PlusInterview

IFFR-directeur Bero Beyer: ‘Vijf jaar zo’n filmfestival runnen hakt er in’

Woensdag begint het filmfestival van Rotterdam. Bero Beyer (49) kijkt uit naar zijn vijfde en laatste editie als directeur: ‘Een duik in de diepte van wat film is.’

Bero Beyer, voor de laatste keer directeur van het filmfestival van Rotterdam. Beeld Jan de Groen

“Tot zover is het goed gelukt om de melancholie voor me uit te duwen,” zegt Bero Beyer aan de vooravond van zijn vijfde en laatste editie als artistiek directeur van het International Film Festival Rotterdam (IFFR). Na dit festival neemt de Kroatische Vanja Kaludjercic het stokje over; Beyer wordt per 1 maart directeur van het Nederlandse Filmfonds.

Voor nu ligt Beyers aandacht nog even volledig bij de 49ste editie van het grootste filmfeest van Nederland. “Veel van de dingen waarop ik hoopte toen ik begon, zijn de goede kant opgegaan,” zegt hij terugkijkend. “Dingen als: meer focus aanbrengen en de maatschappelijke relevantie van het festival duidelijker voor het voetlicht brengen, gepaard met een gevoel van feestelijkheid en grootsheid.”

Tja, die focus. Hoe groter het festival groeit, hoe meer die roep er is. Wat voor de een een rijk gevuld festival vol ontdekkingen en hoogtepunten is, oogt voor de ander als een wildgroei aan moeilijk van elkaar te onderscheiden experimenten. “Ik moet er zelf ook een beetje om lachen, eigenlijk kán het natuurlijk niet. Als ik het goed heb, staan er dit jaar 578 films op het programma – kort, lang of mid-length. Dan zijn er nog allerlei installaties en performances. Dus het is een constante zoektocht hoe we kunnen blijven garanderen dat we voor elke film de aandacht genereren die hij verdient,” aldus Beyer.

Paradepaardje

Het paradepaardje in dat eindeloze aanbod is nog altijd de Tigercompetitie, met innovatieve films van veelbelovend filmtalent van over de hele wereld. Beyer bracht bij zijn aantreden de selectie terug van vijftien naar acht titels, maar dit jaar dingen toch weer tien films mee. “Er waren gewoon zoveel films die een plek in de competitie verdienden – omdat ze uniek zijn en spreken voor de artistieke ontwikkelingen van dit moment. Steeds kwamen we op hetzelfde punt: deze moet er gewoon bij. Dus dan maar tien. Al is het maar zodat de langste Tigerfilm ooit erbij zit: 3,5 uur split-screen cafépraat over de Spaanse arbeidersbeweging in 1992 en nu – ongelóóflijk goed.”

Spreekbuis

Een van de tien films is een volledig Nederlandse productie (Drama Girl van Vincent Boy Kars); aan drie buitenlandse titels is een Nederlandse producent verbonden. Het past bij de grotere aandacht die het IFFR onder Beyer toonde voor Nederlandse filmmakers. “Het is voor mij cruciaal dat we Nederlandse films die zich op internationaal niveau kunnen meten, de volle aandacht geven. Het is belangrijk is dat zo’n film die internationaal iets doet, ook in Nederland een spreekbuis heeft. Ik hoop dat de Nederlandse filmwereld snapt dat IFFR op dit punt voor Nederland minstens zo belangrijk is als de Berlinale voor Duitsland.”

Het filmfestival van Berlijn is van oudsher een geduchte concurrent voor het IFFR in het aantrekken van premièrefilms, prominente gasten en internationale persaandacht. De kersverse artistiek directeur Carlo Chatrian, die bij de komende zeventigste editie voor het eerst aan het roer van de Berlinale staat, kondigde bij zijn aantreden direct een nieuwe competitie aan, die qua insteek dicht bij die van de Rotterdamse tijgers ligt.

Beyer ziet weinig in een opgeklopte vijandschap tussen de twee festivals. “Je kan het aanvliegen als een wedloop, maar dat is geneuzel in de marge. Wat ik juist fijn vind, is te merken dat steeds meer festivals begrijpen dat we het allemaal beter doen als de ander succes heeft. Het lukt steeds beter samen op te trekken, ook met festivals als Sundance en Göteborg. Je bewijst de artistieke cinema geen dienst als je elkaar in een hoekje gaat zitten bevechten.”

Nieuwe energie

Wat prominente gasten betreft heeft het IFFR dit jaar in ieder geval niet te klagen, met onder anderen Parasite-regisseur Bong Joon-ho en filmcomponist Howard Shore op de gastenlijst. Beyer verheugt zich echter net zozeer op de kleine momenten in het programma, die ook voor hem nu nog een verrassing zijn. “Een onbekende filmmaker die zijn gedurfdste werk presenteert in de nieuwe festivallocatie Worm en dan een kwartier later de film Uncut Gems in Pathé Schouwburgplein – die combinatie, soms intiem en soms juist heel groots, dáár kijk ik vooral weer naar uit. Die duik in de diepte van wat film is.”

Rotterdam moet blijven experimenteren, concludeert Beyer. “Ook daarom voelt het goed juist nu het stokje over te dragen aan Vanya, nog vóór de vijftigste editie volgend jaar – zodat die echt in feestelijkheid en met nieuwe energie kan plaatsvinden.”

“En een persoonlijke noot: vijf jaar zo’n festival runnen is lang, hoor. Ik weet niet of het hondenjaren zijn of tijgerjaren, maar het hakt er wel in. Het was héél vol, héél fijn, en precies lang genoeg.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden