Plus

Lien de Jong werd na de oorlog verstoten door haar onderduikmoeder

Een hoogleraar in Oxford schreef het verhaal op van het Joodse meisje Lien de Jong dat in en na de oorlog werd opgenomen door zijn familie. The Cut Out Girl is een internationaal succes en verschijnt donderdag als Ver-geet-me-niet in het Nederlands. 'Ik ben er niet ongeschonden uitgekomen.'

Lien de Jong: 'Ik ben toch een voorbeeld hoe je met deze achtergrond een goed leven kunt hebben'Beeld Ernst Coppejans

Kom maar eens bij me langs in Amsterdam, had ze hem geantwoord toen hij zich met een onschuldig mailtje bij haar aandiende. En als het dan gezellig is, kun je misschien een boterhammetje mee eten. Dat was de afspraak die ten grondslag lag aan het boek The Cut Out Girl van Oxfordhoogleraar Bart van Es over het Joodse meisje Lien de Jong.

Vrijdag wordt dat meisje van toen 85. En donderdag verschijnt de Nederlandse vertaling van het boek, onder de titel Ver-geet-mij-niet. Naar het gedichtje dat haar onderduikbroertje Kees in 1942 in haar poesiealbum schreef - lang voor ze door haar onderduikmoeder werd verstoten. 'Afgeschaft', zoals die het noemde.

Haar onderduikbroertje was de oom van Van Es, haar onderduikmoeder zijn grootmoeder.

En waar Van Es vagelijk wist dat Lien de Jong na de oorlog door zijn grootouders in huis was genomen - haar ouders waren in Auschwitz vermoord, ze was een van de 359 verweesde Joodse kinderen in Nederland die door niet-Joodse gezinnen werden opgenomen - kende hij niet de omstandigheden waardoor de band tussen haar en het gezin na haar 54ste verjaardag werd verbroken. Hij wilde haar levensverhaal te boek stellen en zij besloot hem alle medewerking te verlenen.

Maar, zegt ze, Ver-geet-me-niet is 'het boek van Bart'. "Ik heb er goed over nagedacht wat mijn rol is. Bart is de schrijver, de ik-figuur in het boek. En mijn verhaal zit erbij. Daarom ben ik blij dat hij zoveel onderzoek heeft gedaan, het is niet alleen maar mijn biografie."

Weer een boek over de oorlog, dacht u, wie zit daarop te wachten? Er zijn zoveel mensen met een Joodse achtergrond en een eigen verhaal.
"Ik ben niet iemand die nog erg met de oorlog leeft, behalve met mijn kinderen had ik nooit over mijn achtergrond gesproken. En ik heb er op het ogenblik niet zoveel trauma's over; ik voel me in balans. Maar Bart was benieuwd hoe dat zat met zijn grootouders, en als wetenschapper wilde hij het naadje van de kous weten."

"En zo is het uit de hand gelopen en is het internationaal geworden. Het boek is verschenen in Engeland, Amerika, Denemarken, Frankrijk, Duitsland, en Italië zit eraan te komen. Ik ben er niet op uit zo in de belangstelling te staan, het is min of meer gebeurd. Ik ben geen willoos slachtoffer hoor, maar ik heb zeker niets gestimuleerd."

U zat als 9-jarige korte tijd ondergedoken bij het gezin Van Es, dat u ook na de oorlog opving. Op andere plekken had u nare ervaringen; u werd stelselmatig door een 'oom' verkracht. Was het moeilijk al die herinneringen naar ­boven te halen?
"Ik ben er niet ongeschonden uitgekomen, maar ik heb het idee dat ik niet zo ontzettend getraumatiseerd ben, mijn mind bleef er een beetje buiten. Ik kan erop terugkijken en het interessante vind ik dat er zoveel grijstinten zijn tussen goed en niet goed."

Lien de Vries met neefje BennieBeeld Privéarchief

"De mensen bij wie ik ondergedoken heb gezeten, zijn ook heel moedige mensen geweest. Daar heb ik respect en bewondering voor. Ik vraag me af of ik het zelf zou hebben gedaan. Het is vreemd dat nu zoveel details in de openbaarheid komen. Maar aan de andere kant is het, omdat ik het heb verwerkt, persoonlijk én onpersoonlijk. Het is niet iets wat nu actueel is."

U ging steeds minder huilen, stelde steeds minder vragen toen u van adres naar adres ging. In een laatste brief aan haar schrijft u naar uw 'schattige mammie'. Hartverscheurend, vond ik.
"Eigenlijk wilde ik die brief, voor haar verjaardag, helemaal niet schrijven. ik was woedend dat ze niet naar me toe kon komen, ik had gezegd: dan ga ik ook geen brief schrijven. Maar ik heb een heel lieve vader en moeder gehad, een goede basis. Het is niet allemaal vlotjes verlopen. Maar ik was ook een buitenspeelkind, geen filosofe. Ik was van nature oppervlakkig, niet zo zwaartillend."

Toch ondernam u begin jaren zeventig - u was getrouwd, had drie kinderen - een zelfmoordpoging.
"Het refrein was altijd: ik hoor er eigenlijk niet te zijn. Dat was een soort grondgedachte na de oorlog. Toen ik voor het medicijnkastje stond en die slaappillen innam, had ik het idee dat ik het ei van Columbus uitvond. Dat daarmee alles zou worden opgelost. Ik heb daarin een proces doorgemaakt."

"Je kunt je identiteit niet ontlenen aan slachtofferschap. Het is geen gemakkelijk verhaal - het is niet terug te draaien - maar er moet een zekere acceptatie bijkomen. Dat zeg ik niet met de ouwewijzigheid van 'zo moet je het doen, verwerk het maar', maar ik ben toch een voorbeeld hoe je met deze achtergrond een goed leven kunt hebben."

U was 54 toen het tot een breuk kwam met de vrouw die voor u 'ma' was geworden. Hoe kijkt u daar nu op terug?
"Mijn dochter zei laatst: mama, je hebt ook wel geluk gehad hè? En dat is ook zo. De eerste keer dat ik geluk had, was toen ik weer bij de familie Van Es mocht wonen. De tweede keer is toen ik mijn man trouwde, een traditioneel Joodse man die een soort pad had gevonden dat voor hem goed was en waarop ik kon meeliften; dat zorgde voor stabiliteit en we hebben het tien jaar heel goed gehad. En mijn derde geluk is dat ik kleinkinderen heb die allemaal gezond zijn."

"Ik denk dat het voor dat gezin beter was geweest als ik er niet was geweest; het was eigenlijk te zwaar. Maar ze hebben het wel gedaan, zo'n griet in huis nemen. Ze hebben me geaccepteerd en me veel gegeven. Ik kreeg bij hen weer binding, grond onder mijn voeten."

"Maar ik ben toen ik nog bij hen woonde een jaar uit huis geweest, omdat pa, een principiële, rechtlijnige man, opeens expliciete seksuele gevoelens voor me toonde. Toen kwam hij naar me toe, zei dat 'er niks was gebeurd' en dat ik weer naar huis kon komen. Daarna is er nooit met een woord meer over gesproken, maar er is toen subtiel iets verkild. Er zijn ondergrondse gevoelens geweest en dat is later geëscaleerd."

"Ik had nooit verwacht dat ze me zo zou buitensluiten en ook de anderen zou verbieden nog met mij om te gaan. Het was schokkend voor me dat ik werd 'afgeschaft', dat is echt naar geweest. Maar ik heb er geen kwade gevoelens over. Ik kan niet zeggen dat ik het helemaal begrijp, maar ik heb er wel begrip voor."

En die anderen hielden zich allemaal aan het contactverbod?
"Alleen Barts moeder niet, al woonden ze in het buitenland. Ik denk wel dat het verhaal daardoor bij Bart levend is gebleven, dat hij daardoor geïntrigeerd was. Al weet hij het niet meer bewust, ik heb hem wel een paar keer gezien toen hij nog klein was. Het contact nu met hem en zijn gezin is een enorme ver­rijking."

Bart van Es: Ver-geet-me-niet. Over het verborgen leven van een Joods meisje. Vertaald door René van Veen, €19,99, 304 blz.Beeld De Bezige Bij

Oorlogsgeschiedenis

Bart van Es (46), auteur van Vergeet-me-niet, is hoogleraar Engelse literatuur op St. Catherine's College aan de Universiteit van Oxford. Hij is de zoon van Henk van Es, derde van de vier kinderen van de onderduikouders van Lien de Jong, Henk en Jannigje van Es. Hij is gespecialiseerd in de 16-eeuwse Engelse dichter Edmund Spenser.

The Cut Out Girl: a story of War and Family, Lost and Found baseerde hij op het leven van Lien de Jong, die tot vlak voor haar negende verjaardag met haar ouders in Den Haag woonde. Voor het boek deed hij onderzoek naar de oorlogsgeschiedenis van onder meer Dordrecht, waar zij bij de familie Van Es werd ondergebracht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden