Plus Column

Het Celloconcert van Elgar is romantische troostmuziek

Eerste hulp bij klassieke muziek van Erik Voermans, met deze week: Edward Elgar.

Erik Voermans Beeld Linda Stulic

Edward Elgar, die een van de meest vooraanstaande componisten van Engeland zou worden, was nog een onaanzienlijke muzikant toen hij in 1886 pianolessen ging geven aan Caroline Alice Roberts, de 39-jarige dochter van een gepensioneerde generaal-majoor. Elgar was 31.

Wat sommige bekrompen familieleden al vreesden, gebeurde. Edward en Alice werden verliefd en wilden zich verloven. En alsof het standsverschil al niet erg genoeg was, hing Elgar ook nog eens de verkeerde godsdienst aan. Hij was rooms-katholiek.

Ondanks de tegenstand trouwden ze en in de muziekgeschiedenis hebben weinig gelukkiger huwelijken ­bestaan dan het hunne. Toen Alice op haar 71ste stierf, in 1920, bleef Elgar nog 14 jaar leven, een periode die hij omschreef als 'een lang en langzaam diminuendo'. Hij voelde zich vaak 'wanhopig alleen'. Belangrijke stukken, of zelfs stukken van enige omvang, heeft hij na de dood van zijn geliefde niet meer geschreven.

Kort voordat Alice overleed, voltooide hij zijn Celloconcert, dat na de March no. 1 uit Pomp and Circumstance (dat op een tekst van A.C. Benson wereldberoemd werd als Land of hope and glory), zijn bekendste en ­geliefdste werk werd, samen met de Enigma Variations en zijn Vioolconcert.

Dat Celloconcert is door en door romantische muziek, die na de onbeschrijflijke verschrikkingen van de Eerste Wereldoorlog een halfuur troost bood. Elgar schreef het in Sussex, in het zuiden van Engeland, waar hij in de stilte van de nacht het gebulder kon horen van de ­vurende kanonnen aan de andere kant van het Kanaal.

Het eerste en belangrijkste thema van het stuk, dat hij in het eerste deel vaak en met groot effect laat terugkeren, met steeds een andere orkestbegeleiding, ­bedacht hij in een Londens ziekenhuisbed. Toen hij daar na een operatie aan een amandelontsteking uit zijn verdoving ontwaakte, moet hij om een potlood en papier hebben gevraagd, waarop hij dat thema noteerde.

Dé uitvoering van het Celloconcert is die van Jacqueline du Pré. Ze speelde dat stuk zo doorleefd, dat de grote Mstislav Rostropovitsj er nooit aan durfde te beginnen.

Dortmunder Philharmoniker o.lv. Gabriel Feltz. Solist: ­Johannes Moser (cello). Rachmaninoff-Derde symfonie, Elgar-Celloconcert, 12 juli 20.00 uur in het Concert­gebouw.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.