PlusGalerie

Het onoverbrugbare gat tussen afbeelding en materie

Eerst lees je een letter, woord, zin om vervolgens meegezogen te worden in een verhaal. Bij muziek hoor je een noot, een geluid en pas daarna melodie en ritme. Hetzelfde geldt voor schilderkunst. Sta je te dicht op een schilderij dan zie je enkel pigment op doek, maar neem je een paar stappen naar achteren, dan opent zich de voorstelling.

null Beeld Jonathan de Waart
Beeld Jonathan de Waart

Vorm en inhoud zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden maar het is onmogelijk ze gelijktijdig te ervaren. Kijk je te gedetailleerd dan lost het verhaal op in de verf. Doordenk je het idee dan gaat het ten koste van de materie.

Koen Doodeman wil dat gat dichten tussen kijken en kennen, het lichamelijke en het geestelijke – hoe onmogelijk dat ook is. Non Radar is het meest recente resultaat van zijn fundamentele onderzoek. Wie zich online voorbereidt op een galeriebezoek ziet gekleurde vlakken die door wit buitelen, soms in verticale banen waardoor de geest van Morris Louis (1912-1962) wordt opgewekt.

Stiksels

De composities zijn ritmisch sterk en verleidelijk van kleur. Maar hoe anders is het als je de galerie binnenloopt. Dan zie je: de kleurvlakken zijn gemaakt van hetzelfde materiaal als de achtergrond. Het is doek op doek. Of zelfs: doek in doek.

Bij een van de vijf werken zitten de stiksels aan de achterkant waardoor een glad geheel ontstaat. Drager en voorstelling lopen in elkaar over. Het werk ernaast draagt zijn losse draadjes en rafelrandjes juist op zijn borst waardoor de vlakken overduidelijk boven op het doek ­liggen.

Dat de voorstellingen abstract zijn, is essen­tieel. Bij figuratieve herkenbaarheid zou het associërende brein te veel naar de fysieke wereld worden getrokken. Nu is de enige lichamelijke ervaring die van het materiaal zelf: de stiksels maar ook positionering van het ene ­lapje voor of achter het andere, die overigens nooit eenduidig is omdat Doodeman geen enkele dieptewerking toelaat.

In één werk gaat Doodeman nog een stapje verder. Het is geweven, een techniek die de kunstenaar leerde als resident aan de Rijks­akademie. Toen maakte hij Schotse ruitpatronen. Nu een vrij woeste botsing van geel, rood en blauw die letterlijk verweven is met het wit van de achter- of ondergrond.

Van zijn ruitpatronen heeft Doodeman altijd gezegd dat ze verwijzen naar nationale identiteit. Maar je kunt er net zo goed een verwijzing naar Daan van Goldens theedoeken in zien.

Het huidige weefwerk met zijn primaire kleuren doet denken aan een andere modernist: Mondriaan. Zijn woorden uit 1917 zijn direct op Doodeman van toepassing: “Als in de juiste verwerking van de beeldingsmiddelen en de toepassing daarvan, de compositie, de eenige zuiver beeldende uitdrukking van kunst gelegen is, moeten de beeldingsmiddelen volkomen in overeenstemming zijn met hetgeen zij te beelden hebben.”

Non radar, Koen Doodeman, Galerie Gerhard Hofland, Bilderdijkstraat 165C, privé bezichtiging op afspraak, t/m 23 januari

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden