Plus Theater

IJzersterke liedjes kenmerken het beste van Kommil Foo

De broers Raf en Mich Walschaerts vieren met Oogst hun dertigjarig jubileum. Beeld Jaap Reedijk

Het allerbeste nummer dat Kommil Foo ooit maakte, in de ogen van deze recensent dan, is Het beest is baas. Het gaat over wat je niet ziet, maar wel voelt, gegoten in een ontmoeting tussen een man en een vrouw. Ze zijn dol op elkaar, maar iets staat hun liefde in de weg. Dat iets kan vele vormen aannemen. Onzekerheid. Angst. Twijfel. In je eigen ogen niet goed genoeg zijn.

Verzamelnaam: Het Beest. Als dat beest zijn kop opsteekt, doen feiten er niet meer toe. Je moet weg en wel nu, al zal de ander daar weinig van begrijpen. Je moet schuilen voor je eigen schaamte. ‘Liefste, helaas, het beest in mij is baas.’

Slippertje

Dat lied is ook nog eens exemplarisch voor het oeuvre van de Vlaamse broers Raf en Mich Walschaerts, die met Oogst hun dertigjarig jubileum vieren. Een voorstelling met eigenlijk louter hoogtepunten. Twee schitterende monologen sluiten nauw aan bij Het beest is baas. Raf vertelt over een slippertje dat hij maakte terwijl zijn vrouw en kinderen een dag eerder dan hij naar de Ardennen vertrokken. Vol schuldgevoel reist hij hen de volgende dag achterna, vastbesloten om zijn escapade onmiddellijk op te biechten. Zwijgen zou laf zijn. Zo zit hij niet in elkaar.

Naarmate zijn bestemming dichterbij komt, slaat de angst echter toe. Plots verkondigt hij met evenveel overtuiging dat hij zijn vrouw de kennis van zijn vreemdgaan wil besparen. Hij zou er alleen zijn eigen geweten mee sussen. Wie is hij om haar geluk te verpesten? Die omdraaiing werkt zo goed omdat Raf beide varianten met evenveel arrogantie debiteert en daarmee aantoont hoe we onze rationele overtuigingen afstemmen op onze emoties.

In dezelfde sfeer vertelt Mich over zijn vriendin, die de laatste tijd een dagboek bijhoudt, aan haar gewicht werkt en nu een weekendje weg is naar Barcelona. Maar zit ze wel in Barcelona? Ligt ze niet ergens te krikken met een andere vent? Met minimale theatrale hulpmiddelen, de schoenen van zijn vrouw en de schoenen van deze casanova, verandert Mich het verhaal in een kolderieke sketch zonder de serieuze ondertoon uit het oog te verliezen.

Flinke brok poëzie

Kommil Foo verkent steevast de grauwe kanten van de mens, maar loopt daarnaast over van melancholie en mededogen voor onze aandoenlijke pogingen iets van het leven te maken. Ook in de vrolijke rode draad, over een prins die de ‘prinses van zijn leven’ het liefst zou inruilen voor de prinses die hij in zijn dromen ziet, zit een flinke brok poëzie. De prins heeft het prima voor elkaar, maar omdat hij zichzelf gek maakt met hoe het nóg beter zou kunnen, wordt het steeds moeilijker om te genieten van wat hij heeft.

Toch zijn het de liedjes die het meest beklijven. Raf heeft een prachtige rauwe stem, die van Mich is zelfs van absolute wereldklasse. Oogst doet precies wat de broers er vermoedelijk mee beogen: oude fans verwennen, nieuwe voor zich winnen en beide reikhalzend uit laten zien naar een volgende, níeuwe voorstelling.

Oogst

Door Kommil Foo

Gezien 10/5, Zaantheater

Te zien 19 en 20/5 in De Kleine Komedie

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden