PlusSchrijvershotel

Jan Mulder: ‘Ik bewonderde Sywert, hij was manusje-van-alles in het schrijvershotel’

Wat is een schrijvershotel zonder schrijvers? Een pen zonder inkt? Gedurende zes maanden wordt wekelijks een auteur uitgenodigd om tijdens een verblijf in het Amsterdamse Ambassade Hotel te beschrijven hoe het schrijverschap in deze tijd voor hem of haar is.

Jan Mulder. Beeld Jasmin Gunther/Ambassade Hotel
Jan Mulder.Beeld Jasmin Gunther/Ambassade Hotel

Een mooi oud pand, gelegen aan een gracht. Prettige entree en dan loop je verhalen binnen. Hier zijn anekdotes geboren, beroemde roddels verspreid, ruzies en verzoeningen geschreven. ­­

Ik ga met de lift naar de eerste verdieping. Een gang. Mijn kamer is op het einde van die gang. Ik kom er niet doorheen, hoewel dat fysiek mogelijk moet zijn: ik ben nog goed ter been en de ruimte tussen de muren is ruim een meter, waar ik zelf in de breedte een centimeter of zestig meet.

Halverwege willen de benen niet meer vooruit: mijn ogen blijven achter een schilderij haken. Aan beide muren hangen werken van de kunstenaar Theo Wolvecamp. Tientallen jaren heb ik ze nu al zien hangen en niet één keer ben ik ze voorbijgelopen zonder in vervoering te raken. Een beeldschone onbekende vrouw die me door een kier van de deur naar haar kamer lokt, de vermoeidheid na de harde arbeid die me overmant, een Amerikaans echtpaar dat de weg naar het Rijksmuseum vraagt: ik wil misschien wel, maar het ontgaat me allemaal, ik ben verdwenen in beschilderd pakpapier.

Wat veel eigenaren niet weten, is de waarde van kunst voor de aantrekkingskracht van hun hotel. Wat je er over het algemeen aantreft, zie je ook wel in de wachtkamer van de tandarts. Goede schilderijen geven het hotel allure, ahum, identiteit. Fijne bijkomstigheid van een kunsthotel zijn de schrijvers, die zich er graag laten interviewen. Zij hebben smaak en voelen zich thuis in het kunsthotel.

Het predicaat schrijvershotel spreekt meer tot de verbeelding dan kunsthotel. Om onnaspeurbare redenen is mijn kunsthotel zelf ook meer gesteld op schrijvers (fijnzinnige types) dan op schilders (ruwe binken) met hun wulpse aanhang. Meestal krijg je de twee voor één prijs. Is er sprake van goede kunst aan de muur, staan er schrijvers in het gastenboek. Hun gesigneerde werken kunnen we in de bibliotheek annex bar lezen. De barkeeper zou een mooi boek over het eeuwig komende en vertrekkende kunstvolk kunnen schrijven, hij deed dat nog niet.

Tot slot zou ik een anekdote aan mijn hotel willen toevoegen. Enkele jaren geleden, ik was aan het inchecken, sleurde een jongeman twee zware koffers uit de lift. Ik kende hem van zijn politieke commentaren in het televisieprogramma De Wereld Draait Door. “Hé, Sywert.” Om wat bij te verdienen, werkte hij in het schrijvershotel als manusje-van-alles. Achter Sywert stonden de gasten die naar Schiphol moesten, hij groette me snel, en met zijn laatste krachten tilde hij hun koffers in de achterbak van de taxi, haastte zich daarna naar een enorme zak met vuil beddengoed. Ik bewonderde hem.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden