Plus

Maarten Ducrot: 'Ik weet hoe het voelt als je met je gezicht op het asfalt ligt'

Wielrennen verveelt nooit, vindt NOS-verslaggever Maarten Ducrot. Wel ergert hij zich aan de 'meningpoeperij' van collega-verslaggevers. 'Het wordt steeds meer olalajournalistiek.'

Maarten Ducrot: 'Ik heb geen hoge pet op van de Skyploeg: ze vertonen ethisch laakbaar gedrag en ik vind dat ze aan koersvervalsing doen.' Beeld Rogier van 't Slot

En dan valt hij opeens stil. "Goeie vraag," stamelt hij. Anderhalf uur lang is Maarten Ducrot (59) bijna onophoudelijk aan het woord geweest. "Als ik mijn gelijk niet krijg, wil ik nog weleens gaan drammen," waarschuwde hij al aan het begin van het interview. Maar als hem gevraagd wordt waarom de NOS nauwelijks onderzoek doet naar dopinggebruik in het peloton, valt hij even stil.

"Het wringt af en toe. De NOS moet verslag doen van wat er gebeurt in de koers, dat is onze kerntaak. We kijken niet weg bij het onderwerp doping, maar we gaan het er ook niet een uur lang over hebben op tv. En het echte graven, dat is eerder iets voor onderzoeksjournalisten."

Als veertien jaar doet Ducrot voor de NOS verslag van het wielrennen. De mooiste baan die er bestaat, vindt hij zelf. Uren-, dagen-, wekenlang zit hij met Herbert Dijkstra in krappe commentaarhokjes aan de finishlijn. Maar denk niet dat ze lukraak maar wat in de verte ouwehoeren. "Zeker met die lange etappes in de Tour denken we na over de opbouw van zo'n uitzending. Je wil niet al je kruit verschieten in de eerste twee uur."

"Wielerverslaggevers vervullen ruwweg vier rollen. Je bent de circusdirecteur, die de kijker welkom heet. 'Hooggeëerd publiek, welkom bij de 104de editie van Luik-Bastenaken-Luik!' Mart Smeets kon dat fantastisch goed. Daarnaast vervul je de rol van journalist: degene die alles weet en de laatste nieuwtjes heeft. Dan ben je ook nog de analist en de verhalenverteller. Die laatste twee rollen vervul ik, Herbert is meer de spreekstalmeester en de journalist."

Daarom weidt hij zo uit over elk chateau langs de route.
"Daar heeft hij een bloedhekel aan! Ik pest hem er altijd mee tijdens de uitzending. 'Vertel jij nou eens iets over dit kasteeltje,' zeg ik dan. Maar ons publiek bestaat ook uit mensen die het landschap heel belangrijk vinden en de koers als bijzaak zien."

Heeft u een beeld van wie die kijkers zijn?
"Het publiek vergrijst snel en neemt af. Dat heeft met een aantal dingen te maken. De Tour slokt bijna alle aandacht op; dat gaat ten koste van de klassiekers en de Giro en Vuelta. Jongeren kijken bovendien vaker online naar bijvoorbeeld BMX'en. Die gaan echt niet meer vier uur lang kijken naar een peloton dat rustig door het landschap rijdt."

Waarom zenden jullie het dan vier uur uit?
"Daar heb ik me ook wel over beklaagd bij de NOS, maar er is beeld en dus zenden we het uit. We hebben een team dat prachtige filmpjes maakt die we tussendoor laten zien. En met omlijstende programma's maken we het toch nog interessant."

Zijn jullie ook weleens tien minuten stil?
"Zeker. Soms is het beter af en toe je kop te houden. Af en toe vertel je een anekdote, soms komt er een kasteeltje voorbij, zo komt er rust in de uitzending. En dan richting de finish, als de spanning toeneemt, gaat de toon omhoog."

Ducrot kan nog steeds opgewonden raken van het wielrennen. Als hij het over de overwinning van Vincenzo Nibali in Milaan-San Remo van vorige week heeft, gaat zijn stem omhoog. "Potverdorie, dan rijdt hij dat hele peloton vol lafbekken eraf op de laatste klim. De hele dag was er geen enkele aanval en dan legt hij ze er allemaal op. Nog nooit vertoond!"

Hij klapt hard in zijn handen om zijn woorden kracht bij te zetten, zijn honden schrikken ervan. Buiten staan zijn twee paarden te grazen, vanmiddag moeten ze weer bereden worden. Vanochtend liep Ducrot nog met kruiwagens heen en weer te sjouwen. Sinds hij in een verbouwde boerderij in de Bommelerwaard woont, is hij een halve boer geworden.

"Ik heb eelt op mijn handen, ben gespierder dan ooit. Ik moet eiwitshakes eten om alle energie die ik verbruik aan te vullen," zegt de man die als renner de bijnaam 'de koning van Biafra' had, omdat hij alles at en toch graatmager bleef.

Ducrot won in 1985 een Touretappe en miste in 1984 op 9 seconden een bronzen olympische medaille bij de ploegentijdrit. "Met jouw benen had ik veel meer gewonnen," zei Jan Raas eens tegen me. Ik was niet streetwise genoeg, liet me de kaas van het brood eten. Dezelfde naïviteit helpt mij echter in mijn huidige werk; daardoor blijf ik me verbazen en me afvragen waarom dingen gaan zoals ze gaan."

Voelt u zich meer oud-renner of journalist?
"Doordat ik weet wat nodig is om te winnen, hoe het voelt als je met je gezicht op het asfalt ligt en hoe bang je kunt zijn als je midden in een op hol geslagen peloton rijdt, zal ik nooit badinerend doen over de renners. Ik ben er zelf geweest, heb het spel gespeeld."

En niet alleen maar volgens de regels.
"In 2000 heb ik verteld dat ik tijdens mijn carrière verboden middelen heb gebruikt. Althans: toen waren die middelen nog niet verboden, pas later kwam ze op de dopinglijst terecht."

Dus was het geen doping?
"Zeg het maar."

Voelde het toen als dopinggebruik?
"Absoluut niet."

Maar u zette spuiten in uw lijf, dat kan toch niet goed hebben gevoeld?
"Toen vond ik dat prima. De infusen met suiker vond ik veel erger. Dan kwam je op je hotel­kamer, trok je het schilderijtje van de muur, zak eraan en hop, infuus erin. Mijn moeder moest me nu eens zien zitten, dacht ik dan. Het was binnen de regels, maar ethisch klopte het niet."

Een grijs gebied.
"Wat we verstaan onder doping wordt bepaald door de regels. Op dit moment zijn de regels zo streng dat er voortdurend angst is bij de renners. Die controlezucht zie je ook terug in de maatschappij, ik merk het in mijn werk als organisatieadviseur. Niet voor niets zijn zo veel mensen overspannen. We reguleren alles kapot, mensen denken niet meer zelf na omdat ze als de dood zijn om iets te doen wat buiten de regels valt."

Dat lijkt mij precies waarvoor regels bedoeld zijn.
"Maar het rennersperspectief is totaal anders. Wat Chris Froome nu meemaakt, is volstrekt verklaarbaar vanuit het perspectief van de renner. In het wielrennen heb je een reglementenboek en als je daarbinnen blijft ben je goed ­bezig."

Het ziet ernaar uit dat hij juist niet binnen dat reglementenboek is gebleven.
"Als dat is vastgesteld, moet hij geschorst worden. Maar voorlopig is dat niet vastgesteld. Ik heb geen hoge pet op van de Skyploeg: ze vertonen ethisch laakbaar gedrag en ik vind dat ze aan koersvervalsing doen door alle concurrenten te kopen. Dat verhaal moet je vertellen. Maar als het over - al dan niet - dopinggebruik van Froome gaat wacht ik liever eerst op de feiten dan mee te gaan in olalajournalistiek."

Wat bedoelt u daarmee?
"Journalisten moeten vertellen wat er aan de hand is. Wat is het verhaal, waarom zien we wat we zien? De mensen kunnen dan goed geïnformeerd zelf wel bepalen wat ze ervan vinden. Hebben ze mij echt niet voor nodig. Wat we nu zien is dat veel journalisten alleen maar meninkjes spuien. Dat genereert aandacht, maar heeft niets met journalistiek te maken."

Als er evident wordt valsgespeeld, mag dat toch wel benoemd worden?
"Natuurlijk, en als Sky de kluit heeft belazerd zal er straf volgen. Maar er is nog niet vast­gesteld dat regels zijn overtreden. Dat zijn de feiten die je als journalist moet uitleggen. Wat moet ik met al die meningpoeperij?

Doelt u dan bijvoorbeeld op Thijs Zonneveld?
"Ik vind Thijs een leuke jonge gast, maar het enige wat hij doet, is meningen geven. Hij pretendeert te weten hoe het zit en dat is niet zo. Hij vindt op zijn beurt dat ik de roze olifant die in de kamer staat negeer."

Heeft hij geen punt, met de affaire-Armstrong nog in het achterhoofd?
"Ik heb in 2005 al gezegd dat Armstrong de boel belazerde en het peloton manipuleerde. Dat kon ik waarnemen. 'Hij deugt niet, hij is trailer trash,' zei ik, en dat heb ik ook opgeschreven."

Beeld Rogier van 't Slot

"In 2007 stond op de voorpagina van de Franse krant L'Equipe al dat Armstrong doping gebruikte. Dat heb ik verteld op televisie. Wat kan ik dan nog meer doen?"

Nou?
"Ik weet het niet. Daar wringen ook een beetje de rollen van journalist en die van ceremoniemeester. Wij maken de show en mensen kijken wielrennen omdat ze willen genieten van een mooie koers."

Onthoudt u alle wedstrijden?
"Ik heb een ontzettend goed geheugen voor verhalen. Feitjes vind ik lastiger te onthouden, maar het koersverloop van een willekeurige klassieker van 15 jaar geleden kan ik moeiteloos oplepelen."

"Omdat ik het voor me zie: die renner reed toen voor die ploeg en viel toen op die plek aan. Elke koers heeft een eigen verhaal, dat maakt de sport ook zo waanzinnig interessant. Voor de feitjes heb ik mijn eigen database aangelegd. Dat is mijn trots, ik ben de enige verslaggever die dit heeft."

Ducrot klapt zijn laptop open en toont zijn 'kindje': een database waarin van elke renner elke overwinning, ontsnapping of valpartij nauwkeurig is bijgehouden. Daarop kun je ook doorklikken, zodat je alle verhalen over val­partijen onder elkaar te zien krijgt.

Ieder thema, elke wetenswaardigheid of elk nieuwtje, alles staat in zijn computer. "Er komt altijd een moment tijdens de koers dat je die verhalen weer kunt gebruiken. Dat geeft zoveel meer diepgang aan het commentaar."

Gaat het nooit vervelen, elk jaar weer diezelfde wedstrijden?
"Nee, ik ben altijd weer nieuwsgierig hoe het verhaal van de koers zich ontrolt."

Ik ook, daarom kijk ik ook al 30 jaar bijna alles.
"En dat vertel je nu pas? Je houdt je al het hele interview al van de domme, linkebal! Je kijkt hopelijk toch niet op de Belg toch?"

Nee hoor, gewoon keurig bij de NOS. Behalve de Ronde van Vlaanderen dan.
"Dat snap ik wel. Je gaat ook niet op de Belg naar de Elfstedentocht kijken."

Opgebiecht

Leermeester "Mart Smeets. Hij leerde mij om altijd op zoek te gaan naar het achterliggende verhaal en dat te vertellen. Mart heeft zelf altijd een verhaal paraat."

De beste uit het vak "Raymond Kerckhoffs van De Telegraaf en Mark Misérus van de Volkskrant. Ze schrijven en schreven goed en gezond kritisch over wielrennen."

De slechtste uit het vak "Verslaggevers die alles wat ze weten in een keer willen vertellen. Doseren is belangrijk."

Het beste advies gegeven "'Blijf dankbaar en koester je plek.' Ik beschouw het als een voorrecht dat ik commentaar mag geven en mijn visie op wielrennen mag delen met zo veel televisiekijkers."

Het slechtste advies "Neem een beleggingshypotheek, adviseerde een vriend mij eens. Gelukkig niet naar geluisterd."

Cv
Geboren
8 april 1958, Vlissingen

Opleiding
Stedelijk Gymnasium ­Middelburg (bèta)
sociale psychologie en economie, Universiteit Utrecht

Loopbaan
1985-1991: profwielrenner (won in 1985 een Touretappe).
1991-1996: bedrijf TopSupport, van Binnenuit Presteren voor sporters. Met Hans van Breukelen
1996-heden: organisatieadviesbureau Onder­nemers in Veranderingen
2004-heden: commentator wielrennen bij NOS

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden