PlusBoekrecensie

Het derde deel van Faxen aan Ger is geestig, intelligent en volstrekt uniek

Faxen aan Ger 3 verscheen eind 2019. Het is weer genieten van Nicolien Mizee's volstrekt unieke, intelligente en welbespraakte toon, waarin een vleugje waanzin valt te bespeuren.

Nicolien MizeeBeeld Ivo van der Bent

In gijzeling genomen door De porseleinkast (Faxen aan Ger 2) maakte ik me in de zomer van 2018 nog enigszins belachelijk door voortdurend met dat boek van Nicolien Mizee (1965) onder mijn arm rond te lopen, zodat ik om de haverklap – reeds proestend van de voorpret – een ‘o-dit-moet-je-horenstukje’ voor kon lezen aan huisgenoten, vrienden, buren en willekeurige passanten. Dat op de valreep van 2019 Allesverpletterende (Faxen aan Ger 3) uitkwam, was daarom een heel fijne verrassing.

Hoewel de delen prima ‘los’ te lezen zijn, pakken we moeiteloos de draad op. In dit derde deel dat de periode juli 1998-mei 1999 beslaat, koestert faxenschrijver Nicolien nog steeds een eigenaardige, maar allesoverstijgende liefde voor haar voormalige docent ‘scenarioschrijven’ Ger (Beukenkamp), die overigens homoseksueel is. Ook de hakketakkerige relatie met Louise, met wie ze ‘lesbisch stijldanst’ op niveau houdt stand, de relatie met haar moeder blijft moeizaam, ‘het Orakel’ wordt met regelmaat geconsulteerd en ze loopt weer vast in het bureaucratische web van de Sociale Dienst.

Als een puzzeltje

Toch hebben alle drie de delen zo hun eigen hoofdthema: In De kennismaking (1) staat de vraag hoe te leven centraal en lezen we veel over Nicoliens worsteling met de Sociale Dienst. In De Porseleinkast (2) komen de conflicten met haar moeder tot een vulkanische uitbarsting. Hoofdthema van het derde deel is schrijven: de faxenschrijver openbaart zich als prozaschrijver in de aanloop van haar debuut Voor God en de sociale dienst (2000); de faxen vormen een voorstudie: ‘Ik ben dus hard aan het schrijven, of beter, het ding als een puzzeltje in elkaar aan het plakken’, schrijft Nicolien aan Ger. 

Kon de lezer zich in deel 1 en 2 nog verlustigen aan een voyeuristisch inkijkje in de intieme en eenzijdige faxcorrespondentie die Nicolien er met ‘Ger van m’n hart’, ‘Allesverpletterende’, ‘Onbegrijpelijke’ op nahoudt, in Allesverpletterende komt Ger in toenemende mate dichtbij als intieme vriend met wie ze een maandelijks treffen heeft en die wel degelijk af en toe terugfaxt, zij het zeer bondig. Wellicht een noodzakelijke greep van de schrijver om de lezer erop voor te bereiden dat er ook een keer een einde aan die faxen komt, maar ook jammer: de illusie van zo’n eenzijdige obsessieve correspondentie, draagt natuurlijk bij aan de aantrekkingskracht van fax en personage.

De oplossing vindt Mizee in een vermakelijk spel met fictie en werkelijkheid. Zo verzucht ze: ‘Ik begin ernstig op mijn romanpersonage te lijken dat eveneens midden in de nacht aan jou zit te schrijven (…)’. En: ‘Jou beschrijven, of dat wat jij voor mij betekent, is vooralsnog mijn doel en maakt mijn boek tot een noodzakelijk terzijde.’ Maar de Ger in haar debuutroman, wordt omgekneed tot personage (Sam genaamd). ‘Gelukkig loop je keurig over de lijn die ik in gedachten voor je had uitgezet.’ Wel heeft ze Gers minnaar ‘vrouw en kinderen gegeven’, ‘omdat je anders te onaantastbaar bent.’

Goede verteller

Nicolien geeft niet alleen een inkijkje in haar schrijfproces, maar voorziet de scenario’s van scenarioschrijver Ger ook regelmatig van commentaar. Ze hekelt bijvoorbeeld de knappe, succesvolle, weerbare hoofdpersonages in zijn scripts: ‘Waarom zouden we meeleven met een assertief iemand? Die heeft ons toch helemaal niet nodig?’ Daarin heeft ze natuurlijk gelijk. Nicolien is zelf de gedroomde antiheld, want ze voldoet op alle fronten niet aan de maatschappelijke verwachtingen. De lezer volgt in het derde deel haar transformatie van volledig afgekeurde (psychische klachten) die in de avonduurtjes ‘bijklust’ als naaktmodel in een schrijver die haar zelfgecreëerde universum zorgvuldig aanstuurt.

Mensen vragen haar wat haar zo’n goede verteller maakt. Heeft ze tips? ‘In de eerste plaats valt mij op dat mensen de neiging hebben zichzelf zo veel mogelijk uit het verhaal weg te laten. (…) deze deugd is de dood van ieder verhaal,’ schrijft Mizee. Ze kan het niet beter illustreren dan met haar eigen verhalen die doordrenkt zijn van haar kijk op de werkelijkheid, haar geestige, afwijkende en toch zeer navolgbare logica, haar oog voor ogenschijnlijk nietszeggende details, die toch heel belangrijk blijken en de volstrekt unieke, intelligente en welbespraakte toon, waarin een vleugje (geregisseerde!) waanzin valt te bespeuren.

Maar bovenal schuilt de aantrekkingskracht van deze derde bundeling faxen in de dynamiek tussen ‘Allesverpletterende’ en Nicolien. Ger is namelijk op veel fronten een moeilijk en ontoegankelijk figuur dat door Nicolien genadeloos (maar liefdevol) wordt bekritiseerd. Misschien is hij wel onkenbaar, maar dat geeft de verteller de ruimte zelf invulling aan hem te geven. Aanbeden Ger is namelijk niet de held van het verhaal, maar blijkt slechts een middel om de verteller te laten schitteren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden