Plus Filmkunst

Kinderspelletjes van over de hele wereld

Voor zijn tentoonstelling in Eye legde Francis Alÿs wereldwijd spelletjes vast die kinderen buiten doen. Universeel en vaak flink metaforisch. 

Children’s Games van Francis Alÿs. ‘Het begon als iets wat ik naast mijn fictie­projecten deed, maar na drie of vier films realiseerde ik me dat ik een serie aan het maken was. Beeld Hans Wilschut

Het is een vast onderdeel van zijn verkenningsstrategie. Als Francis Alÿs ergens komt filmen – een vluchtelingenkamp in Irak, een dorpje in Zuid-Mexico of een Parijse banlieue – gaat hij altijd eerst op zoek naar een plek waar kinderen spelen. “Met kinderen maak je doorgaans makkelijker contact dan met volwassenen,” zegt de kunstenaar die vorig jaar de Eye Art & Film Prize won en daarom nu een tentoonstelling heeft in Filmmuseum Eye.

“Aan kinderen kun je de culturele codes van een plek aflezen. Of jongens en meisjes samen spelen of niet, in een beschut hoekje of juist midden op een plein – het zegt veel over hoe zij, en uiteindelijk ook hun ouders, omgaan met de openbare ruimte.”

Miniatuurtjes

Alÿs maakt werk dat tegelijkertijd poëtisch en politiek geladen is. Hij reisde als embedded ­artist mee met Koerdische strijders, druppelde met groene verf de staakt-het-vurengrens ­tussen Israël en Jordanië, en huurde dagloners in om een woestijnduin een paar meter te ­verplaatsen. 

Twintig jaar geleden maakte hij zijn eerste film over een kinderspelletje. In zijn eigen woonplaats Mexico-Stad legde hij een jongen vast die als een moderne Sisyfus een plastic flesje een hellende straat op schopte en het terugrollende ding telkens een metertje verder probeerde te krijgen.

Over de jaren verzamelde hij meer van dit soort miniatuurtjes. “Het begon als iets wat ik naast mijn fictieprojecten deed, maar na drie of vier films realiseerde ik me dat ik een serie aan het maken was, een spelletjescompilatie. Toen werd het autonoom werk. En inmiddels is het zelfs zo dat de spelletjesfilms mijn andere werk beïnvloeden, in de zin dat ik fictiefilms struc­tureer met regels en een open einde waar ik zelf geen controle meer over heb.”

De tentoonstelling Children’s Games bevat achttien registraties van kindertijdverdrijf. Van knikkeren in Jordanië en vliegeren in Afgha­nistan tot zandkastelen bouwen op het strand van Knokke. De herkenbaarheidsfactor is hoog en de beelden inspireren tot iets wat het best ­beschreven kan worden als ‘nostalgische hypnose’.

Minder twijfels

“Ze herinneren aan onze kindertijd, het is back to basics,” beaamt Alÿs. “Als kunstenaar ben ik altijd op zoek naar de helderheid uit die tijd, een helderheid die erodeert als je ouder wordt. Als kind heb je minder twijfels, je doet gewoon ­dingen. Het is de arrogantie van de jeugd of juist naïviteit, maar het bevordert creativiteit. Voor een kinderspel is vaak niet meer nodig dan een stok, een paar stenen of een elastiek, en een setje regels die je samen bedenkt.”

“Ieder spel heeft een eigen kwaliteit: uit­houdingsvermogen, handigheid of intelligentie. Maar het is opmerkelijk hoe universeel veel spelletjes zijn. Hinkelen bijvoorbeeld kom je overal ter wereld tegen. Ik heb langwerpige, ­ronde en zelfs vierkante velden gezien maar het principe is telkens gelijk. Het is een ritueel waarbij je begint op aarde, door de hel moet om in de hemel te komen en dan weer teruggaat. Het is een proces van verlossing.”

Naast universele spelletjes zijn er ook heel ­lokale. Zoals het saltamontes in Venezuela. Jongens en meisjes gaan daar in de velden op zoek naar sprinkhanen waar ze de achterpoten vanaf trekken om ze vervolgens in de lucht te gooien. Degene wiens gehavende insect vervolgens de grootste afstand aflegt wint. 

“Het toont aan hoe wreed kinderen ook kunnen zijn, zonder dat ze zich daar overigens van bewust zijn. Als ik ­bedenk wat ik als kind allemaal met spinnen en mieren heb gedaan…. Speelsheid en bruut geweld liggen soms dicht bij elkaar.”

In sommige gevallen zijn de spelletjes meta­foren voor het volwassen leven. “De jongen die stenen staat te ketsen op de zee bij de Straat van Gibraltar staat natuurlijk symbool voor de Noord-Afrikanen die naar de horizon hunkeren en willen oversteken naar Europa,” zegt Alÿs. “Maar vaak gaat het om de absolute concentratie van het spel. Het Nepalese meisje dat zit te bikkelen gaat zo op in haar eigen wereld dat ze mij gedurende de veertig minuten dat ik haar filmde niet één keer heeft aangekeken.”

Eigen schaduw

De manier van filmen verschilt per spel. Een stoelendans is bijvoorbeeld van bovenaf in beeld gebracht en schaar-papier-steen als ­schaduwspel. “Een paar settings zijn bewust zo ­bedacht, maar meestal komt de stijl intuïtief tot stand, ook omdat ik vaak niet weet wat ik ga tegenkomen. De ene keer heb ik een videocamera bij me, de andere keer moet ik het doen met mijn telefoon. Bij knikkeren voelt het natuurlijk om dicht bij de grond te filmen, maar je moet oppassen voor je eigen schaduw.”

Gelukkig zijn spelletjes repetitief, zegt Alÿs – lukt het de eerste vijf minuten niet, dan wel de tweede vijf minuten. “Maar ik moet snel beslissen en zorgen dat ik het spel niet hinder. Als de kinderen ermee ophouden en weggaan is mijn kans verkeken.”

Francis Alÿs: Children’s Games, t/m 8 maart in Eye.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden