PlusHolland Festival 2021

Het Nationale Ballet speelt The Prometheus Project: ‘We verbinden Griekse goden met Beethoven’

Met de menslievende Griekse god Prometheus in gedachten, maakten drie choreografen samen een voorstelling voor Het Nationale Ballet. ‘We willen hem verbinden met Beethoven.’

Rijzende ster, danser ­Timothy van Poucke, als ­Prometheus. Beeld HANS GERRITSEN
Rijzende ster, danser ­Timothy van Poucke, als ­Prometheus.Beeld HANS GERRITSEN

De Griekse mythe van Prometheus, die het vuur van de goden stal om het aan de mens te geven, staat centraal in een gloednieuw werk van Het Nationale Ballet. Choreografen Wubkje Kuindersma, Ernst Meisner en Remi Wörtmeyer zetten hun Prometheus op de enige compositie die Ludwig van Beethoven speciaal voor ballet schreef.

“De keuze een voorstelling te maken op Beethovens compositie Die Geschöpfe des Prometheus is gemaakt door onze artistiek directeur Ted Brandsen, dat was een ge­geven,” zegt Ernst Meisner. “Maar wat we met dat stuk doen, daarin zijn we helemaal vrij. We hebben wel gekeken naar het weinige wat bekend was over het oorspronkelijke ballet. Uiteindelijk besloten we om onze choreografie te baseren op de oorspronkelijke mythe.”

Remi Wörtmeyer: “In onze interpretatie draait de mythe om het bouwen van beschaving. Wetenschap, industrie, energie – dingen die gesymboliseerd worden door dat vuur – hebben de mensheid ver gebracht. Maar als je kijkt naar de problemen met het milieu, is er ook een keerzijde. De tijd waarin we controle hadden over onze uitvindingen lijkt voorbij, het omslagpunt is bereikt.”

Meisner: “Het is een geschiedenis die zich steeds herhaalt: mensen vinden iets uit, creëren iets. Maar in plaats van zoeken naar een balans tussen technologie en menselijkheid, gaan we altijd weer een stap te ver.”

Schepping van de mens

Wubkje Kuindersma zet uiteen hoe zij kijkt naar de figuur Prometheus, die vertolkt zal worden door rijzende ster ­Timothy van Poucke. “Ons idee is hem te verbinden met Beethoven, alsof hij voorkomt uit de muziek. Dat hij het vuur van de goden steelt om het naar de mensen te brengen, zie ik als een uitdrukking van zijn emotionele gesteldheid. Hij heeft een drang te creëren, maar is ook op zoek naar liefde. De controle over zijn schepping raakt zoek als hij de controle over zijn leven verliest.”

Om hun visie op de mythe te vertellen, zetten de drie choreografen Beethovens compositie naar hun hand: de volgorde van de delen is veranderd, sommige stukken worden weggelaten en andere juist herhaald. Op de vraag of de muziek van Beethoven, zoals de grote George Balanchine ooit stelde, ‘niet te choreograferen valt’, antwoordt Meisner diplomatiek: “Dat mag het publiek bepalen als we klaar zijn.”

Haar woorden kracht bijzettend met golvende arm- en schouderbewegingen, zet Kuindersma uiteen hoe het vertellen van de mythe haar helpt met het choreograferen op die nadrukkelijk aanwezige muziek. “Dat ik de openingsscène moet zetten op de ouverture, is een gegeven. Dat ik daarin de schepping van de mens moet verbeelden, ook. Als ik Beethoven benader vanuit dat perspectief, helpt dat mij keuzes te maken: wat voor soort bewegingen horen hierbij? En dansen we op de noten, daartussenin, of juist erdoorheen?”

Urgente thema’s

Ted Brandsen vroeg de choreografen samen te werken, in navolging van ‘de drie Vans’ (Rudi van Dantzig, Hans van Manen en Toer van Schayk), die in 1975 een gezamenlijk ballet presenteerden op het Holland Festival: Collective Symphony, op muziek van Stravinsky.

Meisner: “Het leek Ted Brandsen interessant dat te herhalen met een nieuwe ­generatie choreografen. Ik heb nog nooit zo veel over een voorstelling overlegd. Dat moet wel, omdat het niet gebruikelijk is een stuk te maken met drie choreografen. Daar komt bij dat we elkaar afwisselen, we hebben de voorstelling niet in drie delen gehakt. Maar nu we de studio ingaan, draait het toch om wat er gebeurt tussen jou en de dansers.”

Net als met alles in deze tijd werpt ook hier covid zich op als een complicerende factor, vertelt Wörtmeyer. “Ik werk met acht dansers in een bubbel. De enige van hen die mag oversteken naar de groepen waar Ernst en Wubkje mee werken, is Timothy, in zijn rol als Prometheus. Een raar idee dat wij als choreografen pas de hele voorstelling kunnen zien als we, vlak voor de première, onze eerste doorloop hebben op het grote toneel.”

Kuindersma: “Niet alleen voor ons, maar ook voor het publiek moet het straks wel voelen als een geheel.”

Ook vorig jaar – het beoogde Beethovenjaar, vanwege diens 250ste geboortedag – gooide corona al roet in het eten. Meisner: “We zouden deze voorstelling toen al presenteren op het Holland Festival. De dramaturgie stond in de steigers, de muziek was verdeeld. En toen ging het niet door. De gebeurtenissen van het afgelopen jaar maken de thema’s die wij hebben gevonden in de Prometheusmythe alleen maar urgenter. Het slotbeeld van een wereld die in brand staat, bedachten we al voor de pandemie uitbrak.”

Kuindersma: “En nu staat de wereld al meer dan een jaar echt in brand.”

The Prometheus Project, streaming, 15 t/m 21 juni.

Prometheus: geniaal, revolutionair én overmoedig

Hoe zat het ook al weer met die Prometheus? In de Griekse mythologie was hij een van de Titanen, de kinderen en kleinkinderen van oergoden Gaia en Ouranos. Prometheus – ‘de vooruitziende’ – was verantwoordelijk voor het creëren van de mens uit klei. Ook stal hij het vuur van de goden om het aan de mens te geven. Dat was tegen het zere been van Zeus, de baas van de Olympiërs: een nieuwe generatie goden die de lakens uitdeelden na het winnen van de Titanenstrijd.

Zeus strafte Prometheus hard en wreed: de reus werd vastgeketend aan een berg, waar een adelaar een stuk uit zijn lever pikte – waarna het vitale orgaan weer aangroeide. ­Elke dag opnieuw. Totdat de halfgod ­Herakles de adelaar doodde en ­Prometheus bevrijdde.

Door de eeuwen heen is Prometheus – verdediger van de mensheid en brenger van beschaving, kunst, ­wetenschap en vooruitgang – een ­inspiratiebron geweest voor beeldend kunstenaars, schrijvers en ­musici. Vooral in de late achttiende en vroege negentiende eeuw, het ­begintijdperk van de Romantiek, werd hij opgevoerd als de ultieme individualist, de belichaming van het ­Genie.

Ook zag men hem als een een revolutionair die zich afzette tegen de gevestigde orde, waarbij zijn overmoed hem in de problemen bracht.

In zijn Sturm und Drang-periode schreef Johann Wolfgang von Goethe het gedicht Prometheus (1774), waarin hij diens rebellie tegen het gezag van Zeus rechtvaardigde. Een halve eeuw later vroeg Mary Wollstonecraft Shelley aandacht voor de rampzalige schaduwkanten van ­hemelbestormende progressie in haar gothic novel Frankenstein or The Modern Prometheus (1818). Shelley’s waarschuwingen vinden ook in onze tijd weerklank. Vooral filmmaker James Cameron stelde arrogant vertrouwen in technologie regelmatig aan de kaak in kaskrakers als Aliens (1986), Titanic (1997) en Avatar (2009).

In zijn eerste en enige balletcompositie Die Geschöpfe des Prometheus (1801) zal Ludwig van Beethoven op dezelfde Prometheusvriendelijke lijn als Goethe hebben gezeten. ­Zeker weten we dat echter niet. De oorspronkelijke choreografie van Salvatore Viganò ging verloren. ­Afgezien van een enkele aantekening op de partituur, twee niet al te vleiende recensies door tijdgenoten, en de muziek zelf, is over de ­inhoud van de voorstelling weinig bekend.

In het Wenen van 1801 werd het ballet bijna dertig keer opgevoerd, een groot succes voor die tijd. De ouverture van de compositie werd al tijdens Beethovens leven regelmatig uitgevoerd en is daarna deel gaan uitmaken van het ijzeren symfonieorkestenrepertoire.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden