrijven, en laat het aan meervoudig Griffelwinnaar Kuyper over om die inzichtelijk te maken. Als hij Tiuri laat hopen dat hij in die nacht in het Kinderboekenmuseum de schedel van een schrijver zal aantreffen, bijvoorbeeld, en die zal mogen vasthouden.

‘Dat je kon denken: deze lege schedel was eerst vol hersens, en die hersens waren vol gedachten, en in die hersens zat een plek waar de schrijver woorden maakte van die gedachten, en een plek waar hij de woorden in de goede volgorde zette, en een plek waar hij de woorden doorstuurde naar zijn hand, zodat hij ze op kon schrijven, en ook een plekje voor praktische dingen: dat hij eerst naar de winkel moest om pennen en papier te kopen voor hij begon met schrijven, of een computer. Dat had allemaal in die schedel gezeten en daar waren misschien wel vijftig boeken uit gekomen. Een boek is een hele wereld. Vijftig werelden in een bol nog kleiner dan een voetbal! Je snapte niet dat het kon.’

Sjoerd Kuyper, Meneer Droste in Meneer Droste van het Kinderboekenmuseum, Geïllustreerd door Sylvia Weve.
Hoogland en Van Klaveren, €19,90 100blz. Beeld -
Sjoerd Kuyper, Meneer Droste in Meneer Droste van het Kinderboekenmuseum, Geïllustreerd door Sylvia Weve.Hoogland en Van Klaveren, €19,90 100blz.Beeld -
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden