PlusAchtergrond

Maakgemeenschap De Hoop is een ‘broedplaats extraordinaire’ in Zaandam

In Maakgemeenschap De Hoop zijn creatieven geen wegbereiders voor projectontwikkelaars, maar bouwen ze een blijvende plek. Samen en met een hoop doe-het-zelfpower.

De Hoop in Zaandam: 20.000 vierkante meter, met plaats voor 220 creatieven. Beeld Nosh Neneh

Het geluid van staal op staal klinkt door de hal, vermengd met het geknetter van lasapparatuur. De geur van soldeersel prikt door dat van vers gebrouwen koffie. Twee mannen kijken toe hoe hun printer opstart, terwijl verderop, voorbij de leerbewerkers, architecten en keramisten, iemand vegan powerbars in een vitrine legt en een yoga-instructrice uit een opgehangen hoepel glijdt. Welkom in Maakgemeenschap De Hoop, ‘broedplaats extraordinaire’ aan de industriële rafelrand van Zaandam, net over de grens van Amsterdam.

Toen Sjoerd Ruarus en Cyril Stom hier in oktober 2017 voor het eerst kwamen kijken, stond de voormalige kartonfabriek al jaren leeg. Ze hadden al enige ervaring met loodsen aan de Isolatorweg en de Distelweg, maar dit was een ander verhaal.

“Inclusief extra verdiepingen en buitenruimte heb je hier zo’n 20.000 vierkante meter – zo giga­groot dat het bijna niet is te verhuren aan een reguliere partij,” zegt Ruarus. “Iedereen verklaarde ons voor gek, maar de gemeenten Zaanstad en Amsterdam steunden ons, Bureau Broedplaatsen gaf subsidie en de Triodos Bank een lening.”

Crealisatie Coöperatie

Die steun hielp, maar het is vooral te danken aan de doe-het-zelfmentaliteit van de Crealisatie Coöperatie, zoals de initiatiefnemers zich noemen, dat de lege loods gevuld raakte met een compleet atelierdorp. Hier werken 220 creatieven – van beeldhouwers tot bakkers – in 168 ateliers. Die variëren van 18 tot 58 vierkante meter, met een paar uitschieters tot 100 en zelfs 200 vierkante meter.

“De ateliers zijn opgebouwd uit 2365 sandwichpanelen van gips, isolatiemateriaal en een afwerkingsplaat,” zegt Ruarus, die als industrieel ontwerper de interieurs voor onder andere InStock en Café Dapper ontwierp en realiseerde. “We hebben eerst de tijd genomen om een goede mal te ontwikkelen om zelf de panelen aan de lopende band te produceren. Een paneel assembleren we nu in zes minuten en een muur staat binnen een half uur. Wij zijn een not-for-profitorganisatie, dus als andere broedplaatsen het systeem willen overnemen, staat dat ze vrij.”

Eerst werden de ateliers langs de buitenmuur gebouwd, tweehoog om efficiënter gebruik te maken van de ruimte. De elektriciteitsleidingen werden gerecycled en omgelegd zodat elke werkplaats een eigen elektrometer en mogelijkheid tot krachtstroom heeft. “Ook dat scheelde zo anderhalve ton,” schat Ruarus. Daarna werd de binnenruimte volgebouwd zodat een overdekt dorp ontstond met vier lanen waar een vrachtwagen doorheen kan, vier straten, twee lange stegen en een bovengalerij met plein.

“Als je hier een atelier huurt, is dat casco. Er zit zelfs geen deur in. Wij geven je bouwbudget van 100 euro per strekkende meter om je eigen gevel neer te zetten. Een staalbewerker heeft er iets moois van gemaakt met draadglas. Iemand anders heeft deuren van een zeecontainer gebruikt. Zo krijgt de plek identiteit.”

Met huren tussen de 200 en 500 euro zijn dit niet de goedkoopste ateliers. Maar wel de compleetste, volgens Ruarus. Met een maandelijks abonnement hebben huurders toegang tot metaal-, hout-, textiel- en keramiekwerkplaatsen, vergaderruimte, opslag, assemblageruimtes, aanhangers en er zijn zelfs bedrijfsbussen.

Toch moet alles wat hier uit de grond is gestampt over vijf jaar waarschijnlijk weg. Tijdelijkheid is de schijnbaar ijzeren wetmatigheid van broedplaatsen, van Villa Friekens tot het onlangs ontruimde ADM-terrein. “Kunstenaars worden verwelkomd om verwaarloosde stukjes stad nieuw leven in te blazen, maar zodra dat is gelukt, gooien projectontwikkelaars alles plat om er dure appartementen te bouwen en moeten de kunstenaars weer op zoek naar een nieuw onderkomen.”

Uitvergroot lego

De Hoop ontworstelt zich aan die cyclus van plaatsmaken en gentrificatie. “Als wij eruit moeten, hebben wij eigen vermogen opgebouwd. Bovendien is 80 tot 90 procent van alles wat we hier hebben neergezet opnieuw te gebruiken – het is als uitvergroot lego. Tel daarbij op een bestand van 168 gegarandeerde huurders en je maakt goede kans bij een bank. Als wij hier weg moeten, willen we niet weer aan het infuus bij een verhuurder of gemeente. Dan worden we mooi zelf projectontwikkelaar!”

De nadruk ligt daarbij op ‘we’. De kracht van De Hoop zit in de gezamenlijkheid: iedereen draagt bij en is medeverantwoordelijk. Zo staken de eerste huurders 40 uur klusarbeid in het pand. “Nu we van bouwplaats naar echte broedplaats gaan, wordt huurders gevraagd 32 uur per jaar op een andere manier bij te dragen,” zegt community captain Steff van Seijen. “Iedereen sluit zich aan bij een gilde, van bijvoorbeeld houtbewerkers of keramisten. Zo leer je vakgenoten kennen. Samen bepaal je waar behoefte aan is, zoals een werkplaats met oven. Je zorgt dat die er komt en doet ook het onderhoud. Via een interne website weet iedereen elkaar te vinden. Het komt voor dat een artdirector een klus kan aannemen omdat de buurman metaal­bewerker is en verderop een textielontwerper zit die kan helpen met de kostuums.”

Vlak voor het uitbreken van de coronacrisis zou De Hoop de deuren openen voor de buitenwereld. Met een poppodium en een expositieruimte wil de gemeenschap ruimte geven aan lokaal talent en buurtbewoners. Dat gaat nu even niet door, maar er is wel een experimentele livestream – bedacht door iemand van het ­‘automationgilde’ – waarbij huurders hun maakproces online laten zien.

En voor je het weet staan er, zoals eerder, weer ambtelijke delegaties voor de deur. “We zijn een voorbeeldproject,” zegt Ruarus. “We maken het tijdelijke broedplaatsmodel duurzaam.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden