Plus

Jeangu Macrooy: 'Hier kon ik voor het eerst zijn wie ik ben'

Jeangu Macrooy (25) kwam vijf jaar geleden als onzekere tiener uit Suriname naar Amsterdam. Nu wordt hij geroemd als Nederlands grootste soulbelofte en viert hij zijn eerste grote liefde. 'Toen ik uit het vliegtuig kwam, stapte ik uit de kast.'

Jeangu Macrooy Beeld Teska Overbeeke

Amsterdam ligt aan zijn voeten. Vanaf de tiende verdieping van de A'DAM Toren heeft Jeangu Macrooy onbelemmerd uitzicht op zijn woonplaats. Hij is net terug uit zijn geboorteland Suriname, waar zijn ouders en overige familie nog steeds wonen.

Het was zijn tweede bezoek sinds hij begin 2014 naar Nederland emigreerde.

Na ruim twee jaar in Hengelo en Enschede waar hij aan het conservatorium studeerde, werd Amsterdam zijn stad. De verhuizing paste bij zijn ambities zijn muzikale loopbaan uit te breiden en bij een nieuwe ontwikkeling in de liefde. Hij trok in bij zijn vriend Sebas.

Het was dezelfde combinatie die hem voor ogen zweefde toen hij in november 2013 op Schiphol wachtte op zijn vlucht terug naar Paramaribo na een vakantie van twee maanden in Amsterdam. Macrooy was negentien en nam zich toen hij in zijn vliegtuigstoel gleed één ding voor: 'De volgende keer dat ik naar Nederland vlieg, blijf ik er wonen.'

Ruim vijf jaar later maakt hij zich op voor de presentatie van zijn tweede album Horizon, donderdag in een uitverkocht Paradiso. Macrooy is in sprinttempo de populairste soulzanger van ons land geworden.

Hij speelde al op Lowlands en North Sea Jazz, kreeg twee Edison-nominaties en ontving het weekend voor het gesprek lovende recensies op festival Noorderslag. Zijn stem klinkt als die van Sam Cooke, schreef een muziekblog.

De laatste maanden van vorig jaar zong hij bij De Wereld Draait Door met regelmaat liedjes van Paul Simon ter gelegenheid van Simons podium­afscheid. Binnenkort volgt zijn eerste eigen buitenlandse tournee, een serie optredens in clubs in Duitsland.

Jouw manager en producer is Pieter Perquin, artiestennaam Perquisite. Hij zegt: 'Onze ambitie is dat Jeangu een wereldwijd bekende artiest wordt.' Hij ziet dat binnen vijf jaar gebeuren.
"Hij denkt qua ambitie net zo groot als ik, dat vind ik fijn. We kijken verder dan de grenzen van dit land. Ik droom van grote internationale tournees, met een grote productie de wereld over. Mijn broer Xillan en ik keken vroeger met open mond naar de optredens van Beyoncé op televisie. Ik dacht altijd: ik wil dat ook én ik kan dat ook."

Hij richt zijn lange lijf op uit de lederen clubfauteuil. "Ik wil dat niet om heel veel geld te kunnen verdienen hè. Het gaat mij om het raken van mensen. Dat ze na een zware dag op hun werk mijn plaatje opzetten en zich beter voelen. Of naar een concert gaan en zich door de muziek even verbonden voelen met elkaar."

Had je toen je naar Nederland kwam al het vertrouwen dat je grote dingen kon bereiken met je muziek?
"Gek genoeg wel, ja. Ik was helemaal geen zelfverzekerde tiener, maar in mijn muziek heb ik altijd geloofd. Ik had ook nooit een plan B. Ik kwam hiernaartoe om muzikant te worden. Anders niet."

"Maar ik had nooit gedacht dat het zo snel zou gaan. Pas in de zomer van 2016 heb ik mijn eerste muziek uitgebracht. Toch moet het ook weer geen overnight succes lijken. Ik had in Suriname al veel meters gemaakt. Ik wist hoe ik een optreden moest doen."

Jeangu Macrooy
6 november 1993, Paramaribo, Suriname
2011-2013
Met zijn tweelingbroer Xillan vormt hij de band Between Towers
2014-2016
Conservatorium Hengelo, niet afgemaakt
Januari 2016-nu
Zijn eerste ep verschijnt, Brave Enough, met daarop zijn eerste single: Gold. Hij ontvangt er een Edison-nominatie als Beste nieuwkomer voor. Meer radiohits volgen: Step into the Water en de titeltrack van zijn debuutalbum High on You uit 2017. Macrooy speelt op North Sea Jazz en Lowlands. Eind vorig jaar zingt hij bij De wereld draait door elke week een liedje van Paul Simon naar aanleiding van Simons podium­afscheid. Macrooys tweede album Horizon verschijnt vrijdag 8 februari. Zijn tweelingbroer Xillan zingt in zijn achtergrondkoor. Jeangu Macrooy woont samen met Sebas van der Sangen. Ze wonen in stadsdeel Centrum.

Jeangu Macrooy Beeld Teska Overbeeke

Waarom was het geen optie om in Suriname voor je muziek te gaan?
"Als tieners maakten mijn tweelingbroer Xillan en ik singer-songwriter-muziek. Daar is in Suriname weinig publiek voor. En het land is dankzij de huidige politiek ook niet echt verbonden met de rest van de wereld. Ik zag het weer toen ik in december terug was: Suriname heeft zo veel potentie, de mensen zo veel talent, maar het komt er niet helemaal uit."

In hoeverre speelde je homoseksuele geaardheid ook een rol bij die stap? Suriname staat niet bekend als heel ruimdenkend op dat vlak.
"Mijn verhuizing had twee redenen, inderdaad. Het voelde een beetje als een vlucht naar een tolerante wereld. Toen ik een halfjaar later terugkwam in Nederland, was ik uit de kast met mijn eerste voet die ik buiten het vliegtuig uit Paramaribo zette. Ik ging in Hengelo wonen, maar was bijna elk weekend hier, dan logeerde ik bij mijn grootouders. Ik kan mijn eerste keer Pride nog goed herinneren. Man, dat was geweldig. Zo kon het dus ook."

Wanneer besefte je dat je anders was dan de meeste anderen?
"Eigenlijk heb ik dat altijd wel geweten. Ik voelde me gewoon nooit aangetrokken tot meisjes. Op mijn vijftiende kon ik mijn afwijkende gevoel een naam geven. Homo, dus. Maar ja, ik kon daar weinig mee in de machocultuur van Suriname. Het draaide altijd om meisjes versieren. Ik had wel veel hechte vriendschappen met hen, maar heb geen meisje zelfs maar gekust."

"Natuurlijk vond ik in Suriname op school ook jongens leuk, maar ik was niet zelfverzekerd genoeg om iemand te versieren. De onwetendheid in Suriname leidt daar nog steeds af en toe tot homofobie. Ik durfde gewoon niets te zeggen."

Heb je het thuis wel verteld?
"Op mijn zeventiende, ja. Aan mijn moeder. Hoewel ik met mijn tweelingbroer bijna alles deel, vond ik haar reactie toch het belangrijkste. Als behalve zij niemand anders het zou accepteren, kon ik er toch mee leven, dacht ik. We waren alleen thuis en zaten aan de keukentafel. Ik wilde het zeggen, maar het lukte niet."

"Na zo'n 20 minuten haperen, kwam het er toch uit. Ze reageerde hartstikke lief, zei dat ze het al wel vermoedde. Gek genoeg was het toch een verdrietig moment. Ik wist toen al zeker dat ik muzikant wilde worden en geloofde dat mijn homoseksualiteit dat voor altijd in de weg zou staan."

Volgens je vriend past er een woord het beste bij jouw band met Amsterdam: 'vrijheid'.
"Hier kon ik voor het eerst zijn wie ik ben, ja. Toen ik hier op mijn negentiende twee maanden op vakantie was, durfde ik voor het eerst te daten. Met hulp van apps als Tinder. Ja, natuurlijk weet ik mijn eerste afspraakje nog. Die jongen en ik ontmoetten elkaar op een bankje voor de Westerkerk. Vlak bij het homomonument, daar moet ik nog steeds een beetje om lachen. Het voelde meteen heel natuurlijk. In Amsterdam ben ik voor het eerst verliefd geworden en is mijn hart voor het eerst gebroken."

Lacht. "Allemaal in die twee maanden."

Op je vorige album stond het nummer Tell Me Father. Je vraagt je daarin af of je de man bent geworden die je vader hoopte dat je zou worden. Die vraag leefde echt bij je?
"Ik had het nooit met mijn vader over mijn seksualiteit gehad voor ik naar Nederland vertrok. Mijn ouders zijn gescheiden, hij woont ergens anders. Ik nam aan dat hij er via mijn moeder wel van wist, maar twijfelde of hij het oké vond. Zou zijn liefde onvoorwaardelijk zijn? We hebben het er nog steeds niet specifiek over gehad, maar hij heeft een paar keer gezegd dat hij erg trots op me is. Dat is voor mij voldoende. We hebben een goede band."

"Ik heb echt geluk gehad met mijn familie. In Suriname hoor ik nog steeds verhalen over jongens die uit huis worden gezet als ze het vertellen. Als Sebas nu meekomt, wordt hij heel warm omarmd door al mijn tantes."

Jeangu Macrooy

Vertel eens over het familiebezoek van afgelopen december? Een deel van de familie reageerde op z'n minst onwennig, hoorde ik.
"Dat waren meer buren. In Suriname is het begrip familie heel rekbaar. Ik wist dat een deel van hen streng gelovig is. Ze schudden ons de hand, maar hebben daarna niets meer gezegd. Ik denk dat ze zichzelf geen houding wisten te geven."

"Het tekent Suriname. Het blijft mijn thuis, maar ik ga er niet hand in hand met Sebas over straat. Die afgelopen weken voelden een beetje als terug in de kast. Dat benauwde gevoel was even terug."

Jij hebt ook een gelovige opvoeding gehad.
"Rooms-katholiek, ja. Ik volgde bijbellessen, deed de heilige communie en het vormsel. Dat ik besloot niet meer naar de kerk te gaan kwam door de vorige paus, die toen heel nare dingen over homo's zei. Ik kan me herinneren dat ik op kerstavond weer in de bankjes zat en dacht: ik ben hier duidelijk niet gewenst. Ik was een jaar of achttien en besloot: dit is genoeg."

"Ik ben nog wel spiritueel hoor. Geloof in het overbrengen van positieve energie: 'Wat je geeft, krijg je terug.' Maar die man op een troon op een wolk bestaat voor mij niet meer."

Met welk gevoel trad jij afgelopen jaar dan op tijdens The Passion van de EO?
"Ik sta nog helemaal achter de kernboodschap van het christendom: 'Heb uw naaste lief als uzelf.' Alleen moet dat dan wel zonder uitzondering gelden."

Je vertelde eerder over je plan een Surinaamse boot op de Amsterdamse Gay Pride te laten varen.
"Dat voornemen heb ik nog steeds, hoewel ik er nog geen werk van heb gemaakt. Maar ik zie het wel voor me: lekker eten en een swingende brassband aan boord."

"Misschien betekent het meer als ik in Suriname iets in die richting onderneem. Het gaat daar heus elk jaar een beetje beter, maar er is nog zo veel te winnen. Ik las een onlineartikel over de Prideweek in Paramaribo. Ongelooflijk, die reacties die daar onder stonden! 'Waarom willen die mannen een vrouw zijn?' Mensen weten gewoon niet wat homoseksualiteit is. Er is nog veel voorlichting nodig. Voor mijn gevoel is voor mij de eerste stap open te praten over wie ik ben."

Is in Nederland de situatie compleet anders?
"Natuurlijk, Nederland is een heel stuk verder. Maar soms lijkt het wel alsof de acceptatie alleen maar geldt als je binnen een heteronormatief denkpatroon valt. Wie een andere vorm kiest dan een monogame, vaste relatie wordt door veel mensen nog steeds vreemd gevonden."

"Ik vraag me weleens af hoever de acceptatie hier nu precies reikt, discussieerde er laatst over met mijn manager. We maakten een videoclip die volgens hem nogal gay zou kunnen overkomen. Hij vond dat zelf uiteraard niet erg, maar ik moest me volgens hem wel afvragen of iedereen zich er wel in kon herkennen. Het feit alleen al dat ik daarmee rekening moet houden, vind ik vervelend."

Wat was er precies met die clip?
"Het ging om een combinatie van shots in de clip van How Much I Love You. Ik wilde een roze bloemenkrans omdoen en maakte een paar zachte, vrouwelijke bewegingen. Vond ik goed passen. Maar blijkbaar ligt er nog steeds ergens vast dat mannen stoer moeten zijn. Ik heb die krans toch gewoon om mijn nek gehangen. De clip bleef zoals hij was. Voor mij is het helder: als ik een keer zin heb om iets queers te doen, doe ik het gewoon. En als ik niet doe, is dat omdat ik er geen zin in heb en niet omdat anderen er aanstoot aan nemen."

"Gelukkig zie je steeds meer films waarin twee mannen of twee vrouwen een liefdesverhaal spelen zonder dat de nadruk op hun worsteling met hun seksualiteit ligt. Zo'n verhaal kan een hetero toch ook gewoon begrijpen? Net zoals ik de Titanic ook altijd geweldig heb gevonden."

"Maar stel dat ik in een clip zou zoenen met een man. Ik weet zeker dat daarover veel ophef zou ontstaan. Terwijl mannen en vrouwen constant zoenen in clips! Kijk, ik hoef niet te provoceren, maar een klein beetje activisme vind ik leuk. Ik wil best meehelpen aan de zichtbaarheid."

Geldt hetzelfde ook voor je liedteksten?
"Waarom zou een liedje met een 'hij' erin minder mooi zijn dan eentje over een 'zij'? Meestal spreek ik mijn geliefde in liedjes direct aan, dus gebruik ik 'you'. Maar in het lied Colors zing ik over 'he'. Niet uit activisme. Ik vond gewoon dat het verhaal van het liedje moest kloppen."

Zanger Jamai Loman vertelde vorig jaar dat hij alle 'hij's' in zijn teksten had verwijderd om zijn publiek niet voor het hoofd te stoten.
"Dat zou ik dus niet doen. Juist omdat ik bij liedjes waar een man voor een vrouw zingt zelf ook prima die emotie begrijp. Dan zou dat omgekeerd toch ook moeten kunnen? En daarbij: als geen liedjesschrijver het ooit eens doet, gaat ook niemand eraan wennen."

In je nieuwe lied How Much I Love You zit geen 'he'. Maar het lijkt me duidelijk aan wie dat is nummer is gericht.
"Dat is een liefdesverklaring. Mijn relatie was de inspiratie, ja."

Hoe hebben jullie elkaar ontmoet?
"Tja, hoe zeg je dat? We zijn elkaar online tegengekomen. Op een datingapp. We hadden friendly conversation en die groeide nadat we elkaar in het echt hadden ontmoet. Langzaam was het onontkoombaar dat we echt verliefd waren. Dit is mijn eerste echte relatie en dat nieuwe niveau van intimiteit bevalt heel goed."

"Als we bij elkaar zijn, voelt het altijd goed. Je maakt elkaar op een heel ongedwongen manier gelukkig. We zijn graag samen, maar geven elkaar ook de ruimte."

Hij zegt: 'Als je Jeangu meeneemt naar een feestje, zit hij de hele avond in een hoekje.'
"Mijn plek om de spotlights te pakken is het podium. Daarbuiten ben ik vrij rustig en introvert. Ik houd van mannen die dat een beetje compenseren, wat meer aanwezig zijn. Ik heb totaal niet de behoefte overal het middelpunt te zijn."

"Ik heb op zo'n feestje liever één goed gesprek dan een heleboel van die vlugge praatjes. Lijkt me vermoeiend om altijd aan te moeten staan. Dat zou ook geforceerd zijn. Op het podium wordt die energie door de muziek aangewakkerd en gaat het vanzelf."

"Daarin ben ik ook zelfverzekerder geworden. Vroeger was het: 'Wat fijn dat die mensen toelaten dat ik voor ze zing.' Nu denk ik: dit is mijn territorium. Hier ben ik in mijn element en iedereen is uitgenodigd om mee te doen."

Jeangu Macrooy Beeld Teska Overbeeke

Een tweede album is in de muziek vaak beladen. Heb je druk gevoeld om te bewijzen dat je geen eendagsvlieg bent?
"Ik heb er eigenlijk niet zo bij nagedacht. Heb gewoon gemaakt wat ik in mijn hoofd had. Ik merkte dat ik na mijn eerste album al snel een stempel kreeg. 'Hij is een soulzanger, dus hij maakt altijd soul'. Ik houd ook erg van die muziek, maar er is zo veel meer dat me inspireert en waarmee ik wil experimenteren. Popmuziek en zelfs rockinvloeden. Het leek me ook zinloos hetzelfde te maken als wat ik al had gedaan. Ik had mezelf ermee verveeld."

Op de hoesfoto kijk je de luisteraar recht aan. Symbolisch?
"Op geen van mijn vorige persfoto's bleek ik de camera in te kijken. Ik ben gegroeid, zelfverzekerder geworden. Dat wilde ik laten zien."

In je nieuwe lied Adrenaline zing je: I didn't know life could be so incredible.
"In mijn vijf jaar in Nederland is er zo ongelooflijk veel veranderd. Voor mij is heel belangrijk te beseffen dat ik het besluit ervoor te gaan op intuïtie heb genomen. Sindsdien laat ik me vaker leiden door mijn gevoel. Blijkbaar brengt dat je waar je moet zijn. Ik ben oprecht heel blij met hoe mijn leven nu is. Inderdaad, ik wist niet dat het zo mooi kon zijn."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden