PlusAchtergrond

Kunstenaar Gert Jan Kocken maakte 1 plattegrond van 50 kaarten uit 1940-1945: ‘Ik wilde de tijd zichtbaar maken’

Plattegrond van Amsterdam door Gert Jan Kocken. De kaart dient als basis voor het wandelend herdenken langs monumenten in de hele stad.  Beeld Gert Jan Kocken
Plattegrond van Amsterdam door Gert Jan Kocken. De kaart dient als basis voor het wandelend herdenken langs monumenten in de hele stad.Beeld Gert Jan Kocken

Kunstenaar Gert Jan Kocken maakte één plattegrond van vijftig kaarten uit 1940-1945. ‘Het brengt de Tweede Wereldoorlog terug tot een enkel beeld.’

“Ik vind het bijzonder dat mensen in het heden navigeren op een kaart die is samengesteld uit kaarten uit de periode 1940-1945, om in het heden het verleden te herdenken,” zegt kunstenaar Gert Jan Kocken terwijl hij naar prints kijkt van de kaarten die op de volgende bladzijden van deze bijlagen staan afgedrukt. Ze zijn gebaseerd op zijn werk Depictions of Amsterdam 1940-1945. Die kaart, 10 bij 13 meter groot, is een mêlee van kleuren, lijnen en stippen, die op het eerste gezicht wat van een schilderij van Jackson Pollock heeft. Maar achter elke zeer precies gezette stip, elke kleur en elke lijn gaat een wrede, confronterende waarheid schuil.

Het begon met een kaart van het Belgische Ieper, die Kocken (Ravenstein, 1971) zag op een tentoonstelling. “Het gebied rondom Ieper was in de Eerste Wereldoorlog een enorm slagveld, waar vier jaar lang bijna continu is ­gevochten. Die kaart heeft waarschijnlijk in een Engelse officiersruimte gehangen; vier jaar lang is daarop aan­gewezen waar werd gevochten en welke troepenbewe­gingen er waren. Daardoor waren de ergste strijdtonelen – de loopgraven, de slagvelden – op de kaart helemaal uit­gesleten, net zoals in de werkelijkheid. Dat symbool en werkelijkheid elkaar zo dicht naderden, fascineerde me.”

Vervolgens richtte hij zijn blik op Amsterdam, zijn eigen stad. “Ik heb een achtergrond in de fotografie [Kocken ­studeerde aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag en resideerde aan de Rijksakademie, red.] en fotografie bevriest altijd één bepaald moment. Door zo veel mogelijk kaarten uit de Tweede Wereldoorlog te verzamelen, wilde ik de tijd juist zichtbaar maken.”

“Wat het extra interessant maakt, is dat een landkaart eigenlijk een instrument is. Een kaart wordt gemaakt met een bepaalde agenda, vooral in oorlogstijd. Als je al die kaarten over elkaar heen legt, krijg je al die agenda’s door elkaar heen te zien. Wat wil een Duits invasieleger weten? Wat weet het verzet? Wat weten de Amerikanen, die in 1943 de Fokkerfabrieken in Amsterdam-Noord bombardeerden die waren ingezet voor de Duitse oorlogsindustrie? Alles wat belangrijk was tijdens de Tweede Wereldoorlog wordt dan zichtbaar, op hetzelfde moment. Het brengt de oorlog terug tot één beeld.”

Typisch voor Amsterdam

Kocken wist niet of alle onderwerpen in cartografie ­vertegenwoordigd zouden zijn, toen hij aan zijn onderzoek begon. Maar al snel ging in het Stadsarchief een ­lade open met kaarten van de Transvaalbuurt en de Nieuwmarktbuurt met de verhouding Joden/niet-Joden. “Ik kreeg meteen kippenvel. Want je ziet een kaart en ­bedenkt: dit is een instrument dat is gebruikt tijdens de Jodenvervolging. Het interessante is dat wij de afloop ­kennen, terwijl de ambtenaren die de kaarten destijds maakten niet direct wisten wat de gevolgen zouden zijn; de Holocaust kent nu eenmaal geen precedent.”

Er bleken ook kaarten te zijn van de hele stad, met 8000 zwarte stippen en als legenda ‘elke stip is 10 Joden’, ­ontdekte Kocken. “Dat is heel confronterend, aangezien 75 procent van de Amsterdamse Joden de oorlog niet heeft overleefd. Die zwarte stippen zijn nu als het ware gaten in de stad.”

Toen hij klaar was met zijn Amsterdamse kaart waarop de Jodenvervolging zo’n overheersende rol speelde, zocht Kocken naar een manier om duidelijk te maken dat dit zo typisch voor Amsterdam was. Hij besloot een kaart van Rotterdam te maken.

“Anders dan in Amsterdam hebben er in Rotterdam wél grootschalige gevechtshandelingen en luchtbombar­dementen plaatsgevonden: alleen al het dramatische bombardement aan het begin van de oorlog, waarbij achthonderd doden vielen. De stippen op de kaart van Rotterdam zijn bommen, de stippen op de kaart van Amsterdam zijn Joden. In Amsterdam zijn door bureaucratische ­medewerking uiteindelijk veel meer doden gevallen – dat wilde ik duidelijk maken zonder het te benadrukken.”

In de zomer van 2010 toonde Kocken in zijn solotentoonstelling met werken over de Tweede Wereldoorlog in het Stedelijk Museum Schiedam de kaarten van Amsterdam en Rotterdam naast elkaar. Eind 2010 werd Depictions of Amsterdam 1940-1945 door toenmalig directeur Ann Goldstein aangekocht voor het Stedelijk Museum Amsterdam, als onderdeel van de tentoonstelling Monumentalisme – Geschiedenis en nationale identiteit in de hedendaagse kunst. Hij bestond toen uit vijftig lagen/kaarten.

Kruisbestuiving

Inmiddels bestaat zijn kaart van Amsterdam uit 101 kaarten. Kocken maakte sindsdien ook vergelijkbare werken van Londen, Warschau, Łódź, München, Berlijn, Dresden en Rome. Zo maakte hij de verschillen inzichtelijk tussen bijvoorbeeld Londen, dat intensief is gebombardeerd maar nooit bezet, en Warschau, dat omgevormd moest worden tot een middelgrote Duitse stad met het allergrootste getto, met meer dan 400.000 Joden.

“Toen ik onderzoek deed voor mijn andere kaart, vond ik steeds beter mijn weg in andere archieven. Ik ben bijvoorbeeld naar het Luftwaffe Aerial Archive in Edinburgh ­geweest, en naar Washington om onderzoek te doen in de National Archives.”

Zo kwam hij op het spoor van luchtfoto’s van het mislukte bombardement op Noord. “Eerst vond ik een luchtfoto, gemaakt vanuit een Amerikaans vliegtuig dat over ­Amsterdam is gevlogen. Die foto is vervolgens geïnterpreteerd door iemand die de Fokkerfabriek heeft proberen te lokaliseren. Diegene heeft annotaties gemaakt op de foto, die vervolgens is omgezet naar een ‘target map’ die mee moest in de bommenwerpers. Omdat ze meestal ’s nachts vlogen, moesten de kleuren helder zijn: het doel was fluorescerend roze.”

“Vervolgens is er een bombardement geweest, waarbij de Fokkerfabriek totaal gemist is; de bommen vielen vooral op de Van der Pekbuurt. Daarvan zijn ook weer foto’s gemaakt, en die verdwaalde bommen zijn weer door iemand aangegeven door middel van witte stippen. Zo vond ik steeds meer kaarten, die steeds weer andere verhalen vertelden die ook verteld moesten worden.”

Zijn kaart van Amsterdam prijkt ook op het omslag van Atlas van een bezette stad – Amsterdam 1940-1945 (2019), Bianca Stigters standaardwerk over de zichtbare en ­onzichtbare sporen van de Tweede Wereldoorlog in Amsterdam. “Wij wisten van elkaars monnikenwerk. Zij heeft mij op kaarten gewezen die ik nog niet kende, en andersom heb ik haar ook kaarten laten zien waarvan zij het ­bestaan niet wist. Dat was een mooie kruisbestuiving.”

En nu dient zijn plattegrond als basis voor het wandelend herdenken langs monumenten in de hele stad. Wat bijzonder is, is dat de stad op de kaart nauwelijks is ver­anderd. “De vorm van Amsterdam, met name die van het centrum, is nagenoeg gelijk gebleven. De meeste straat­namen zijn ook nog hetzelfde. Als je nu jouw straat of huis op deze kaart opzoekt en ziet dat daar een zwarte stip op staat – zo’n stip die tien Joden aangeeft – dan is de Tweede Wereldoorlog direct heel dichtbij. Het is precies waar ik mijn kaart voor heb gemaakt: dat mensen opnieuw gaan nadenken over hun stad.”

Gert Jan Kocken. Beeld Sebastiaan Brandsen
Gert Jan Kocken.Beeld Sebastiaan Brandsen

Podcastserie

Luister de verhalende serie podcasts Bezet, audiomonumenten van de stad Amsterdam terwijl je langs adressen loopt die aan bod komen. We lichten drie afleveringen uit.

De zoon en het hulpjevan de verzetsstrijder

(Distelvoorstraat)

Op 15 augustus 1944 werd verzetsstrijder Frits Israël op de Distelvoorstraat 24 in Amsterdam-Noord vermoord door een bankier. Samen met zijn zoon Arnold Israël (1932) en durfal Frits Neijts (1928) gaan we zoek naar het hoe en waarom.

Het heroïsche theater van de weigeraars

(Leidseplein 26)

Vijf dagen na de bevrijding ­bezette Toneelgroep 5 mei 1945 de Amsterdamse Stadsschouwburg. De groep theatermakers had niet getekend voor de Kultuurkamer, een voorwaarde om tijdens de Tweede Wereldoorlog door te mogen werken. Journalist Henk van Gelder en acteur Edwin de Vries nemen de geschiedenis van dit bijzondere gezelschap en zijn speciale voorstellingen onder de loep.

De geruisloze deportatie

(Jonas Daniël Meijerplein)

Op dinsdag 16 mei 1944 vond in heel Nederland een razzia plaats onder de Sinti- en Romagemeenschap, zo ook op het ­Jonas Daniël Meijerplein. Een verhaal over hoe het stigmatiserings- en etiketteringsproces van Roma en Sinti nog tot de dag van vandaag doorwerkt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden