Kwakoe-veteraan Roy Wouter: 'We gingen door tot de zon opkwam'

Hij is voormalig Surinaams international, maar minstens zo bekend van bar Reet Petite, op het Kwakoe Festival. Vandaag wordt Roy Wouter (67) in het zonnetje gezet.

Roy Wouter: 'Ik ben heel beleefd. Ik maak overal vrienden.' Beeld Mats van Soolingen

Op het terras van Het Reigertje in winkelcentrum Reigersbos wordt het interview voortdurend onderbroken door voorbijgangers. Er worden handen geschud en grappen gemaakt. 'Jullie komen zaterdag toch naar de reünie?' vraagt Roy Wouter elke keer. 'Het eerste glas wijn krijg je van mij. De andere tien zijn voor eigen rekening.' Dan, met een hand op de arm van de verslaggever: 'Ik ben heel beleefd. Ik maak overal vrienden.'

Dat laatste is zonder meer waar. ­Gekleed als een echte gentleman en strooiend met verhalen en grappen is Roy Wouter (67) de ideale gastheer.

Oudere Surinamers waarderen hem nog als middenvelder van het nationale elftal, waarvoor hij eind jaren zestig enkele jaren uitkwam. 'Ik had overzicht en heel veel techniek. Ik moest het hebben van mijn talent en niet van het harde werken.' Hij trekt er een vies gezicht bij.

Stembandprothese
Minstens zo bekend is Wouter van Reet Petite, sinds de start van het Kwakoe Festival in 1975 tientallen jaren een van de populairste bars op het festivalterrein. Wouter begon de bar met zijn compagnon Roy Hermelijn en zette er een punt achter na diens overlijden, vier jaar geleden. Zelf begon hij ook te kwakkelen, met een poliep op zijn stemband, die eerst werd bestraald en vervolgens operatief verwijderd. Sindsdien spreekt hij met een stembandprothese, wat zijn verhalen beslist extra ­cachet geeft.

Het eerste jaar van Kwakoe maakte Wouter mee als voetballer. 'Tentjes waren er nog niet. Orlando Grootfaam verkocht wat eten vanuit de achterbak van zijn auto. Het echtpaar Desiré en Ina Holwijn zorgde voor blikjes bier en fris. Die mensen zijn heel belangrijk geweest voor de ontwikkeling van het toernooi. In ­feite hebben zij de aanzet gegeven voor het grote festival zoals dat later is ontstaan. Het jaar daarop stonden de eerste tentjes rond het veld.'

Tutti Frutti
Een van die tentjes was de toen nog naamloze bar van Roy Hermelijn, die Wouter vroeg als bekende blikvanger het gastheerschap voor zijn rekening te nemen. 'Het jaar daarna wilde ik een eigen tent. Roy zei: laten we het samen doen. Dat was de geboorte van Reet Petite.' De bar is vernoemd naar een nummer van Jackie Wilson, maar het had weinig gescheeld, vertelt Wouter. 'We twijfelden tussen Reet Petite en Tutti Frutti. Dat laatste was de naam van een populaire bar in Paramaribo.'

Het waren de wilde jaren van Kwakoe. Regelgeving was er amper, en van handhaven had nog niemand gehoord. Wouter: 'Het festival duurde acht weken, en elk weekeinde waren we dag en nacht open. Overdag was het gewoon gezellig. De mensen kwamen langs om wat te eten en te drinken en ik maakte met de microfoon in de hand een praatje met de gasten en draaide muziek, latin en soul. 's Nachts werd er gekaart, troefcall, om flinke sommen geld. Dat ging door tot de zon opkwam.'

Reet Petite verwierf zich in die jaren de erenaam 'huiskamer van Kwakoe.' Het onderkomen was gebouwd van sloophout en zeil, maar binnen ademde alles klasse, vertelt Wouter. 'Ik had veel gereisd. In Amerika had ik gezien hoe ze daar in de bars drankjes serveerden met een servet om het glas. Dat deden wij ook.'

Verder was er altijd wat te doen. 'We organiseerden danswedstrijden. En we hadden goed eten van een Javaanse toko uit Oost, Nona Manis.'

Hobby
De eigenaar van Nona Manis kreeg de keuken in onderhuur. Dat was ook nodig om de aanbetaling te kunnen doen. 'Onze plek op het terrein kostte tienduizend gulden voor acht weken. De helft kregen we vooraf van de eigenaar van de toko. Dat gaven we aan de organisatie, de rest werd van week tot week afgelost met wat we verdienden.' Rijk zijn de uitbaters er ook nooit van geworden, zegt Wouter. 'Ik had een goede baan in de automatisering. Het is voor mij altijd een hobby geweest.'

Wouter is vandaag het middelpunt van reünie van Reet Petite op het ­festivalterrein. Hoewel zelf niet meer actief, komt Wouter elk jaar nog even langs op Kwakoe, tegenwoordig het Kwaku Summer Festival. Het is allemaal heel anders geworden, zegt hij, en niet te vergelijken met vroeger. 'Het is nu heel strak, maar dat is goed. Zoals wij het vroeger deden, dat kan nu niet meer. Ik vind het festival er nu tot in de puntjes verzorgd uitzien. Het kan niet beter.'

Hoewel: 'Vier weekeinden is eigenlijk te kort. Het lijkt mij lastig voor de ondernemers. Een verregend weekeinde maakte je vroeger ergens verderop in die acht weken altijd wel weer goed. Nu blijft het spannend of dat lukt.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden