Opinie

Is dit nog wel literatuur? Zo schrijven vrouwen over seks

De boeken van mannelijke auteurs leveren een verbluffend eenzijdig beeld van vrouwelijke seksualiteit op. Maar als vrouwen over seks schrijven, mag het plots geen literatuur meer heten, zo betoogt schrijver Maria Vlaar

Beeld Rein Janssen

De kiem voor dit stuk werd gelegd toen ik een recent gepubliceerd verhaal las van een veelgeprezen mannelijke literaire auteur, waarin een vrouw zich probeert voor te stellen dat ze voor de eerste keer seks heeft met een kersverse minnaar. Hij buigt zich over haar heen, ‘neemt’ haar zonder dat de rest van zijn lichaam haar aanraakt, en dan is het raak: zij komt ‘glorieus’ klaar.

Ik kon mij niet anders voorstellen dan dat de schrijver diepe ironie bedreef. Dit is immers niet hoe vrouwen, maar hoe mannen het graag zien: ze penetreren de vrouw en zij komt uit dankbaarheid daarvoor meteen klaar. Deze gevierde intellectueel zou toch wel weten dat hij een mannelijke pornofantasie beschreef?

Sinds Jan Cremer en Jan Wolkers kijkt niemand meer op van een stevige seksscène in een literaire roman. Toch werd ik verschillende keren aangesproken op de seksscènes in mijn verhalenbundel Diepe aarde. ‘Niet functioneel,’ schreef een vertaler die verder vol lof was. ‘Oei, oei, oei,’ fluisterde een lezeres mij toe tijdens een literaire voorleesmiddag. Ik was verbaasd. Waren we dit olalastadium niet allang gepasseerd? Niet, zo bleek mij, als het gaat om vrouwelijke schrijvers.

Gruwelijk spinnenweb

Vrouwen die er helemaal voor gaan – ­Heleen van Rooyen, Catherine Millet, E.L. James – worden snel buiten de categorie ‘literatuur’ geplaatst en besproken op andere dan de literaire krantenpagina’s, wat mannelijke auteurs niet zo snel zou overkomen. Maar hoe zit het met seks beschreven door vrouwen die wél erkend worden als literair auteur?

In Vallen is als vliegen van Manon Uphoff, het grandioze boek over het gruwelijke spinnenweb van incest waarin zij als kind gevangen zat, is een episode die begint met ‘En vaak is daar ’s avonds zijn hand… als hij je aanraakt en streelt, over je rug…’ Uphoff schrijft daar over seks met haar man, en hoe die huiselijke, echtelijke seks haar kalmeert.

‘Met zijn vingers als fiere soldaatjes marcherend, dwalend, af en toe stoppend, nadenkend, aarzelend… dan oprukkend naar de zachte bloedpaarse heuvels, zich verliezend in de haartjes, gevangen, naar beneden en naar binnen glippend, snuffelend, nieuwsgierig naar die plek die is als een konijnenholletje (down the rabbit hole), duikend, op en neer glijdend, mmm-mmm, als het donker komt vervulling, ga dieper, ga geweldiger, ga heftiger, zorg maar dat er geen ruimte is voor iets anders, mmmmmm, tot de haan, de penis, de lul, de pik, de Schwanz, de staaf, de fluwelen jager, de hermelijn, de kurats uitbarst in een glorieuze mini-vulkanische eruptie van zaad en vocht.’

De scène eindigt met ‘zo’n vrede ligt er naast je’ – dit is diep-vertrouwde, woordeloze en bevredigende seks zoals dat in een huwelijk waarin twee mensen elkaar na jaren nog begeren kan bestaan. En het is een oase van, inderdaad, vrede, in een boek waarin seks oorlog is. Het misbruik dat Uphoff overkwam werd deels, zo stipt ze aan, gelegitimeerd door literaire voorbeelden: de vader in het boek is ‘de best opgeleide, meest verfijnde en Humbert Humbertiaanse’ onder de ‘angstaanjagende havikmensen’ die de meisjes uit de familie al van kleuter af aan als ‘Lolita’ beschouwen.

Ophemeling van prostitutie

Het is niet alleen Nabokov die onze literaire blik op seksualiteit heeft gevormd, of misvormd. Onlangs schreef romancier Mariët Meester in NRC Handelsblad onder de titel #MeToo in de boekenkast hoe zij inmiddels de literatuur van J.M. Coetzee (In ongenade: universitair docent heeft eenmaal per week seks met prostituee maar als hij niet meer welkom is weet hij een studente zover te krijgen) en Philip Roth nauwelijks meer lezen kan.

De ophemeling van prostitutie bijvoorbeeld – toch de meest eenzijdige vorm van seks die je je kunt voorstellen – kom ik ook tegen in het werk van Joost Zwagerman, over wie ik een biografie schrijf. Meester las ook een aantal willekeurig gekozen romans van Nederlandse auteurs, en noteert: ‘Weer die hoeren, weer die fenomenale bedcapriolen.’ Steeds is er een ‘sensuele jonge vrouw’ nodig die de mannelijke hoofdpersoon ‘door zijn moeilijke bestaan loodst’, en jongemannen ‘neuken’ meisjes die ‘evengoed opblaaspoppen kunnen zijn, zo weinig leer je ze kennen.’ Voor vrouwen levert deze literatuur een frustrerend eenzijdig beeld van vrouwelijke seksualiteit op.

Waar mannelijke schrijvers zich nauwelijks in een vrouwelijk perspectief verplaatsen, proberen vrouwelijke schrijvers zich wél voor te stellen hoe mannen (én vrouwen) hun seksualiteit beleven. Marie Kessels beschrijft in haar overdonderende liefdesroman Veldheer Banner het vrouwelijk orgasme door het ‘weelderig tongbad’ van de minnaar (Banner), die woorden vindt ‘voor het vloeibare, het smeuïge, sappige, het druipende, glijdende, smeltende, en woorden voor het ontluikende, stuwende, kloppende.’

De jongste generatie schrijvers bestaat voor een verbluffend deel uit vrouwen die biseksueel of lesbisch of genderneutraal zijn; er is een inhaalslag aan de gang. In Welkom in het rijk der zieken beschrijft Hanna Bervoets seks tussen twee chronisch zieken, geschreven vanuit het perspectief van de hetero Clay, die door zijn geliefde Nora verlaten is. Clay heeft seks met de lesbische Marla. Ze kussen, kleden elkaar uit, en dan plaatst Marla haar mond over Clays tepel en zuigt, begint dan met haar tong over zijn tepel te bewegen ‘eerst langzaam, sensueel, daarna steeds sneller, ronduit driftig.’

Als Marla haar hand omlaag laat glijden en haar wijsvinger tussen Clays ballen plaatst en zachtjes begint te wrijven, heeft Clay het ineens door: ‘Marla bemint je alsof je een vrouw bent.’ Hier beschrijft een lesbische vrouwelijke auteur hoe een man seksualiteit beleeft. Deze scène werkt als een verwarrend spiegelpaleis, waarin een hetero-man ongebruikelijke, maar uiteindelijk toch opwindende seks heeft door als een vrouw te beminnen.

Lange scheute

Elsbeth Etty schreef ooit een novelle met de titel Maak jezelf maar klaar als verjaardagscadeau voor Harry Mulisch; deze titel is de zin die Max in De ontdekking van de hemel, tegen zijn geliefde Ada zegt terwijl hij het bed uitstapt. In 2012 stelde Etty de bloemlezing De Nederlandse erotische literatuur in 80 en enige verhalen samen. Zestig verhalen van mannen, vierentwintig van vrouwen, meer over moeilijkheden en taboes dan over het genot dat seks kan zijn. Vonne van der Meer ontbreekt vreemd genoeg, terwijl haar erotische verhaal Bedrog een klassieker is als het om vrouwelijke begeerte gaat.

Mensje van Keulen laat twee vrouwen in Trucjes onbekommerd en gelijktijdig van seks genieten met de verteller, een goochelende dwerg met een toverstokje. De ene vrouw zit bovenop en neukt hem. De dwerg hoort ‘het gesop van hun tongen. Het zachte gewelf boven me wulpte rond het stokje, over het door vocht beglansde hout glipte een dikke druppel. Ik zweefde te midden van zoete kleuren en bedwelmende geuren, het leven gleed uit mijn ledematen af naar mijn onderbuik. En het zwol en bonkte en spuwde zich uit in hete, lange scheuten.’ Waar blijft de mannelijke auteur die zo vrolijk een vrouwelijk orgasme beschrijft?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden