Plus Column

George Benjamin komt nog één keer improviseren bij een zwart-witfilm

Eerste hulp bij klassieke muziek van Erik Voermans, met deze week: George Benjamin.

Erik Voermans Beeld Linda Stulic

In de jaren twintig van de vorige eeuw, de tijd van de stomme zwart-witfilm (die je geen stomme film meer mag noemen omdat dat stom klinkt; stille film of zwijgende film heeft tegenwoordig de voorkeur) was het heel gewoon dat een pianist of een organist voor de ­begeleidende muziek bij de beelden zorgde.

In de mooiste bioscoop van Amsterdam, het in 1921 geopende ­Tuschinski Theater, was speciaal daarvoor een Wurlitzerorgel neergezet, dat werd bespeeld door muzikanten als Pierre Palla, Cor Steyn en Bernard Drukker.

Zakgeld
In de bioscopen van Petrograd, zoals Sint Petersburg sinds 1914 heette, voordat het in 1924 werd omgedoopt in Leningrad (in 1991 kreeg het weer zijn oorspronkelijke naam terug), verdiende een 18-jarige, verlegen, maar waanzinnig getalenteerde pianist zijn zakgeld door aan de piano muziek te improviseren bij stille Russische films.

Hij zat al vanaf zijn dertiende op het conservatorium in de stad. In 1926 zou de Sovjet-Unie en later de hele wereld hem leren kennen als componist van zijn Eerste symfonie, waarmee hij op zijn negentiende bij Glazoenov afstudeerde. Zijn naam: Dmitri Sjostakovitsj.

Ook de Brit George Benjamin, een van de succesvolste moderne componisten van deze tijd, baarde voor zijn twintigste opzien met een orkestwerk, Ringed by the Flat Horizon getiteld. Hij sloot er zijn leerttijd bij Olivier Messiaen mee af. En ook Benjamin was in zijn studentenjaren actief als talentvol, improviserend pianist bij zwijgende zwart-witfilms, al hoefde hij daar, anders dan Sjostakovitsj, niet zijn geld mee te verdienen.

Ander verschil: Benjamin vond het leuk, terwijl Sjostakovitsj er een steeds grotere hekel aan kreeg. Hij hield er ook meteen mee op toen regisseurs hem om gecomponeerde filmpartituren begonnen te vragen. Daardoor bestaan van Sjostakovitsj' filmmuziek volop cd-opnamen. Benjamin schreef geen filmmuziek. En hij is ook met die improvisaties opgehouden.

Maar wacht, in Amsterdam komt hij het nog één keer doen, in Tuschinski natuurlijk, bij een zwart-witfilm uit 1921 van Fritz Lang - Der müde Tod.

Maakt er iemand een opname?

Fritz Lang-Der müde Tod. ­Muziek: George Benjamin (piano), 16 juni in Pathé Tuschinki, grote zaal, aanvang 21.00 uur.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.