De zachte kleuren en het strijklicht in het vroege werk van Hellen van Meene doen denken aan de prerafaëlieten en Vermeer.

Plus Fotografie

Hellen van Meenes versie van Middeleeuws zevenluik

De zachte kleuren en het strijklicht in het vroege werk van Hellen van Meene doen denken aan de prerafaëlieten en Vermeer. Beeld Hellen van Meene

Fotograaf Hellen van Meene, bekend van portretten van adolescente meisjes, maakte een interpretatie van een middeleeuws zevenluik, met vier vrouwen in de rol van Jezus. Een vruchtbare nieuwe stap in haar oeuvre.

Het is niet precies duidelijk wie De zeven werken van barmhartigheid uit 1504 schilderde. De geschiedenisboeken houden het op De Meester van Alkmaar. Lang hadden de zeven panelen een ereplaats in de Grote Kerk van Alkmaar, als een soort handboek voor goed christelijk gedrag. In 1918 werd het verkocht aan het Rijksmuseum in Amsterdam om de restauratie van de kerk te bekostigen.

Een eeuw later keren De zeven werken van barmhartigheid terug: Hellen van Meene (47) kreeg opdracht er een nieuwe versie van te maken. De in de Noord-Hollandse stad geboren fotograaf kan met recht een ‘hedendaagse Meester van Alkmaar’ worden genoemd.

Toch is Van Meene geen voor de hand liggende keuze voor dit project. Zij is vooral bekend om haar portretten van adolescente meisjes, kinderen op de drempel naar volwassenheid. Inhoudelijk ligt Van Meenes werk dicht bij Rineke Dijkstra’s prepubers, maar haar modellen zijn doorgaans een stuk minder ongemakkelijk en onhandig. Ze zijn bevroren in gestileerde schoonheid die vaak balanceert op de rand van kitsch, maar dat net niet wordt.

Ter begeleiding van het nieuwe werk wordt in de kerk een vrij uitgebreid overzicht gepresenteerd van Van Meenes oeuvre. Daar zitten veel bekende werken bij. Zoals het dikke meisje dat gekleed in een met water gevulde tobbe ligt als een huis-tuin-en-keukenversie van Ophelia, de tragische heldin in Hamlet die verdrinkt tijdens het bloemen plukken. Of de blonde krullenbol die een sofa deelt met drie poedels.

Tijdloze beelden

Van Meenes werk is van een kilometer afstand te herkennen. Dat is een grote kracht maar die stijlvastheid is ook problematisch. Ze heeft haar onderwerpkeuze over de jaren uitgebreid met dieren en stillevens, maar stilistisch is er geen verschil tussen werk uit 1995 en 15 jaar later. De beelden zijn tijdloos maar ook voorspelbaar.

Tot een jaar of drie geleden. Het recentste werk ademt een andere sfeer. Deden de zachte kleuren en het strijklicht in het vroege werk denken aan de prerafaëlieten en Vermeer, nu lijkt de laat-middeleeuwer Hans Memling de inspiratiebron. De portretten en profile, bijvoorbeeld van een vrouw met parkiet op haar hand, zijn veel scherper, harder en sterker. Het is een ontwikkeling die Van Meene dichter bij de Meester van Alkmaar heeft gebracht.

In haar versie van De zeven werken van barmhartigheid heeft de fotografe gekozen voor vier jongvolwassen vrouwen. De afstandelijke afwezigheid uit de vroegere portretten is daarbij vervangen door zelfbewust poseren.

Van Meene koos voor het historisch centrum van Gent als decor. Daarmee sluit ze aan bij de oorspronkelijke panelen, die de voorstellingen plaatsen in een 16de-eeuwse Hollandse stad. De historiserende aanpak zou truttig kunnen uitpakken, maar Van Meene verhult nergens dat de foto’s zijn gemaakt in de 21ste eeuw. Achter het raam van een oud stenen huis staan fel gekleurde flessen schoonmaakmiddel en op de achtergrond is duidelijk modern hekwerk te herkennen. Die details zorgen voor een licht ironische noot die wordt versterkt door overdadige kostuums en theatrale gebaren.

Bidden op blote voeten

In het originele schilderwerk staat Christus in het midden, als hij toeziet op het begraven van de doden. In de andere panelen duikt hij op tussen dorstige, hongerige en kou lijdende stumpers – een waarschuwing aan de kijker om niet gierig te zijn met barmhartigheid. Van Meene heeft Jezus geschrapt maar vertaalt het motief in roulerende rollen. De blonde vrouw die zich in de ene voorstelling laaft aan een kan met water geeft in de volgende een jas aan een hulpbehoevende in onderkleding.

Met een piëta en een biddende vrouw op blote voeten schiet Van Meene een beetje door in de religieuze symboliek. Sterker is haar verbeelding van het herbergen van vreemdelingen: een roodharig model staat in lichtblauwe hoepeljurk onder een gewelf, kwetsbaar maar geborgen, zonder enige kunstgreep. Het lijkt stilistisch nog het meeste op het vroegere werk maar door context en titel krijgt de foto een verhalende kwaliteit die voorheen miste. Dit zevenluik maakt dan ook nieuwsgierig naar komend werk, dat hopelijk doorgaat op de ingeslagen weg.

Hellen van Meene: De Zeven Werken van Barmhartigheid, Grote Kerk, Alkmaar, t/m 7/7

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden