Plus

Het oordeel over expo Vrijheid kan twee kanten op

Vrijheid toont 'de vijftig belangrijkste kunstwerken van de afgelopen halve eeuw'. Irritatie ligt op de loer als je die opzet te serieus neemt, terwijl de tentoonstelling toch vooral lof verdient.

Viviane Sassen, D.N.A., 2007 Beeld Viviane Sassen

Het oordeel over Vrijheid - de vijftig Nederlandse kernkunstwerken vanaf 1968 kan twee kanten op. Je vindt het geweldig en inspirerend óf het oordeel luidt: pretentieus en mislukt. Het verschil zit in het belang dat al dan niet gehecht wordt aan één woordje in de ondertitel: de.

Wie dat lidwoord nadrukkelijk leest, ziet de tentoonstelling als een ranglijst met absolute status. Dat format is populair. Mensen houden van lijstjes, zeker als ze worden samengesteld door een autoriteit als criticus Hans den Hartog Jager. Leken geven ze houvast en ingewijden voer voor discussie.

Lijstjes zijn geweldig pr-materiaal, want ze leveren vaak lekkere koppen op. De communicatieafdeling van Museum de Fundatie weet dat idee succesvol uit te baten.

Maar als dit de canon van de afgelopen vijftig jaar moet zijn, is daar wel het nodige op aan te merken. De ontbrekende kunstenaars, bijvoorbeeld: Marina Abramovic, Peter Struycken, Barbara Visser, Marinus Boezem, Wim T. Schippers, Gabriel Lester, Fransje Killaars, Jacqueline de Jong - om er enkele te noemen. Bovendien is nog geen kwart van de exposanten vrouw en disciplines als performance en videokunst zijn afwezig.

Bij een aantal exposanten kun je je afvragen of dit wel hun beste of meest representatieve werk is. En is iemand als Gerrit van Bakel, de in 1984 overleden constructeur van nutteloze machines, niet te ver weggezakt in het collectieve geheugen om te worden aangemerkt als maker van een 'kernkunstwerk'?

En dan is er nog die beperking tot Nederland. Zijn de meeste grenzen in de afgelopen vijf decennia niet verdwenen? En is de kunstwereld niet bij uitstek het domein waar de globalisering zich laat gelden? De blik vernauwen tot het ­nationale kunstaanbod - wie hoort daar precies bij ? - voelt als een anachronisme.

Maar je kunt dus ook op een andere manier naar deze tentoonstelling kijken. Dan ligt de focus op het eerste woord van de titel en het jaartal waarmee de ondertitel eindigt. Samensteller Den Hartog Jager bakent daarmee een heel specifiek tijdperk af. De studentenrellen in Parijs 1968 vormden het startschot voor bevrijding op allerlei fronten: seksueel, maatschappelijk, politiek en - misschien het ingrijpendst - ideologisch.

Reliëfloze wereld
We werden verlost van het modernisme, dat ons in de twintigste eeuw vooruitgang bracht, maar ook veel vreselijks: constante strijd en concurrentie, seriële vadermoord om het ene isme te vervangen met een andere als absolute waarheid. De val van het modernisme luidde ook, zoals politicoloog Francis Fukuyama het in zijn beroemde boek beschreef, 'het einde van de geschiedenis en de laatste mens' in.

De bevrijding mondde uit in vrijblijvendheid en relativisme. Alles is nu evenveel waard en daardoor waardeloos. In zo'n reliëfloze wereld zonder urgentie worden kunstwerken al snel gereduceerd tot 'mooi' en 'leuk', zonder enige betekenis voor ons leven. Wat Den Hartog Jager met Vrijheid beoogt, is ze weer van lading en scherpte voorzien.

In dat licht bezien is Vrijheid eindeloos veel meer dan een presentatie van greatest hits. De tentoonstelling sluit aan bij Meer licht (2011-2012) en Meer macht (2014), die de curator maakte voor Museum de Fundatie en die respectievelijk over verheffing en engagement gingen.

Vrijheid is nog ambitieuzer. Het beoogt ­piketpaaltjes te slaan in de recente, uitwaaierende kunstgeschiedenis om te voorkomen dat kunst een irrelevante bijzaak wordt.

Vrijheid is vooral sterk als ze wordt opgevat als vraag - wat doet ertoe en waarom? - en niet als statement. Dan kun je filosoferen over het ­cynisme in Renzo Martens' film Enjoy Poverty, de impact van Kees de Goede's schilderijen die zelden 'normaal' rechthoekig zijn, of de manier waarop Marc Mulders religie in zijn collages verweeft met actualiteit.

Je kunt dan de vraag stellen of een meesterwerk altijd geruggensteund moet worden door een groot oeuvre, of dat een paar pareltjes volstaan, zoals het geval is bij Bas Jan Ader en Jeroen Eisinga.

De foto's van Rineke Dijkstra en Viviane Sassen maken ons bewust van de vervagende grenzen tussen documentaire, mode en kunst. En de ruimschoots vertegenwoordigde schilderkunst behoudt blijkbaar haar zeggingskracht, ook in het internettijdperk.

Wie het idee van de ranglijst loslaat, heeft een heerlijke middag in Zwolle en komt naar buiten met een hoofd zoemend van ideeën. Deze tentoonstelling scherpt de blik op het recente ver­leden, waardoor we beter kijken naar het heden. Vrijheid is zelfs zo prikkelend dat ik museum en curator zou willen aanmoedigen dit vaker - eens in de twee jaar? - te doen. En dan zonder die misleidende marketing, graag.

Vrijheid - de vijftig Nederlandse kernkunstwerken vanaf 1968: tot en met 12/5 te zien in Museum de Fundatie in Zwolle.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden