PlusBoekrecensie

In haar derde bundel dicht Florence Tonk direct en onomwonden, maar zonder gelaagheid

null Beeld

Je sloeg me een keer / van de trap daar, maar je handen / braken mijn pretty red heart in two/ toen je mij er op mijn tiende/achterliet (…)’ dicht Florence Tonk in haar bundel Half heel. En dan keert haar vader terug in de gelijkenis met haar zoon: ‘net als de zoon / met een paar van je genen / je oogopslag, de handen / die ik door heb / gegeven / Half heel / ben ik altijd gebleven.’

Het doorgeven van familie-eigenschappen kan vertrouwd én beangstigend én heel verwarrend zijn.

Verhalend

Half heel is een mooie en eufemis­tische manier om te beschrijven hoe iets beschadigd is geraakt door pijn, teleurstelling en het leven. Hoe rouw je om een vader die er ook een aantal lelijke eigenschappen op nahield? Hoe ervaar je de liefde voor je eigen kind? Tonk dicht in de opvolger van Rijgen (2013) over wat er verloren ging, maar ook over wat ervoor terugkwam. Dat doet ze zonder omhaal in verhalende gedichten, die soms op verslagen lijken.

Op de achterflap van de bundel flonkert een losgezongen blurb van dichter Anne Vegter: ‘Taal als oerkracht’ en als je deze letterlijk neemt zie je inderdaad dat de taal in de bundel precies doet waarvoor taal bedoeld is: directe, onomwonden communicatie met de lezer. Het benoemen van de dingen des levens en daar betekenis aan toekennen, af en toe aan de hand van metaforen, die nadrukkelijk als metaforen voor het voetlicht worden gebracht.

Linda

Het gedicht Repeteren had bijvoorbeeld evengoed Liefde is… naar de platgeslagen cartoon kunnen heten. Met zinnen als: ‘Meer dan mijn vader (…) / ben jij voor mij / die kleine god, met een snee gehaald’ bezingt ze de liefde voor haar kind. Herkenbaar en liefdevol, maar niet verrassend in taal, vorm of beeldspraak.

Want, hoewel de bundel mooie of geestige observaties bevat (begra­fenisondernemers die lijden aan ‘professionele somberte’), missen de gedichten regelmatig gelaagdheid. De dichter legt uit wat de dingen voor haar betekenen, meer ‘tell’, dan ‘show’.

In het gedicht Het beest, dat begint met ‘Sterke vrouwen hebben ook een beest in zich, stond op de Linda,’ legt Tonk gedetailleerd uit welke gedachten de cover van de glossy bij haar oproept: ‘Tot beest bestempelen / wat je niet kent.’ Maar in de laatste strofe staat er een dichter op: (...) ‘Het beest is niet / het nieuwe stout / het beest is oud, even oud als de eerste cel/ Het beest is leven.’

Half heel

Florence Tonk
Poëzie
Nieuw Amsterdam, €20, 64 blz.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden