PlusFilm

In aanstekelijke schlemielenklucht Mandibules is de vraag: wat zit er toch in die koffer?

Still uit Mandibules. Beeld
Still uit Mandibules.

Manu is niet de slimste, maar het leven lacht hem toe. Wanneer hij in zijn natte slaapzak op het strand door een man ­wordt gewekt, krijgt hij een geweldig aanbod. Het is een simpele klus: ga met een auto naar mijnheer Michel Michel, neem een koffer in ontvangst en vervoer die naar het opgegeven adres. Daar krijg je 500 ballen. Let op: het is belangrijk dat je de koffer in de kofferbak van de auto vervoert.

Manu heeft een vraag: wat zit er in de koffer? Dat doet er niet toe, aldus de opdrachtgever. Het is niet belangrijk. Denk aan de 500 ballen. Dat doet Manu: 500 ballen! Hij steelt een oude Mercedes en rijdt eerst naar Jean-Gab. Dat is zijn beste vriend. Jean-Gab ziet wel wat in deelname aan de klus. Hij heeft een vraag: wat zit er in de koffer? Manu weet precies hoe het zit: dat doet er niet toe, denk aan de 500 ballen! Dat doet Jean-Gab.

Omdat de opdrachtgever nadrukkelijk eist dat de koffer in de kofferbak vervoerd moet worden, proberen de aspirantvervoerders de klep van de gejatte Mercedes te openen. Dat lukt niet, want ze hebben geen sleutel. Wanneer ze een snoeischaar als blikopener gebruiken blijkt er een enorme vlieg in de kofferbak te liggen, met het formaat van een flinke hond. Daar kijken ze van op. Jean-Gab oppert dat je met een grote vlieg waarschijnlijk meer dan 500 ballen kunt verdienen. Maar hoe?

Het uitgangspunt van Mandibules is bizar. Maar niet voor de Franse schrijver, regisseur, cameraman annex editor Quentin Dupieux, die in Nederlandse filmhuizen opviel met Realité en Le Daim (uitgebracht met de Engelse titels Reality en Deerskin). Dupieux zaaide eerder verwarring in het festivalcircuit met surrealistische komedies waarin de conventies van normale films vrolijk onderuit werden gehaald. Het was onduidelijk of hij daarmee commentaar wilde leveren op filmclichés en de behoudende amusementswereld.

Die vraag doet er al een paar films niet meer toe: Dupieux maakt absurdistische films waar onbekommerd om gelachen kan worden. Ze zijn met elkaar verbonden door zijn gortdroge humor en de plaatsing in een vaag herkenbaar verleden. Mandibules lijkt zich ook weer ergens in de jaren zeventig of tachtig af te spelen, maar misschien ook niet. Het is een aanstekelijke schlemielenklucht die een dik uur hoogst vermakelijk is, met dank aan het spel van Grégoire Ludig en David Marsais, die de domheid er duimendik bovenop leggen. De vlieg is ook goed.

Mandibules

Regie Quentin Dupieux

Met Grégoire Ludig, David Marsais, Adèle Exarchopoulos, India Hair

Te zien in City, Eye, Filmhallen, Kriterion

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden