Plus

In Solas vormen muziek en dans samen één taal

Met eeuwenoude gestiek en muziek weven tien dansers en musici in Solas een meerstemmige en eigentijdse compositie. ‘Er zijn veel soorten troost.’

De set van Solas, met op gitaar Wiek Hijmans en Luana van Eekeren in rood shirt. Beeld Anna van Kooij

 ‘Komt een voordeur dwars door de grassen sturen.’ De liederen van middeleeuwse troubadours en de Engelse renaissancecomponist John Dowland die we in Solas horen, zijn door Erik Bindervoet en Robert-Jan Henkes naar onze taal en tijd gekatapulteerd. Het tweetal – dat eerder teksten van James Joyce en The Beatles vertaalde – staat erom bekend de ruimte tussen bron en equivalent op te rekken door vooral de klank als uitgangspunt te nemen. Zelf spreken ze van taalmuziek.

Ruimte is iets waar Harijono Roebana en Andrea Leine in hun oeuvre altijd naar op zoek zijn. De ruimte tussen de dans en de muziek, tussen de bewegingen, de uiteenlopende achtergronden van de dansers, de afzonderlijke episodes in de voorstelling.

In Solas wilden de choreografen opnieuw met zangers samenwerken, omdat die niet alleen melodie en ritme inbrengen, maar ook tekst. Hoe kan de dans zich daartoe verhouden, autonoom, contrapuntisch of juist in het verlengde ervan, luidt ditmaal hun vraag. In hoeverre bepaalt tekst die tijdens een voorstelling klinkt de betekenis van de dans? Hoe sterk is de zeggingskracht van eigentijdse dans?

Danseres Luana van Eekeren en gitarist Wiek Hijmans zijn vertrouwd met de eclectische combinatie van elementen in voorstellingen van Leine en Roebana. Zowel op het niveau van de bewegingstaal als op dat van de totale choreografie geldt: er is geen rode draad – toeschouwers destilleren hun eigen verhaal. Ook in dit stuk presenteren zij een reeks fragmenten die in meerdere opzichten contrasteren.

Niet-klassiek stemgeluid

“Het leukste voor mij aan deze nieuwe voorstelling is dat er zoveel zang in zit,” zegt Van Eekeren, “en dat ik zelf ook mag zingen.” Ze koos destijds voor de opleiding jazz-/musicaldans in Amsterdam, omdat ze er lessen dans en zang kreeg. In Solas danst ze een gloednieuwe solo op een eeuwenoud lied en zingt ze Dowlands Say Love met haar eigen, niet-klassieke stemgeluid. Daarmee is haar aandeel van een totaal andere kleur dan dat van de (mezzo)­sopranen Talitha van der Spek en Elisabeth Hetherington, met wie ze het podium deelt.

Wiek Hijmans, vermaard op elektrische gitaar, en David Mackor, vers afgestudeerd luitist, bewegen ook over de dansvloer, waar zes dansers in actie komen.

Hijmans: “Deze samenwerking is heel intensief. Er is veel onderzocht, veel uitgeprobeerd. De aanpak is echt transdisciplinair: de para­meters uit de ene kunstvorm worden op de andere toegepast. Zo wordt een muzikale frase soms voortgezet in de dans, die als het ware zelf muziek wordt en zich in stilte voltrekt. Omgekeerd beïnvloedt de structuur en kwaliteit van de beweging de muziek. Ik ben enorm geïnspireerd geraakt door wat deze choreografen en dansers doen met de muziek.”

“Voor een deel klinkt er bestaande muziek in Solas. Daarnaast is veel nieuwe muziek in de studio ontstaan. De musici zijn vaak bij de repetities geweest en opgenomen in de choreografie. Het resultaat is daardoor veel méér dan muziek en dans die voor de duur van de voorstelling ­samenkomen; de som der delen is één taal. Wat wij met Solas willen genereren is een gelaagd en meerstemmig betekenisweb.”

Op weg naar Solas heeft Van Eekeren veel geleerd. Vooral de workshop van Jed Wentz gooit hoge ogen. “Hij is specialist op het gebied van 18de-eeuwse gestiek en declamatie. In die tijd werden de theaters groter, dus acteurs moesten hun woorden kracht bijzetten met duidelijke gebarentaal.”

Nieuwe bewegingen

Van Eekeren: “Die gebaren hebben wij aangeleerd en getransformeerd met behulp van diverse LeineRoebana-operaties. Daardoor wordt symmetrisch bijvoorbeeld asymmetrisch, staccato vloeiend, laag hoog of omgekeerd. Onze nieuwe bewegingen zijn op oude liederen gezet, waardoor ik nu extra van die muziek geniet.”

Volgens Hijmans roept de voorstelling op heel veel manieren een gevoel van troost op. Zijn eigen favoriete scène is die met Figure and Ground van de Amerikaanse componist Derek Bermel. “Voor mij is het een enorm troostrijk ­gitaarstuk met een heel vriendelijke, doorgaande beweging. Dat werkt geruststellend. Als ik het speel, zweeft Luana naar me toe. Dat vind ik het mooiste in Solas: de momenten dat je echt contact hebt met elkaar.”

Solas, LeineRoebana: 9/11 Internationaal Theater Amsterdam, 22-23/11 Toneelschuur Haarlem.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden