Plus

Horror en terror: Zetten clowns de boel echt op stelten?

Je houdt van clowns of je haat clowns - een middenweg is er niet. Ze komen in vele gedaantes: als augusten, narren, pierrots, harlekijnen, paljassen.

Ik ben een van de weinige clowns van Surinaamse afkomst mét dreadlocksBeeld Mark van der Zouw

De hofnar was de stem van het volk aan het hof van Europese vorsten, harlekijnen en pierrots zijn bekende figuren uit de commedia dell'arte. De tradtionele, geschminkte circusclown heet eigenlijk een august en dan heb je tegenwoordig ook nog care clowns en cliniclowns.

Voor ieder wat wils; van klunzig en naïef tot dromerig en melancholiek. En hoewel ze proberen ons aan het lachen te maken of te ontroeren, hebben veel mensen in hun jeugd een traumaatje opgelopen waardoor ze lijden aan een irreële angst voor clowns.

Coulro­fobie heet dat, wat komt van het woord ledematen en wordt geassocieerd met clowns op stelten. Killerclowns vindt iedereen eng, daar hoef je niet eens coulrofobisch voor te zijn. Ziet u een horrorclown lopen? Bel dan meteen 112.

Vijf clowns over de dunne grens tussen leuk en niet leuk, over ontroeren en vermaken.

Paulo DuijkerBeeld Mark van der Zouw

Paulo Duijker (63)

Duijker is clown en medeoprichter van Circus Zanzara, dat elke winter tijdens de kerstvakantie in het Westerpark staat.

"Ik kom niet uit een circusfamilie, maar werd met het virus besmet in de jaren tachtig, de tijd van het Festival of Fools. Als je eenmaal een paar schoenen in het circus hebt versleten, wil je niet meer weg, luidt een gezegde in het circuswereldje. Dat gold niet voor de partner met wie ik een komische acrobatiekact had: hij vertrok, ik bleef. Vanaf dat moment ben ik een clownsnummer gaan doen in verschillende grote circussen. Eerst alleen, later met mijn vrouw die een ballerina te paard-act had."

"Een acrobaat wordt als het even misgaat altijd opgevangen door zijn partner, maar wanneer je als clown je dag niet hebt, val je honderd procent door de mand. Het is een heel kwetsbaar beroep."

"Ik ben geen traditionele augustclown, maar het beschouw­en­­de, naïeve type met de verbaasde blik. Ook bij Zanzara, het circus dat mijn vrouw Mayka en ik vijftien jaar geleden oprichtten, heb ik die rol altijd gespeeld. Als vriendelijke kluns ben je ont­wapenend en herkenbaar, het publiek reageert altijd heel sympathiek."

"Een clown kun je niet spelen, dat bén je. Ook zonder rode neus vragen mensen mij vaak of ik soms clown ben. Zelfs nu ik mijzelf eigenlijk te oud vind voor die naïeve rol - ik ben een clown in een identiteiscrisis - zit het in elke vezel van mijn lijf."

Lobke van BeuzekomBeeld Mark van der Zouw

Lobke van Beuzekom (33)

Van Beuzekom is cliniclown. Ze speelt onder meer in ziekenhuizen en in het Brandwondencentrum Beverwijk.

"Cliniclowns nemen een ziek kind even mee in een fantasiewereld vol verwondering. Dat levert prachtige momenten op en biedt veel verlichting, voor de kinderen en hun ouders. Ik zie soms gebeuren hoe mijn werk ze weer op een nieuwe manier verbindt, doordat ze hun zorgen even kunnen vergeten en emoties kunnen ontladen. Wanneer het lukt, geeft dat een fantastisch gevoel."

"Als we als clownsduo een kamer binnenkomen, kijken we altijd naar de lichaamstaal van het kind en de ouders: zijn we welkom of niet? Na drieënhalf jaar werken als cliniclown kan ik goed inschatten wanneer iets een serieuze 'nee' is, of een 'nee' met een knipoog."

"Meestal is het dat laatste. Een jongetje dook eens onder de dekens toen hij ons zag binnenkomen, verzuchtend: 'O nee hè, clowns!' Toen ik hem spiegelde, zijn woorden herhaalde en daarmee zijn reactie accepteerde en uitvergrootte, werd het voor hem een spelletje. Uiteindelijk zat hij hardop te lachen in zijn bed."

"Als cliniclowns zijn we niet geschminkt; we blijven échte mensen. Wel dragen we een rode neus. De ziekenhuizen hebben regels en grenzen, net als de de ouders. De rode neus stelt ons als clowns in staat daar een beetje tegen aan te schuren en de rek te vinden, om zo het kinderlijk plezier weer naar boven te halen, bij iedereen."

Joscha de BoeverBeeld Mark van der Zouw

Joscha de Boever (47)

De Boever is clownsdocent en eigenaar van clownsschool De A.A.P. in Haarlem.

"Een goede clown moet bereid zijn zijn ego aan de kant te schuiven; zichzelf af te pellen tot de kern. Hij moet zijn ziel en zaligheid durven delen en zich van zijn meest kwetsbare kant tonen. Het publiek moet als het ware bij hem naar binnen kunnen kijken. De clown is een antiheld, net als bij iedereen mislukt er van alles in zijn leven, het ontroert dat hij zijn gestuntel niet verdoezelt."

Dat clowns ook vaak heel irritant worden gevonden, begrijp ik wel. Ze maken je aan het schrikken, imiteren je, zitten je achterna, zijn onfatsoenlijk en schaamteloos. Maar zeggen dat je niet van clowns houdt, is voor mij net zoiets als zeggen dat je niet van muziek houdt: er is niet één soort clown. Buurman & Buurman zijn ook clowns."

"Wanneer is iets leuk en wanneer niet? Het blijft een zoektocht naar
de komische formule. Gevoel voor timing is daarbij onontbeerlijk, een talent dat niet iedereen bezit. Nederland heeft helaas geen echte clowns­traditie, zoals landen als Frankrijk en Spanje. Nederlands bekendste clown was Toon Hermans. Toch merk ik dat clownscursussen 'in' zijn op het
moment. Het sluit aan bij de trend waarbij mensen hun eigen kwetsbaarheid willen onderzoeken."

"Ik geef ook les aan een vaste groep professionals, van cliniclowns tot burlesqueclowns, die hun techniek willen bijspijkeren. Het clownsvak blijft zich ontwikkelen en zal altijd blijven bestaan, want kwetsbaarheid en humor blijven altijd nodig."

Jay ClaverBeeld Mark van der Zouw

Jay Claver (45)

Claver treedt op als ballonnenclown Megajack op festivals en kinderfeestjes.

"Ik ben erin gerold via een vriend die optrad in clubs - op stelten en verkleed als robot of alien. Dat wilde ik ook. Ik kocht een paar stelten en leerde binnen een week hoe ik erop moest dansen. Die vriend kwam uit een bekende clownsfamilie. Hij leerde me ook hoe ik ballonfiguren moest maken."

"Ik stelde een clownspak samen uit twee pantalons, geschikt voor stelten, versierde een colbert met franjes, kocht een paar grote schoenen en begon voor mijzelf als Megajack, ballonnenclown op stelten."

"Ik ben een van de weinige clowns van Surinaamse afkomst mét dreadlocks. Als ik op een feestje vertel wat ik doe, is iedereen verbaasd en willen ze allemaal mijn nummer voor een optreden op de verjaardag van hun kind."

"In het begin schminkte ik mijn gezicht nog wit, met een rode neus, maar dat vond ik toch te veel gedoe. Tegenwoordig draag ik een grote bril met daaraan een rode neus. Ik maak wel grapjes, maar bij mijn act draait het vooral om de ballonnen en mijn verschijning op stelten. Dat alleen al heeft een magisch effect op kinderen."

"Ik werk ook als slagwerkassistent bij Het Leer­orkest voor kinderen uit Zuidoost. Na afloop van een kinderpartijtje kwam er laatst een meisje met grote ogen op me af: 'Meester, ik wist niet dat u clown bent?!'"

"De dankbaarheid van de kinderen als ik van een ballon een zwaard, een vlinder of een hondje voor ze tover is onbetaalbaar. Wanneer ik een rotdag heb, maakt een optreden me altijd weer vrolijk."

Hanneke HesselsBeeld Mark van der Zouw

Hanneke Heessels (59)

Heessels (59) is clown en artistiek leider bij Care Clowns, die optreden in instellingen voor mensen met dementie.

"Als care clowns maken we theater voor mensen met dementie. De clown als stijlfiguur is daarbij een middel. Via muziek, liedjes, klank, verhalen en poëzie proberen we, als duo, mensen te bereiken die vaak in hun eigen wereld leven."

"We dagen ze uit en spreken ze aan op hun verantwoordelijkheid, door ze te laten ingrijpen als we kibbelen bijvoorbeeld. Op die manier voelt iemand zich er toe doen, als een waardige volwassene."

"Care clowns komen niet met allerlei toeters en bellen een instelling
binnen, wél met een ukelele, accordeon en een opvallend kostuum. Dat maakt mensen nieuwsgierig. We hebben een rode neus op om ons te onderscheiden van het bezoek en personeel, maar uiteindelijk doet die neus er niet toe; clown zijn zit diep van binnen."

"Het is een enorme uitdaging om mensen met dementie te kunnen raken. Als het lukt iemand te ontroeren, is dat geweldig."

"Meestal zijn de reacties op onze aanwezigheid heel liefdevol, maar soms is iemand angstig. Die persoon laten we dan met rust. Vaak gebeurt het dan dat iemand alsnog uit zijn schulp kruipt, door een bepaalde grap, een klank of een liedje van vroeger. Muziek is een belangrijke ingang om mensen met dementie te bereiken en humor is daarbij een
helende factor."

"Met platte clownsgrappen heb ik niks, laat staan met killerclowns.
Als clown zoek ik vooral naar de stille subtiliteit van komieken als Laurel & Hardy en Charlie Chaplin. Clowns zijn stumperds, net als iedereen. Ze laten zien dat leed ook mooi kan zijn en dat biedt troost."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden