PlusFilm van de week

In fenomenaal The Human Voice wordt pijn geleden

Ze is toegeeflijk, verslagen, getergd, soms smekend. Actrice Tilda Swinton verschiet perfect van emotie in The Human Voice, de eerste Engelstalige film van de Spaanse regisseur Pedro Almodóvar.

The Human Voice. Beeld
The Human Voice.

Er staan koffers bij de deur. Op bed ligt een zwart pak. ­Levenloze lappen stof die een lichaam nodig hebben om vorm te krijgen. Maar dat lichaam komt niet. In de zomerluwte van de pandemie maakte Pedro Almodóvar met The Human Voice zijn eerste Engelstalige film.

Het zijn dertig fenomenale minuten, gebaseerd op La voix humaine van de Franse schrijver en filmmaker Jean Cocteau. Een monoloog waarin een vrouw een telefoongesprek voert met haar ex-geliefde die haar heeft verlaten. Het stuk is talloze malen opgevoerd en verfilmd, de vrouw vertolkt door legendarische actrices als Ingrid Bergman en Anna Magnani. In Nederland maakte Halina Reijn furore met een enscenering door Ivo van Hove.

Toch voelt Almodóvars verfilming nooit als de zoveelste, zucht ze niet onder de schaduw van haar voorgangers. Dat komt mede door de wijze waarop Almodóvar zijn versie in het hart van zijn oeuvre plaatst en dat oeuvre er tegelijk mee binnenstebuiten keert.

In een felrode hoepeljurk stapt Tilda Swinton door een studio van grijs beton. Midden in die studio staat de set van een appartement dat voelt als een replica van ­woningen uit eerdere films van Almodóvar – en dat is het in zekere zin ook. Alle meubels en prullaria zijn afkomstig van andere filmsets van de Spaanse cineast. De okergele keukenkastjes, oranje bank en zeegroene muren zijn een doorsnede van een ruim veertig jaar omvattend oeuvre.

Het is slechts een van de manieren waarop The Human Voice terugverwijst in zijn werk. Zo echoot de muziek van vaste componist Alberto Iglesias geregeld thema’s uit ­andere films van Almodóvar. Het is een vorm van zelf­reflectie die in de lijn ligt van zijn wonderschone voorgaande film Dolor y gloria. Het zijn films die omkijken, zonder daarbij te vervallen in goedkope nostalgie.

In het appartement wacht de door Swinton gespeelde vrouw op haar minnaar, die toch zeker wel in persoon een punt achter hun vier jaar durende relatie zal komen zetten. Maar nee. Hij belt. Een telefoontje waarvan we­ ­alleen de kant van de vrouw meekrijgen. Hoe ze afwisselend de schijn ophoudt, van zich afbijt en gelaten luistert. Hoe alles wat ze zegt over anderen eigenlijk over haar gaat. Over Marta op wie de gapende leegte zo’n beangstigende aantrekkingskracht heeft en over de hond die nog overal naar hem zoekt. “Jij bent degene die hij wil.”

Alsof ze zoekt naar de versie van zichzelf die dit afscheid het best kan dragen, hult ze zich steeds in andere kleding. Alles in de knallende kleuren van een film van Douglas Sirk. Niet toevallig zijn er films van diens hand te ontwaren in de stapel dvd’s op de salontafel. Tussen onder meer Quentin Tarantino’s Kill Bill en Paul Thomas Andersons Phantom Thread. Liefde, wraak, vergif en vergeving; het schurkt allemaal tegen elkaar aan.

Een gapend gemis

En net als bij Sirk zit het zuur in die suikerzoete verpakking. Want laat je niet in de luren leggen door het perfect gekapte haar van Swinton, de designerjurken en puntgave design van de set. Die hevige stilering draagt pijn in zich. Een rauwe pijn die Swinton voelbaar maakt onder de technische perfectie waarmee ze van emotie verschiet. Afwisselend toegeeflijk, verslagen, getergd. Soms smekend, soms trotserend. En soms ontroerend breekbaar, wanneer het besef dat dit hun laatste gesprek is als een verstikkende deken over haar woorden valt.

Die verstikking kruipt ook het appartement in, die kleine binnenwereld die is losgerukt van de buitenwereld en neergekwakt in een kale, betonnen echokamer die alles genadeloos terugkaatst. Woorden, gedachtes, verlangens. Wanneer de vrouw haar bloemrijke balkon op loopt, biedt het uitzicht geen vergezichten maar die ­ondoordringbare grijze studiowand. Het maakt dat het kleurrijke interieur, die vormgeving die in de films van ­Almodóvar normaal zo knalt van leven, iets bedompts krijgt, doet snakken naar adem.

En elke keer als je toch even in de illusie bent ondergedompeld, is er weer een luchtshot dat het appartement ontmaskert als een skelet van schotten multiplex. Plots geen huis meer maar een constructie die slechts een ­gapend gemis omsluit. “Ik ben een ruïne van wat ik eens was,” zegt de vrouw en dat is het huis ook. Een cocon van afwezigheid waarin het bekende vervreemd is geraakt.

Nog drie keer Tilda Swinton

Als omlijsting van The Human Voice brengt Picl nog drie films met Tilda Swinton. De Britse actrice brak in de jaren tachtig door in de films van de recalcitrante Derek Jarman en bouwde sindsdien een mateloos gevarieerd oeuvre op. De special van Picl omvat twee films van Luca Guadagnino: het visueel weldadige melodrama Io sono l’amore (2009) en het bedrieglijk losbandige A Bigger Splash (2015), met naast Swinton een glansrol voor Ralph Fiennes. De laatste film is Jim Jarmusch’ sfeerrijke Only Lovers Left Alive (2013), over de letterlijk eeuwigdurende latrelatie tussen twee vampiers.

The Human Voice

Regie Pedro Almodóvar
Met Tilda Swinton
Te zien via Picl.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden