Plus Interview

‘Ik vecht met mijn hersens in mijn freestyles’

De Amsterdamse rapper Mocromaniac veranderde zijn artiestennaam in Mani en doet niets liever dan rappen. Zijn nieuwe ep staat vol met hitgevoelige liedjes. ‘Ik wil alleen maar laten zien: ik kan alles.’

Voor Mani is hiphop ‘het mooiste’ dat hem ‘had kunnen overkomen’. Beeld Marie Wanders

Van de naam die Abdelilah el Foulani (31) al op zijn 17de op de onderkant van zijn rechterarm liet tatoeëren, heeft hij onlangs afscheid genomen: Mocromaniac. Onder die naam groeide hij uit tot een van de beste rappers van Nederland. 

Hij was lid van de groep Hydroboyz, die samen met Fresku het album Juice uitbracht en die nog steeds de ongekroonde koning is van hiphopplatform 101Barz. Zijn sessies, waarin hij bijna roekeloos ongeëvenaarde punchlines en free­styles rapt, scoren miljoenen YouTubeviews.

Deze middag in het Volkshotel in Oost is El Foulani opgewekt. Hij draagt een zwart Adidasshirt, twee gouden kettingen en een zwarte pet. Minutenlang praat hij, gedreven, zonder dat hij je aankijkt. Hij staart meestal naar links, waardoor zijn pet zijn ogen afschermt. Wanneer hij je dan weer met zijn donkere ogen aankijkt, is het indringend, alsof hij je wil overtuigen van wat hij zegt. 

Echte straatrat

Nog heel even over die tatoeage: El Foulani hield die twee jaar voor zijn moeder verborgen. Hij liep in de zomer in truien met lange mouwen. Als zijn moeder hem dan vroeg waarom, zei hij: “Ik moet mijn huid beschermen.”

Het was zijn leraar op de zmok-school, waar El Foulani op zijn 14de belandde, die hem na een ruzie met een andere klasgenoot naar zich toeriep en zei: “Jij gaat het maken met je mond.” Toen maakte die opmerking niet zoveel indruk. “Ik dacht: ik zit hier op een school voor moeilijk opvoedbare kinderen en deze man zegt me dit ineens.”

Hij was ‘een echte straatrat’ vroeger. “We waren buiten, weet ik veel wat we deden.” In de avonduren gingen zijn vrienden meestal uit, maar Mani ging naar huis. Zonder dat iemand het wist, schreef hij kladblokken vol met teksten. 

Twee jaar later stond er in zijn slaapkamer gloednieuwe studioapparatuur, verkregen ‘op een rare manier’. Hij oefende op internetbeats en werd steeds beter. “De eerste keer dat mijn vrienden me hoorden, was ik al op een ráár niveau. Ze waren direct verkocht, de hele buurt.”

Buiten de comfortzone

Op zijn nieuwe ep rapt El Foulani in de nummers Hamdoulilah en Verliezen openhartig en autobiografisch, zoals in die laatste: “Hongerig, er was geen moer in huis/ Ik moest de straten op/ Die tijd dacht ik: ik blijf een crimineel totdat mijn adem stopt/ Het kwam niet uit mijn hart/ Mijn brain zei dat ik geen kansen had.” 

Dat hiphop zijn leven redde, zijn volgens hem te grote woorden. Het is wel ‘het mooiste’ dat hem ‘had kunnen overkomen’. Zijn liefde voor hiphop is groot. Op zijn nieuwe album wil hij hoe dan ook ráppen. “Ik wilde met deze ep laten zien dat ik alles kan. Ik ging buiten mijn comfortzone.”

El Foulani begint dan aan de hand van de hip­hopelementen op te sommen waarom hij bij de beste rappers hoort. Punchlines. “Die zijn altijd diep. Ik heb er zoveel, ik kan er nu niet eentje verzinnen.” De flow. “Wat kan iemand daarover zeggen?” Delivery. “Ik heb alles, man.” Techniek. “Ik adem alsof ik niet eens adem, alsof ik onder water rap.”

Hij is even stil. “Het enige wat ik nog niet heb is geluk, man.” Heeft hij echt het gevoel dat hij geen geluk heeft? “Ik ga niet doen alsof ik pech heb, maar voor mijn niveau?” Misschien komt het doordat Mani zijn fans ruim tien jaar liet wachten op zijn debuutalbum, Maniac, dat pas vorig jaar bij Top Notch verscheen.

Zonder voorbedachte teksten

In al die jaren dook de rapper sporadisch op, meestal bij 101Barz. Daar liet hij zien dat hij naar eigen zeggen in ieder geval in freestylen – rappen uit het hoofd, zonder voorbedachte teksten op een voor de rapper meestal onbekende beat –de állerbeste is. 

El Foulani: “Als ik freestyle, dan hoor je dat ik aan het freestylen ben, dat ik echt met mijn hersenen vecht. Heel veel rappers komen nu met zogenaamde freestyles, terwijl ik dan hoor dat ze die teksten eerder schreven. Dan denk ik: ga spelen, man. Hersenen werken echt niet zo.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden