Plus

Het níeuwe puberbrein binnenstebuiten

Alleen al door de sociale media is de puber van nu een compleet andere dan die van tien jaar geleden. Daar hoort een nieuwe gebruiksaanwijzing bij, stellen de schrijvers van Het Nieuwe Puberbrein Binnenstebuiten.

­­­­'Op ouderavonden hoor ik vaders vertellen dat ze hun kind een contract laten ondertekenen als ze een telefoon krijgen'­ Beeld Shutterstock

Tot vier uur 's nachts appen onder de dekens. Waarom doen pubers dat? Zestig selfies maken, om er vervolgens eentje op Instagram te plaatsen. Hoezo zou je daar je tijd aan besteden? En waarom lijkt het opeens alsof mijn kind mijlenver van mij af staat, terwijl ik tot voor kort altijd ­precies wist wat er in hem of haar omging?

Schrijvers en onderzoekers Huub Nelis (51) en Yvonne van Sark (50) weten de antwoorden. Ze proberen ouders, leraren en andere opvoeders al ruim twintig jaar bij te praten over pubers. Want het jongerenbrein is dan misschien grillig, het is zeker niet ongrijpbaar. Tien jaar geleden schreven ze het boek Puberbrein Binnenstebuiten. Het werd een bestseller, verplichte kost op pabo's en een redmiddel voor veel ouders die het boek standaard op het nachtkastje hadden liggen.

Maar die puber van tien jaar geleden, dat is een andere puber dan die van nu. Het brein mag dan nog wel precies hetzelfde zijn (Nelis: "Julius Caesar had als puber hetzelfde brein als de pubers van nu"), de omgeving is in tien jaar flink veranderd. Reden genoeg voor een compleet nieuwe uitgave: Het nieuwe puberbrein binnenstebuiten.

Luistervinken
"Ik vind de puber persoonlijk erg leuk," zegt Van Sark. "Dat is ook waarom ik dit werk al zo lang doe. Het blijft ­interessant. Als ik bij een bushalte sta en ik zie een stel tieners, dan wil ik meteen weten wat er speelt en waar ze mee bezig zijn." "Je probeert altijd te luistervinken," vult Nelis aan.

In het kantoor van Youngworks aan de Prinsengracht vertellen ze over hun nieuwe boek. Nelis en Van Sark stonden ruim twintig jaar geleden aan de wieg van dit bureau voor jongerencommunicatie en onderzoek. Al die jaren onderzoek en al die gesprekken met pubers en ouders hebben ervoor gezorgd dat Nelis en Van Sark compleet vervlochten zijn met de leefwereld van jongeren. Ook thuis komen ze er niet los van.

Tijdens de eerste versie van Puberbrein hadden ze allebei nog jonge kinderen, tegenwoordig lopen er in hun beide huishoudens pubers rond. Jongeren lijken hun levens in alle opzichten te beheersen, maar saai wordt het nooit. Ze werken in een wereld die zó razendsnel verandert, dat adviezen die ze uitbrengen later weer moeten worden bijgesteld, of geüpdatet. Zoals nu ook met Puberbrein het geval is.

Minder los
"Toen wij tien jaar geleden Puberbrein uitbrachten, stonden we regelmatig op ouderavonden," vertelt Nelis. "Daar stak op een gegeven moment een brugklasmoeder haar vinger op en vroeg: 'Kun je kinderen grenzen stellen? Heeft dat eigenlijk wel zin?' Ik dacht eerst: die mevrouw is een beetje in de war. Want dat is júist wat wij uitdragen met ons boek: grenzen stellen, structuur geven. Maar er bleken veel meer ouders zo te denken."

Van Sark: "Inmiddels is dat anders. Er zijn meer regels, je bent als ouder betrokken en niet alles mag zomaar."

Nelis: "Nu hoor ik op ouderavonden vaders vertellen dat ze hun kind een contract laten onderteken als ze een telefoon krijgen. Bijvoorbeeld met de regel dat er altijd in de telefoon gekeken mag worden, of dat ze anders hun abonnement zelf moeten betalen."

Als Nelis en Van Sark terugblikken op de grootste veranderingen in tien jaar, komt de gewijzigde opvoedstijl duidelijk naar voren. De opvoeding van pubers is meer 'autoritatief' geworden. Ouders laten jongeren minder los, gaan sneller het gesprek aan. Veel gezinnen zijn onderhandelingshuishoudens geworden. Er zijn regels en kaders, maar er valt wel over te onderhandelen.

Van Sark: "Een ander groot verschil met tien jaar geleden is dat de ouders van nu meer verstand hebben van wat hun kinderen de hele dag doen." YouTube, WhatsApp, Snapchat - vaders en moeders weten tegenwoordig prima wat het is.

Nelis: "Waar je vroeger moest uitleggen wat een Facebookpagina was, zijn ouders nu soms handiger met hun telefoon dan hun kinderen. Dat resulteert in meer inzicht in de gevaren en in duidelijkere regels."

Verslavingsgevoelig
Bij veel opvoeders van jonge kinderen die nog moeten gaan puberen, zijn er nu al zorgen over al het 'gevaar' dat hun kind te wachten staat. Van Sark: "Ik sprak laatst een moeder die zich flink zorgen maakte over haar dochter die naar de middelbare school ging. Want daar was immers het gevaar." Nelis: "We hebben geen verklaring voor waar die angst precies vandaan komt. In vergelijking met tien jaar geleden is het namelijk een stuk veiliger op school."

Het alcoholgebruik onder jongeren is daar een goed voorbeeld van. Zo is de campagne 'NIX onder 18' een goede steun in de rug voor ouders en docenten. "Die campagne is er gekomen omdat er maatschappelijk draagvlak voor is," zegt Van Sark.

"We weten hoe schadelijk genotsmiddelen kunnen zijn op jonge leeftijd. En we zien hoe verslavingsgevoelig je bent als je er op jonge leeftijd mee begint."

Nelis: "Dat alcohol slecht is, dat is geen mening meer. Het is een feit. Je kunt in een paar jaar jezelf een school­niveau naar beneden drinken. Dat is écht geen grapje. Ouders weten dit, waardoor het makkelijk is een grens te stellen."

Dat er in 2019 grenzen worden gesteld, dat er structuur wordt aangebracht en dat ouders streng optreden, is van levensbelang voor pubers. Van Sark: "Opvoeders kunnen niet achterover gaan leunen; ze moeten zorgen dat de huidige generatie zich optimaal ontwikkelt. Dat hun kinderen op een plek terechtkomen waar ze gelukkig zijn."

Hoe de puber van 2029 eruit zal zien, is nog volstrekt onduidelijk. "Er verandert zoveel dat we tegen die tijd zeker weer een nieuw boek moeten schrijven."

Afgesproken

- Probeer als je het gesprek aangaat met je kind niet zelf alles in te vullen. Volwassenen praten in het gesprek met hun kind soms tachtig procent van de tijd. Met simpele vragen als: 'Vertel? Hoezo? Dus? En? Want?' kom je in een gesprek veel verder, en hoor je écht wat er aan de hand is.

- Voer een goed gesprek over sociale media en telefoons vóórdat ze deze krijgen en voordat gewoontegedrag gevormd is. Maak dat gesprek bijzonder, ga bijvoorbeeld samen lunchen en maak duidelijke ­afspraken.

- Ken de vrienden van je kind, weet met wie ze omgaan. Praat daarom regelmatig over vrienden en vriendinnen in de online en in de fysieke wereld. En zorg dat ze zich thuis welkom voelen met hun vrienden. Bedenk wel dat betrokkenheid goed is, maar gun ze ook hun privacy.

- Wijs op regels en afspraken. Maak op het moment dat jongeren ontsporen direct ­duidelijk dat dit gedrag, of deze stijl van een gesprek voeren, niet getolereerd wordt. Beëindig de situatie en verbind er ­consequenties aan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden