Plus Achtergrond

In de Gouden Eeuw was Amsterdam het epicentrum van de cartografie

Kaart van de zeereis van Willem Barentz, die in 1597 op Nova Zembla moest overwinteren. Beeld © Allard Pierson/UvA

Frederik de Wit, Jodocus Hondius, Joan Blaeu: in de Gouden Eeuw zaten de beste kaartenmakers van de wereld in Amsterdam. Hun werk is te zien in de tentoonstelling Het universum van Amsterdam. 

De koning zelf schreef het voorwoord van de catalogus bij de tentoonstelling Het universum van Amsterdam, met als ­ondertitel Schatten uit de Gouden Eeuw van de cartografie. Niet zo vreemd, want de tentoonstelling is in zijn huis te zien, het Koninklijk Paleis op de Dam. En wel in de huiskamer; De Burgerzaal.

‘De Burgerzaal in het Koninklijk Paleis ­Amsterdam is een plek die bij uitstek de verbeelding prikkelt. De bezoeker die de marmeren vloer betreedt, heeft drie enorme kaarten van het oostelijk en westelijk halfrond en de sterrenhemel aan zijn voeten. Ze getuigen van de grenzeloze ambitie van het zeventiende-eeuwse Amsterdam, dat zich beschouwde als de uitvalspoort van waaruit alle windstreken en wereldzeeën werden verkend. Wie de ronde moza­ïeken bekijkt terwijl hij er omheen loopt, voelt zich al snel een vrije ‘globetrotter’.’ Aldus Zijne Majesteit de Koning.

Die drie kaarten op de vloer van de Burgerzaal, zijn de grootste ter wereld met elk een diameter van 6,24 meter. Door middel van projecties worden de wereldkaarten, waarop veel nog niet ontdekt was, ‘afgemaakt’. Op de sterrenhemel zijn dan de figuren te zien die er oorspronkelijk op waren aangebracht, maar die in de loop der tijden zijn ‘weggelopen’, want de Burgerzaal was een voor iedereen toegankelijke ruimte.

Google Streetview

“De boodschap,” zegt conservator van de tentoonstelling Alice Taatgen, “is dat Amsterdam de wereld aan haar voeten had. Dat is echt de kern van hoe Amsterdam toen, in de zeventiende eeuw, over zichzelf dacht. Amsterdam was het epicentrum van de cartografie. De allerbeste kaartenmakers zaten hier, en kaarten en atlassen waren totaal hot. Men hoefde bij wijze van spreken maar een raam open te zetten om een beroemde kaartenmaker te roepen. Ze zaten hier allemaal in de buurt. Frederik de Wit had zijn zaak in de Kalverstraat waar nu de Rabobank zit, en ter hoogte van Madame Tussauds was het huis van Jodocus Hondius, een van de eerste grote kaartenmakers van Amsterdam. ­Joan Blaeu zat even verderop.”

De ­Atlas van de Grote Keurvorst van Brandenburg weegt 125 kg, meet 170 bij 220 cm en telt 38 kaarten. Beeld © Koninklijk Paleis Amsterdam

In de galerijen rond de Burgerzaal kan de bezoeker zich verlustigen aan schitterende kaarten en atlassen. Waar gebruikte men kaarten voor en waarom waren ze zo geliefd?

“De cartografie werd belangrijk met de aanleg en uitbreiding van de grachtengordel die in kaart moest worden gebracht. Ook oorlog en handel waren belangrijke aanleidingen om kaarten te maken. Maar al snel ontwikkelde cartografie zich voorbij het praktische. Kaarten werden al snel pronkstukken. Heel mooi en rijk gedetailleerd en geïllustreerd. Bijvoorbeeld om te laten zien wat er was in de wereld. Als je ­Amsterdam nog nooit uit was geweest, wat kon je dan verwachten? Hier zien we walvissen en walrussen op een kaart van de tocht van Willem Barentsz naar Nova Zembla.”

Even verderop is een kaart met kustprofielen te zien. “Dit is een soort Google Streetview uit 1740,” zegt Taatgen lachend. “Heel precies waren de kaarten toen nog niet, dus om een haven te vinden, ging je af op deze tekeningen. Als je die ene kerktoren zag, wist je dat de haven van Quemoy nog vijf kilometer varen was.”

Poppenhuisatlassen

Langs de prachtig gekleurde hemelatlas van ­Andreas Cellarius uit 1661, de maankaart van Willem Goeree uit 1690, – ‘Gek om te bedenken dat op dat moment het oppervlak van de maan nauwkeuriger is weergegeven dan de aarde’ – een zeekaart waarop de magnetische afwijkingen zijn aangebracht, mini-atlassen uit het beroemde poppenhuis van Petronella Oortman, de prachtige maar dure kaarten van Romeyn de Hooghe, en grote wandkaarten die als prestigeobject golden, komt de bezoeker uit bij het ‘onbetaalbare’ hoogtepunt van de tentoonstelling.

Het is een 125 kilo wegende, 38 kaarten tellende, 170 bij 220 centimeter metende, handgemaakte atlas. Bijna de grootste ter wereld. De ­Atlas van de Grote Keurvorst van Brandenburg, rond 1660 besteld bij Johan Blaeu. Opengeslagen op de kaart van Italië. Voor het eerst in tien jaar te zien, en alleen deze zomer, want in bruikleen van de staatsbibliotheek van Berlijn. ­Indrukwekkend. Komt dat zien!

Het universum van Amsterdam. Schatten uit de Gouden Eeuw van de cartografie. T/m 22-9 in het ­Koninklijk Paleis op de Dam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden