PlusPS

Kees Hulst: 'Ze vonden me een lastige klojo'

Na 35 jaar aan het toneel dacht Kees Hulst (64) nog steeds: als ik word ontslagen kan ik altijd nog trambestuurder worden. Toch gaat het acteren hem vrij gemakkelijk af. 'Ik weet donders goed met wie ik niet wil werken.' Deze week gaat Calcutta, vastenavond in première.

Kees HulstBeeld Ivo van der Bent

Kees Hulst komt net uit een repetitie. Als een acteur net uit een repetitie komt, kunnen de emoties nog vrij hoog zitten. Althans, dat straalt deze acteur enigszins uit.

Hulst repeteert met Elsie de Brauw en Ria Eimers, voor de nieuwe Bellevue lunchtheatervoorstelling Calcutta, vastenavond, geregisseerd door Warre Simons, geschreven door Robert Alberdingk Thijm. Hij doet zijn baret af en gaat zitten, in het café tegenover zijn huis. Er wordt een witte wijn besteld. Eerste vraag, graag.

Wat voor stuk heeft Robert Alberdingk Thijm voor jullie geschreven?
"Tja! West meets east, daar gaat het over. Drie mensen die naar Calcutta gaan. Voor een cosmetische operatie, bij een van de drie. Alle bedoelingen die daar verder onder zitten, worden tijdens dat stuk duidelijk."

"Het is een allegorische komedie. Nou ja, een komedie. Moet ook binnen een uur, vijf kwartier gespeeld worden. Er zit een heel fijne horrortendens in, maar eigenlijk wil ik daar niet te veel over zeggen. Ik wil geen dingen verklappen."

Houdt u van het proces van repeteren?
"Ja zeker, ben ik gek op."

Is dat nog omgeven door angst of diepe onzekerheid?
"Nee, nee, nee. Is het ook nooit geweest voor mij. Repeteren is gewoon: terug naar leren lopen. Je begint met kruipen - geestelijk kruipen dan. Soms ook lichamelijk, kan ook fijn zijn."

U denkt nooit op maandagochtend in een repetitielokaal: wat móeten we eigenlijk?
"Neeeeeeee! En zeker niet bij een stuk als dit, want Robert schrijft heel inspirerend. En dat geldt voor de meeste stukken die ik kies om te gaan spelen. Na al die jaren weet ik wel zo'n beetje wat ik wil en hoe zo'n stuk moet worden benaderd."

Is het spelen anders geworden in de loop der jaren?
"In wezen niet, maar de routine heeft ervoor gezorgd dat ik wel wat sneller door alle fases heen kan razen. En er zijn ook fases die ik gewoon kan overslaan. Ik weet bijvoorbeeld heel goed met wie ik wil werken, en met wie niet."

Is dat de essentie van een prettig werkend leven: weten met wie je moet werken?
"Volgens mij wel, ja! Je moet een aantal dingen tegen het lijf lopen om te weten: dát hoef ik dus niet meer te doen. Daardoor weet ik donders goed met wie ik niet wil werken."

Met wie wilt u niet werken?
"Dat zeg ik niet, hahahaha! Met mensen die mij niet inspireren, met wie geen wisselwerking is."

Door welke collega's in uw carrière bent u juist ongelofelijk geïnspireerd geraakt?
"Jezus, dan moet ik even graven hoor, ik ben helemaal niet voorbereid op die vraag. Moet ik nu weer teruggaan op allemaal ervaringen? Ik vond bijna alle voorstellingen die ik heb gedaan wel leuk."

Er is toch wel íemand van wie u veel heeft opgestoken?
"Nou, van Liz Lecompte, van The Wooster Group, heb ik veel geleerd. In 1984 kwam ze met haar gezelschap naar Eindhoven, waar ik toen werkte. Wat zij deed was beyond alle psychologie, alle bestaande benaderingen van toneel."

"Ze was uitgenodigd door het Zuidelijk Toneel/Globe om North Atlantic te spelen, wat een onbegrijpelijk stuk was. Het ging over oorlogsschepen en er zat zó veel idioom in - ik had me goed voorbereid, had het uitputtend gelezen, om precies te snappen waar het over ging."

"Maar zij zei: 'I don't give a fuck what it means! Just listen to it!' Haar benadering van toneel had alles te maken met muziek en beeldende kunst. In Eindhoven, waar mijn vrouw en ik toen woonden, hadden we drie belangrijke zaken: Café Arie, het Van Abbemuseum en filmhuis de Krabbendans."

"Dat waren mijn culturele bronnen. Een volstrekt achterlijk gebied. En daar heeft mijn kijk op toneel en theater een definitieve push gekregen. Het gaat erom dat de geest geïnspireerd raakt - op wat voor manier dan ook. Zintuigen moeten geprikkeld worden."

Een toneelstuk hoeft geen intellectuele betekenis te hebben, het moet iets bij je in gang zetten.
"Er moeten dingen gebeuren. Je moet verrast worden door wat je voorgeschoteld krijgt. Met een beetje oefening kan iedereen mooi toneelspelen, maar ik wil wat anders teweegbrengen. Een ambachtelijk acteur ben ik niet, ik ben een impulsief acteur, dus ik volg veel meer die kunstzinnige benadering. En daarin weet ik vrij goed wat ik wil."

Maar was er aan die stukken van Liz Lecompte nog wel een touw vast te knopen?
"Ja juist! Je kreeg de hele shit over je heen hoor, op dat vliegdekschip, je werd naar buiten geblazen! Een load van techniek en geluid en indrukken. Er kwam in de jaren zeventig heel veel naar Nederland. En ik heb het gevoel dat we daar in Eindhoven, met Globe, geschiedenis hebben gemaakt en Nederland weer op de kaart hebben gezet."

U voelt dat als een belangrijke tijd?
"Ja! En voor mijzelf - in dat ingeslapen en zuinige Nederland werd er echt een statement gemaakt. Eerst werden we nog uitgejouwd als we hier in de Stadsschouwburg kwamen spelen, na een jaar werden we juichend onthaald."

'Een ambachtelijk acteur ben ik niet, ik ben een impulsief acteur'Beeld Ivo van der Bent

"Die verbanning naar dat lampengat daar, die vrijwillige verbanning, maakte ook dat we buitengewoon creatief werden. Ik weet nog steeds niet hoe lang ik daar nou heb gezeten, of het vier jaar was of zeven jaar, maar er is daar zó veel gebeurd voor mij."

En wie zaten daar nog meer, zoal?
"Ja jeetje, het is wel heel erg old times dit. Waarom vraag je me dit eigenlijk allemaal? Uiteindelijk is de hele club, onder wie Gerardjan Rijnders en Theu Boermans, weer vertrokken richting Randstad. Moet ik nu in mijn herinneringen gaan graven of zo?"

Vindt u dat irritant?
"Ja, eigenlijk wel. Al die dingen die voorbij zijn."

Vindt u het saai of wordt u er weemoedig van?
"Ik vind het gewoon ouwelullengepraat. Al die anekdotes. 'Toen deden we dit, en toen deden we dat'."

Heeft u een hekel aan mensen die alsmaar over vroeger zitten te praten?
"Ik heb een hekel aan mezelf als ik over vroeger zit te praten. Ik heb daar gewoon geen zin in. Soms, in het repetitielokaal, zit ik ook oude anekdotes op te halen - je ontkómt er gewoon niet aan - en dan denk ik al snel: te lang aan het woord geweest, weg hiermee. Het is wel interessante shit, maar meer voor een klas theaterwetenschapstudenten. Zo belangrijk is het niet."

Is werk belangrijk geweest voor uw levensgeluk?
"Nog steeds. Als ik niet gelukt zou zijn in mijn werk, zou ik bij god niet weten wat ik had moeten doen. Was ik maar goed in andere dingen. Dan kon ik tenminste nog iets leuks ernaast doen."

Heeft u dat ooit gemist?
"Niet echt, ik heb deze hobby altijd met plezier uitgevoerd. Ik kan alleen maar leuk zijn thuis omdat ik net lekker heb gewerkt."

Uw vrouw is ook actrice, maar gestopt met werken toen uw kinderen jong waren.
"Het was moeilijk. We hebben twee zoons, er was gedoe met ziekenhuizen, we hadden geen oppas - ja, we hadden twintig oppassen, maar die waren onbetrouwbaar. Ingewikkeld."

"We hebben het echt een tijd geprobeerd, maar het was te veel gedoe. Uiteindelijk heeft het goed uitgepakt, Liesbeth heeft het fantastisch gedaan."

Maar zij is degene geweest die haar carrière moest opgeven.
"Ik wilde dat ook best afwisselen, hoor. Maar ja, ik was degene die alles aannam - regisseren, dramaturgie, vertalen, spelen, vond ik allemaal leuk. Liesbeth is niet zo'n type om aan de weg te timmeren."

Heeft u een enthousiaste aard?
"Dat weet ik niet. Het is maar beter om dingen positief te benaderen, en niet cynisch, anders zak je in een depressie."

U vindt het goed om dat aan te jagen?
"Een beetje wel, ja. Maar mijn drijfveer is vooral nieuwsgierigheid."

Hoe gaat dat dan: u loopt de straat op en bent meteen nieuwsgierig?
"Ach man, wat zit je nou te praten als een paddenstoel? Zo gaat dat toch niet in het leven? Dingen gebeuren omdat ze moeten gebeuren, en ondertussen kijk je een beetje om je heen, je ziet dingen gebeuren en die dingen vallen je op. Dát is het."

Heeft u altijd een diep vertrouwen in uzelf als acteur gehad?
"Ik was al 35 jaar aan het toneel, maar toen dacht ik nog altijd: als ik word ontslagen, ga ik naar Unique Uitzendbureau en word ik trambestuurder."

"Ik heb mijn grootrijbewijs, dus ik had ook nog buschauffeur kunnen worden. Echt zorgen heb ik me dus niet gemaakt. Totdat ik ineens dacht: verrek, ik ben al 35 jaar de kost aan het verdienen met toneelspelen, dus ik kan mij met recht toneelspeler noemen. Verbijsterend."

Denkt u dat u goed zou kunnen leven zonder toneel?
"Dat weet ik toch niet! Ik ga het proberen. Als ik 65 word, ga ik een maandje of twee, drie geen werk aannemen."

U kijkt daar een beetje angstig bij?
"O ja? Gewoon slecht spel, hahahaha. Daarna ga ik met mijn zoon Jan samenwerken, hij gaat me regisseren. Dat is dus na mijn pensioen. Iets om naar uit te kijken."

Het is nog nooit eerder voorgekomen dat u drie maanden niets deed?
"Er is weleens iets niet doorgegaan, wat resulteerde in vier maanden geen werk. Heerlijk. Maar toen kreeg ik al snel weer andere jobs. Twee maanden Soldaat van Oranje - vond ik fantastisch. Een groot feest."

Wat voor vader bent u eigenlijk?
"Dat moet je aan mijn kinderen vragen."

Wat voor vader wilde u voor ze zijn?
"Ik wist wat ik níet wilde zijn: zoals mijn vader was. Een vader vol onbegrip. Ik denk dat hij niet wilde dat ik was wie ik was. Ik was niet normaal, in zijn ogen. Een goede term. Omdat ie ook weer zo veel gedebiteerd wordt. Alsmaar dat normaal doen."

Jeugdfoto Kees HulstBeeld -

"Dan vroeg ik aan mijn vader: wat bedoelt u daar toch mee? 'Normaal is wat normale mensen normaal vinden,' zei hij dan. Nou, dan hield voor mij alles op. Een wanhopige uitspraak. Hij kon zich niet anders uitdrukken. Hij is vrij vroeg overleden, en sindsdien kan ik het heel goed met hem vinden, hoor. Het was een degelijke, verantwoordelijke huisvader, maar erg strikt."

Wat deed u dan voor abnormale dingen, in zijn ogen?
"Weet ik veel, van alles. Bloemenbloesjes dragen. Gewoon, meegaan met de tijd."

En u wilde acteur worden, dat zal hij ook wel raar hebben gevonden.
"Dat wilde ik helemaal niet worden, dat wás ik al. Ik wilde geen acteur worden."

Wat wilde u dan worden?
"Geen idee. Geen acteur. Maar het kwam mij makkelijk aanwaaien. En ik werd aangespoord op school: Hans van den Bergh was mijn leraar en op toneelavonden wilde hij mij er niet bij hebben, hij vond mij te lastig. Dus toen dacht ik: dan zal ik je eens een poepie laten ruiken."

Acteren is altijd makkelijk voor u geweest?
"Op de middelbare school ging het mij heel makkelijk af. Dingen schrijven, regisseren, situaties - allemaal makkelijk voor mij. Een beetje een overspannen fantasie, misschien heb ik dat."

Acteren was een soort zuigende kracht in uw leven, waar u betrekkelijk weerloos tegen was?
"Het ging vanzelf. Wel mooi en romantisch geformuleerd wat je nu zegt hoor, 'een zuigende kracht'. Ik had gewoon geen andere ambitie, toneelspelen vond ik leuk om te doen, nou, dat werd het dus. Maar ondertussen had ik wel de overtuiging dat ik met toneel dingen teweeg kon brengen. En voor zover ik ambitie heb, is dát mijn ambitie."

U bedoelt dan niet grote maatschappelijke veranderingen teweegbrengen...
"...maar individuele bewegingen. Je zit in een zaal en er gebeurt iets met je. Wat toneel moet doen."

Bent u verder nog steeds ambitieloos?
"Ja. Ik heb ook niet zo'n groot ego. Toneelspelen is een sociaal gebeuren. Daarom hou ik ook niet van monologen. Ik heb geen zin om in mijn eentje op het toneel tegen mezelf te gaan zitten ouwehoeren."

U bent inmiddels waarschijnlijk ouder dan uw vader ooit geworden is?
"Over drie maanden ben ik net zo oud als hij toen hij overleed. Eerst nog maar even zien of ik dat haal."

Jaagt het idee dat u doodgaat u angst aan?
"Nee, helemaal niet."

Hoe kan dat?
"Ach, je zegt het allemaal zo formeel. Jaagt de dood u angst aan. En: acteren, heeft dat een zuigende werking. Van die gebeitelde zinnen. Wat moet ik daarmee? Nee, de dood jaagt me geen angst aan, nee."

Er zijn mensen die totaal in paniek raken van het grote niets.
"Ja, dat vind ik echt dom. Ik heb net Leo Vroman gespeeld in een toneelstuk, in de laatste fase van zijn leven schreef die man drie gedichten per week. Twee jaar lang. Een ongelofelijke productiviteit. Niet omdat hij bang was om dood te gaan, maar om het leven in stand te houden en tegelijkertijd de nieuwsgierigheid naar de dood ­
- hoe zou het zijn als ik er niet meer ben?"

"Dat kan heel erg goed samengaan. Je wacht op de dood, hij komt alsmaar niet, maar je wéét dat het gaat gebeuren. Waarom zou je daar in godsnaam bang voor zijn? Je kan maar het beste doorgaan, doen wat je doet tot je in het harnas sterft. En ondertussen zo veel mogelijk genieten van de dingen om je heen."

U zegt dat u geen groot ego heeft, geldt dat ook voor uw collega's?
"Zoal ik al zei: toneelspelen is een sociale bezigheid, en in een groep moet je je plek kennen en ontdekken. Het is geven en nemen. Sterallures - die merkwaardige uiting die dikwijls aan grote ego's verbonden is - zijn dan misplaatst."

'Als je het naar je zin hebt, slik je alles. Daar komt geen dwang bij kijken'Beeld Ivo van der Bent

"Daar hoef je bij mij niet zo mee aan te komen. Alhoewel ik er soms ook heel erg om moet lachen. En ik misgun het anderen ook niet. Zelf heb ik er alleen niet zo'n last van."

Bent u iemand om ruzie mee te krijgen?
"Kan wel gebeuren ja. Als ik een beetje doordraaf. Waar het artistiek niet klopt, krijg je mij niet mee. Je moet me echt overtuigen. Ik geloof dat ik wat dat betreft de naam heb eigenzinnig te zijn, en ook een tijdlang te boek heb gestaan als lastig - 'Die Hulst, daar moet je niet mee werken, die is lastig.' Maar ik wil aan anderen dezelfde eisen stellen als ik aan mezelf stel."

Er was dus een periode dat u lastig was?
"Nee, ik hóórde dat ik die naam had. Dat verbaasde mij. Je moet je werk gewoon goed doen en als je een beetje loopt te slabakken zeg ik: kom op, dat kan beter! Maar tegenwoordig vinden ze me geloof ik niet meer lastig. Misschien omdat ik ouder word en ze het ineens waardevol vinden wat ik zeg. Althans, zo beredeneer ik het maar achteraf."

U bent een éminence grise!
"Wat is dat nou weer voor iets krankzinnigs? Dat is een besef dat ik niet kan hebben, hoor. Eerst vonden ze me een lastige klojo, nu ben ik een evangelist naar wie er vroom wordt geluisterd."

U heeft vele dagen in repetitielokalen en theaterzalen doorgebracht, met steeds wat collega's. Is het een waardevolle invulling van uw leven geweest?
"Ik heb in fabrieken gewerkt en op kantoren gezeten, ik ben scheepsmatroos geweest en politieagent. Als je het naar je zin hebt, slik je alles. Daar komt geen dwang bij kijken. Over het algemeen ben ik met veel plezier naar mijn werk gegaan."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden