Plus Achtergrond

Honderd jaar Drs. P: van sociëteiten tot Toppop

Vic van de Reijt, een van de beheerders van de nalatenschap van Drs. P, haalt herinneringen op aan de schrijver van onvergetelijke liederen als Dodenrit, Knolraap en lof, schorseneren en prei en Hallelujah kameraden.

Drs. P (Heinz Hermann Polzer) in 2012. Beeld Andreas Terlaak/Lumen

Het is vandaag precies honderd jaar geleden dat Heinz Hermann Polzer werd geboren in het Zwitserse Thun. Hij was de zoon van een Oostenrijkse vader met nationaal-socialistische sympathieën en een Nederlandse moeder, Lily van Kol, afkomstig uit een bekend socialistisch geslacht. Dat huwelijk hield dan ook geen stand. Op driejarige leeftijd verhuisde de kleine Heinz met zijn moeder en een oudere zus naar Nederland.

Als Drs. P – bij het Nederlandse publiek door Willem Duys zo geïntroduceerd in 1964 in zijn programma Voor de vuist weg – maakte hij furore als schrijver van bizar-humoristische liedteksten, zoals De Commensaal (‘Er ligt al weer een juffrouw in het trapportaal’), Veerpont (‘Heen en weer’) en Dodenrit (‘Troika hier, troika daar’), en verrijkte hij de Nederlandse taal met talloze nieuwe rijmvormen, waarvan het ollekebolleke het bekendst geworden is.

Aan het einde van zijn leven werd hij door de Nederlandse Taalunie geëerd met een bijzondere oorkonde voor zijn uitzonderlijke bijdragen aan de Nederlandse taal – een onderscheiding waarop hij, altijd Zwitser gebleven, trots was.

Rokerige ruimte

Bij zijn honderdste verjaardag verschijnen vijftig liedteksten van Drs. P in Zing en speel mee met Drs. P, met bladmuziek van Paul Prenen, die hem jarenlang begeleidde, en met toelichtingen van Ivo de Wijs, zelf tekstschrijver en ­cabaretier.

Ik herinner me nog goed hoe ik hem begin ­jaren zeventig zag optreden in een rokerige ruimte van studentensociëteit H’88 aan de Amsterdamse Herengracht. Keurig in pak gestoken nam hij plaats achter een gammele piano, alwaar hij werd omringd door een vreemde mengeling van corpsballen en langharig studententuig in spijkerbroek.

Zing en speel mee Met Drs. P Beeld Drs. P

Omstandig legde hij uit dat hij geen geschoold liedzanger was, maar dat hij zich zeer gevleid voelde dat hij mocht ‘kwinkeleren’ in de aanwezigheid van dit hoogbegaafde publiek. Hij beschikte niet over partituren en moest dus al zijn liedjes ‘uit de blote schedel’ vertolken, met als risico dat hij onderweg ergens de tekst zou kwijtraken. Maar ongetwijfeld zouden de toeschouwers hem bij deze pijnlijke momenten behulpzaam zijn. Daar was geen woord te veel van gezegd. Met fantasierijk pianospel riep de Doctorandus zijn melodieën tot leven en zette de eerste regels in van het schrijnende levenslied Het Hart Eener Deerne:

Zij was als kind naar Amsterdam gekomen
Betooverd door de steedsche pronk en pracht
Zij was als kamermeisje aangenomen
In zeek’re woning aan de Keizersgracht…

Bij het derde couplet kwam Drs. P in moeilijkheden. Alleen de eerste twee regels wist hij met zijn krakerige stem nog uit te brengen:

Zij dwaalde weer door nachtelijke straten
Doch zonder lichten thans of rijken tooi

Daarna moest het studentenpubliek redding brengen. Ongegeneerd brulde mijn buurman, die je qua uiterlijk eerder bij een concert van Led Zeppelin zou verwachten, de volgende regels:

Het pad der deugd had zij voorgoed verlaten
Zij was verworden tot een lichtekóóí!

Op die avond werd mij duidelijk: Drs. P was cult. Hij zong over het café-chantant (‘Daar geven vrouwen graag lucht, aan wuftheid en behaagzucht’) en over een Rotterdamse seriemoordenaar die door zijn hospita wordt terechtgewezen (‘Zo’n juffrouw hoort in het kanaal, maar niet bij ons in ’t trapportaal’). Die wrang-geestige liedjes bleken afkomstig te zijn van een langspeelplaat uit 1966, Drs. LP, die in de tijden van The Beatles en de Stones nauwelijks op de radio was gedraaid, maar toch zijn weg had gevonden naar een klein, geestdriftig publiek.

Na wekenlang zoeken kon ik een exemplaar bemachtigen in een stoffige platenzaak die kort daarna ter ziele ging. Bij een volgend optreden van Drs. P in H’88 zong ik zijn liederen hartstochtelijk mee, vooral het refrein uit Tante Constance en Tante Mathilde: ‘Terwijl de kater sliep en de pendule liep en de kanarie sprak: Tjiep tjiep tjiep tjiep.’

Liedteksten

Drs. P
Zing en speel mee Met Drs. P
Met bladmuziek van Paul Prenen, Nijgh & Van Ditmar, €35,-
256 blz

In die beginjaren zeventig begon de ster van Drs. P te rijzen. Cabaretières als Hetty Blok, Jenny Arean en Adèle Bloemendaal zetten zijn repertoire op de plaat, Rob Touber maakte er een hele televisieshow mee en Rik Felderhof nodigde hem uit voor zijn programma Poptater: elke week moest Drs. P een nieuw lied komen zingen op een van tevoren opgegeven thema. Dat kon de Elfstedentocht zijn, een Sneker café, een volkstuintje of een veerpont.

Eenzame veerpontschipper

Ivo de Wijs schrijft in het muziekboek over dat laatste nummer: ‘Omdat Drs. P niets van gier- en kabelponten en van de verschillen tussen veerponten en veerboten, voetveren en fietsveren wist, verdiepte hij zich in het gemoedsleven van de eenzame veerpontschipper.’ Zo ontstonden schitterende regels als:

De oever waar we niet zijn
noemen wij de overkant
Die wordt dan deze kant
zodra we daar zijn aangeland
En als de pont zo lang was
als de breedte van de stroom
Dan kon hij blijven liggen,
zei me laatst een econoom
Zo denk ik dikwijls over het
geheim van het bestaan
en dat ik op de wereld ben
om heen en weer te gaan

Veerpont kwam uit op single en werd een grote hit. Drs. P verliet de rokerige studentenzaaltjes en meldde zich bij Chiel Montagnes tv-programma Op losse groeven. Een jaar later was hij met zijn Dodenrit te gast bij Ad Vissers Toppop. De Doctorandus was gewoon in zijn dagelijkse outfit gekomen, driedubbel grijs met stropdas, maar zette op verzoek van de regie een berenmuts op. Zo zien we hem zich door de muziek playbacken, waarbij hij de tekst ondersteunt met educatief handgebaar en wolvengehuil.

Van cultartiest was hij bekende Nederlander geworden en veelgevraagd tekstschrijver. Hij leverde jaarlijks een carnavalshit aan Adèle Bloemendaal (Wat heb je gedaan, Daan?, Hallelujah kameraden) en zette de complete groente- en fruitcyclus op rijm en muziek. In de jaren tachtig richtte Drs. P samen met Ivo de Wijs het Rijmschap op, gevolgd door talloze publicaties waarin hij zijn liefde voor de Nederlandse taal beleed. Hij bleef optreden, vaak met het Amsterdams Philharmonisch Trio onder leiding van Paul Prenen, maar daarmee hield hij op toen hij zijn tachtigste verjaardag had bereikt.

Zijn leven lang is Drs. P omringd geweest door een toegewijde vriendenkring die hem elke vijf jaar hulde kwam brengen. Hoogtepunt was de verschijning in 2013 van Drs. P Compilé Complé, waarop 180 nummers verzameld zijn, met een hommage in De Kleine Komedie, waarbij Heinz in zijn dankwoord een Troika-achtige huppelbeweging maakte, die hem bijna in het publiek deed belanden. Zo miste hij op een haar na de eretitel van ‘oudste stagediver ter wereld’.

Leve onze goede czaar

- Leve onze goede czaar,soiree rond Drs. P, De Kleine Komedie 24 en 25 augustus
- Op drsp.nl zijn instrumentale versies te vinden van de vijftig nummers uit het boek.
- Documentaire Het Uur van de Wolf: De terugkeer van Drs. P. Uitzending: donderdag 5 september, 22.50 uur bij de NTR op NPO 2

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden