Marjolijn de CocqBeeld Artur Krynicki

Meegezogen in het huiveringwekkende dagboek van Dimitri Verhulst

PlusMarjolijn de Cocq

Toen bekend werd dat Dimitri Verhulst alle interviews over zijn nieuwe boek Onze verslaggever in de leegte had afgezegd na de commotie die was ontstaan na het eerste in Humo, dacht ik: hoe is het mogelijk? Hoe is het mogelijk dat hij en zijn uitgeverij Pluim niet hadden voorzien dat de pers aan de haal zou gaan met het verhaal dat hij ten onrechte was beschuldigd van verkrachting en daarna de zelfkant van het leven had opgezocht – het ‘grote zuipen en snuiven’. Want het is nogal een verhaal.

Verhulst was overweldigd, liet Pluim weten, door de publiciteit die in Vlaanderen op gang was gekomen en de sensatiebeluste koppen in kranten na het Humo-interview. In zijn dagboek schrijft Verhulst over zijn vlucht in alles waarin te vluchten valt. “Onze verslaggever in de leegte is het eerste non-fictiewerk van Dimitri Verhulst – een intiem en confronterend eerlijk boek. Iedereen die het leest, zal de pijn begrijpen die hij nu opnieuw moet ondergaan,” reageerde uitgever Mizzi van der Pluijm. “Maar verrast zijn we niet. We hebben van tevoren alle scenario’s overwogen.”

Nu ik Verhulsts ongedateerde dagboeken heb gelezen, ik moet het Van der Pluijm nageven, begrijp ik die pijn. Vanaf de eerste bladzijde zuigt Verhulst je mee zijn huiveringwekkende leegte in waarin ‘dealers in alle steden zijn aard herkennen’ en hij thuis is bij ‘de ondergrond van de grootstad’. Zijn neusgaten gezandstraald, zijn lever aan de bak als een waterzuiveringsstation, de geur van de ondergang in zijn adem en huid, zijn notities een ‘zelfbeklaagzang in kots kruis mineur’.

Pas aan het eind, als een deus ex machina, die ‘confessie van een onschuld’ – de onterechte en geseponeerde beschuldiging van verkrachting die zijn grote geheim werd. ‘Toen ik de vernedering onderging mij te moeten verantwoorden voor iets was ik niet had gedaan (...) Toen ik vreesde dat deze gruwelijke grap de krant zou halen en ik mij had op te knopen, omdat mijn leven toch voorbij zou zijn, mijn geloofwaardigheid, omdat de massa daadwerkelijk gelooft dat er vuur moet zijn daar waar het rookt.’

Er is wat je kunt lezen als een happy end. Een nieuwe, grote liefde, een nieuw leven in de Franse velden. Hij zag Onze verslaggever in de leegte meer als een verhaal van een weder­opstanding dan van een ondergang, zei Verhulst in Humo. “Het gaat om het herstel van het geloof in veel dingen. Alleen het geloof in mezelf hobbelt nog wat achterop.”

Maar dát wilde dan weer niemand weten.

Ik blader terug, naar zijn woorden over angst. Angst voor de argwaan. Angst voor pek en veren. Angst voor persmuskieten. Ik denk aan die krantenkoppen, aan mijn eigen eerste reflex – en het wordt me kil om het hart.

Marjolijn de Cocq is chef boeken bij Het Parool. Reageren? m.decocq@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden