Plus

Mart Smeets: Ik ben een heel eind akkoord met mezelf

In 'Aan de meet' beschrijft Mart Smeets (69), scheidend wieler-commentator bij de NOS, de 27 wielrenners die zijn carrière maakten tot wat hij is. Zijn laatste wielerboek. Zegt hij.

Mart Smeets Beeld Dingena Mol

Mart Smeets tutoyeren, kan dat zomaar? Hoe dan ook: het gebeurt, min of meer per ongeluk, bij binnenkomst in café Margaux, aan het Spaarne in Haarlem. "Dat is typisch voor de jonge generatie. Ik ben gewend om iedereen met u aan te spreken."

Is dat een verschil in beschaafdheid?
"In leeftijd. Ja, het staat ook voor beschaving als je mensen met 'u' aanspreekt. Het heeft te maken met andere opvattingen over wat kan en wat niet kan. Ik spreek negentienjarigen ook met 'u' aan als ik ze niet ken. Later kan je dan eventueel over gaan op 'je' en 'jij'."

Tegen de fotograaf: "Wij begonnen allebei met u, toch?"

Zullen we opnieuw beginnen?
"Nee, we gaan het hebben over Aan de meet."

Het is het laatste wielerboek van Smeets. Althans, dat zegt hij. Enige symboliek is Smeets niet vreemd: Aan de meet is zijn afscheid van het peloton, zoals hij het in 43 jaar verslaggeving is tegengekomen.

In april bereikte ook hij de eindstreep - de Amstel Gold Race was de laatste wielerwedstrijd die hij versloeg voor de NOS. Dat ontneemt hem echter niet de mogelijkheid om met warmte en een romantische inslag over het peloton te praten.

Een glinstering in de ogen bij verhalen over Gerrit Solleveld en Gerrie Knetemann. Uitgesproken en keihard over Aleksandr Vinokoerov. En gereserveerd, enigszins op zijn hoede, over Lance Armstrong.

Hoeveel mensen bladeren meteen naar pagina 237, het stuk over Lance Armstrong, denkt u?
"Dat weet ik niet. Als ik een boek ga lezen, begin ik bij pagina één."

Bij het lezen van het boek zie ik in gedachten u aan uw schrijftafel - bijkans bezwijkend van melancholie.
"Ik heb die gevoelens ook zeker gehad tijdens het schrijven. Bijvoorbeeld bij het hoofdstuk over Gerrie Knetemann. Ik was heel gek op Kneet. En hij op mij. Wat een bijzondere man was dat.

Uiteindelijk is het boek een merkwaardige verzameling van portretten geworden, waarin ik voor sommige mensen ontzettend veel liefde en warmte toon. Er zitten ook een hoop boeven tussen. Zoals Richard Virenque, een straatboef die liegen tot een watermerk van zijn bestaan heeft gemaakt.

Ik kom aan zijn verhaal omdat hij in de Amstel Gold Race aan onze motor hing om terug te komen nadat hij op achterstand was gereden - een ontzettende plurkenstreek. Aan het einde van de dag kwam hij naar me toe om zijn excuses aan te bieden.

Dat verwacht je niet, een plurk met manieren. Eigenlijk is dat de grootste gemene deler van alles wat zich in het wielrennen afspeelt. Alles eindigt met een sorry."

Gaan we het over doping hebben?
"Een collega van je zei al tegen mij: waarschijnlijk moet je over tien jaar alsnog een extra boek schrijven, want dan weten sommige renners zich toch weer iets meer te herinneren. Doping hoort bij topsport. Niet alleen bij wielrennen. En altijd zeggen ze weer sorry."

Heeft het, nu u terugkijkt, voor u persoonlijk - als ceremoniemeester van het wielrenfeestje - veel verziekt?
"Een substantieel deel van mijn gedachten over wielrennen is daar door afgebrokkeld. Dat lijkt me logisch. Maar ik begrijp waarom Boogerd het gedaan heeft. Ik begrijp ook waarom Ulrich en Armstrong het hebben gedaan. Puur en alleen om te winnen. Ik neem ze alleen kwalijk dat ze voortdurend hebben gejokt.

Dat Lance mij op een gegeven moment nog persoonlijk ging toespreken vanuit Texas, dat hoefde van mij niet. Het is niet netjes zoals hij zijn zwaktes aan ons toonde.

Weet je nog dat hij zich liet fotograferen met zijn zeven gele truien? Een provocatie van jewelste. Daar kwam een grapje overheen van Paul de Leeuw, waarbij de gele truien waren vervangen door Noorse truien. Het werd aan mij opgehangen."

Het is u altijd verweten dat u niet hard genoeg uw best deed om doping boven tafel te krijgen.
"Ik heb al vaker gezegd: je moet hard straffen. Zodat de volgende generaties zien dat ze het niet moeten doen. Die generatie 1990-2008 is een totaal vergiftigde groep. Daar was het geaccepteerd: net zoals je lucht pompt in je banden, nam je wat mee voor onderweg.

Spraken ze daarover? Nee, natuurlijk niet. En zelfs nu: als je iedereen uit het peloton en uit de wagens met ploegleiders haalt die hetzelfde heeft gedaan als Boogerd, wordt het rustig hoor. Maar jij en ik krijgen dat niet boven tafel."

Is het dan erg dat Mart Smeets besodemieterd wordt?
"Nee dat is het niet. Maar ik ben de schietschijf voor het grote publiek geworden. Ik heb daar veel last van gehad. Doodsbedreigingen. Belachelijke dingen.

Over de keren dat ik Zoetemelk, Theunisse en Merckx als primeur met een dopingverhaal opvoerde, hoor je niemand. Dat heet selectief geheugen. Afijn, laten we hierover ophouden."

Hoe voelt u zich bij de manier waarop u nu, aan het einde van uw NOS-carrière, op het schild wordt gehesen? Bij de Amstel Gold Race ging het bijna alleen over uw afscheid, De wereld draait door brengt u 9 juni een saluut, en NOS-directeur Jan de Jong noemde u 'de Johan Cruijff onder de sportpresentatoren' en 'de beste presentator die de NOS ooit gehad heeft'. "
Dat is reëel."

Omdat?
"Ik word in januari zeventig. Als ik over straat loop: iedereen boven de dertig weet wie ik ben en onder de twintig heeft geen idee. Ik heb 43 jaar lang dat televisiebeeld vergiftigd en neem nu afscheid, dat is alles."

Bent u bang uw relevantie te verliezen?
"Je relevantie wordt hier ingepakt als je met pensioen gaat. Dan maakt men voor je uit dat je uit dienst moet. Volstrekte idioterie. Dus de relevantie ontnemen ze je."

U heeft het nog een tijdje weten te rekken.
"Dat zou je kunnen zeggen. Maar ik ben zo liberaal in mijn gedachten dat ik deze uitwassen van de sociaaldemocratie - waar ik overigens in geloof - belachelijk vind. Een dokter die op zijn 64ste nog fantastisch opereert mag dat niet meer omdat je op je 65ste gepensioneerd moet zijn.

Dat is toch onzin? Daar heb ik me wel een tijdje boos over gemaakt. Zal ik niet meer doen. Ik geef toe, ik nader het einde. En ik vind het niet erg. Ik ben er open in. Ik kan niet meer de overkant van de sloot halen als ik moet plassen. Ik ben allang blij als het over de punten van mijn schoenen komt."

Maar stilzitten is niks voor u, lijkt me.
"Dat hoeft ook niet. Ik hoop commentaar te blijven geven bij basketbal op Ziggo en ik heb een boek over Amerika in mijn hoofd. Werktitel: Mijn Amerika. Over hoe ik tegen het land aan kijk, heel privé. Veel muziek.

Ik snap de ongelijkheid in alles in dat land niet, daar wil ik over schrijven. Er zit ook nog ergens een roman in mijn hoofd, al jaren. Ik weet niet of ik dat kan - dus ja, ook ik ken twijfel.

Die zou moeten gaan over een basketbalploeg en de intermenselijke verhoudingen tussen de spelers. Waarbij een van hen de vrouw van een medespeler bemint."

U trekt zich terug op uw schrijfkamer?
"Nee hoor. Ik ben ook een van de ouwe lullen die radio gaat maken voor 40up, de nieuwe zender van Harry de Winter. En de kans bestaat dat ik leuke filmpjes ga maken voor producers die een idee waarin ik centraal sta willen aanbieden bij omroepen."

U vertelde eens dat u een aanbod kreeg van Ziggo om anchor te worden bij de sportuitzendingen. Dat sloeg u af.
"Een ander recent voorbeeld: RTL bood mij de presentatie aan van een wielerprogramma tijdens de Tour. Daar heb ik even over nagedacht. Ik vond het niet chic ten opzichte van mijn collega's bij de NOS. Het moet niet 'opa wil nog zo graag''worden. Werken? Graag. Dat zal ongetwijfeld in een wat aangepaste vorm worden. Aangepast aan wat het lichaam en de geest toelaten."

Diepe zucht.

Dan: "Ik ben een heel eind akkoord met mezelf. Ik heb er even over gedaan om met mezelf in het reine te komen, maar dat is gelukt. Ik heb volledig vrede met dit afscheid. Met de Amstel Gold Race als laatste wielerwedstrijd en met basketbal in Rio als laatste optreden voor de NOS. Na afloop drinken we een biertje, daarna ga ik naar huis en dat is dat."

Mart Smeets: Aan de meet. Uitgeverij De Kring. €16,50

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden