Frits Lugt en Helene Kröller-Müller hadden scherp oog voor mooie dingen

Aelbert Cuyp -De Maas bij Dordrecht, ca. 1650-1653 . Expositie 'Bewonderde Stad¿. Foto GPD/Collectie Frits Lugt Beeld
Aelbert Cuyp -De Maas bij Dordrecht, ca. 1650-1653 . Expositie 'Bewonderde Stad¿. Foto GPD/Collectie Frits Lugt

Ze waren rijk en verzamelden etsen van Rembrandt en schilderijen van Van Gogh alsof het kralen aan een ketting waren. Frits Lugt en Helene Kröller-Müller waren in het interbellum de grootste kunstverzamelaars van Nederland. Vrijwel onbekend is dat de twee ook een passie hadden voor de klassieke oudheid. Ze verzamelden Griekse vazen, Romeins glas en Egyptische amuletten. Die kleine maar bijzondere verzamelingen zijn nu voor het eerst samen te zien. In een tweeluik bij het Rijksmuseum van Oudheden.

Gek op kunst waren ze. En ze hadden het geld om het te kunnen kopen. Frits Lugt (1884-1970) was wereldwijd vermaard om zijn verzameling etsen en tekeningen van Rembrandt. Hij had het complete grafische oeuvre van de meester in huis. Alsmede een zeldzame serie gravures van Lucas van Leyden.

Helene Kröller-Müller (1870-1939) was meer van het moderne. Zij was één van de belangrijkste collectioneurs van werk van Picasso, Mondriaan en Van der Leck. Daarnaast beschikte ze over de grootste privé-verzameling schilderijen van Van Gogh. Alleen de Nederlandse Staat had er meer.

Of ze elkaar kenden of ontmoet hebben, is niet bekend. Ze leefden in dezelfde tijd, maar waren van een andere generatie. Hij woonde in de metropool Parijs in een statige stadsvilla, zij op de Veluwe in jachtslot Hubertus tussen de zandverstuivingen. Ze verkeerden in andere circuits, boden op verschillende veilingen. ''Maar ze zullen'', zegt Ruurd Halbertsma met stelligheid ''vast en zeker van elkaar gehoord hebben. Juist omdat ze allebei zo gek waren op die voorwerpen uit de oudheid.''

'Ik stond gewoon paf'
Halbertsma is conservator Griekse en Romeinse kunst bij het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. Hij is tevens de man die de link legde tussen Lugt en Kröller-Müller. Bij toeval, bekent hij. ''Ik was twee jaar geleden in Parijs voor de tentoonstelling over de beeldhouwer Praxiteles. Samen met Wim Weijland, onze directeur. We hadden een belangrijke bruikleen afgeleverd voor die expositie in het Louvre. Omdat we nog een paar uurtjes over hadden, stelde Wim voor om het Instituut Neérlandais te bezoeken. Hètel Turgot heet het huis waar Frits Lugt vroeger woonde en waar zijn verzameling nu wordt beheerd door de Fondation Custodia. We kwamen in een schitterende ronde kamer. Met overal schilderijen. Daar had ik nauwelijks oog voor. Ik stormde meteen af op de drie nissen aan de zijkant. Ik had het in één oogopslag gezien.''

Ze stonden vol met Attisch aardewerk, kopjes van farao's en prachtig Romeins glas. Allemaal originele exemplaren, dus minstens 2000 jaar oud. ''De collectie omvatte zo'n 400 voorwerpen. Voornamelijk kleine dingen. Ze waren zonder uitzondering puntgaaf. Geen scherf te bekennen. Precies pas voor de vitrinekast waar ze in stonden. Duidelijk 'op het oog' gekozen. Ik had er absoluut geen idee van dat die man, beroemd om zijn Rembrandts, ook dit soort oudheden verzamelde. Ik stond gewoon paf.''

Nog enigszins beduusd stapte Halbertsma een uurtje later weer de Rue Lille op. Wandelend richting hotel viel het kwartje. ''Lugt, verzamelaar van prenten met een zwak voor oudheden. Een opvallende combinatie. Die je zelden ziet. Daar was iets mee. Eureka, ik wist het! Plotseling herinnerde ik me dat een collega me eens had verteld over de depots van het Kröller-Müller Museum. Dat hij daar ook objecten had gezien uit de klassieke oudheid. Hé, ho, dacht ik, wacht even. Daar moet ik nu toch ook eens heen. Is hier sprake van een opvallende overeenkomst? Van een uitzonderlijk verband?''

Dat was het inderdaad. ''Het depot daar onder het museum is zo groot als een voetbalveld. Maar ik had ze snel gevonden. Zo'n 300 voorwerpen. Keurig ingepakt. Eveneens van hoge kwaliteit. Niet al grote objecten. Handzaam vooral. Terracotta beeldjes. Egyptische amuletten. Daar moesten we als oudheidkundig museum iets mee doen. Deze onbekende collecties laten zien. En het verhaal erachter vertellen. De collectie van Lugt bijvoorbeeld, was niet eens beschreven. Dat is inmiddels door twee collega's uit Oxford gebeurd. Jazeker, ook uit wetenschappelijk oogpunt is het hoogst interessant.''

Frits Lugt
Verzamelen zat er al vroeg in bij de jonge Lugt. Hij was acht jaar toen hij zijn jongenskamer volstouwde met spulletjes en omdoopte tot Museum Lugtius. School was niet zijn stiel, maar hij had een neusje voor kunst. Op zijn zestiende werkte hij bij het Amsterdamse veilinghuis Muller & Co en stelde in zijn vrije tijd en op eigen houtje een catalogus samen van het Rijksprentenkabinet. Van Rembrandt wist hij toen alles al. ''Ook van de scabreuze tekeningen'', zegt Halbertsma lachend. ''Daar hield hij wel van. Op dergelijke motieven zocht hij ook zijn Griekse vazen uit. Maar serieus, hij had een scherpe blik en een enorme kennis. Een echte self made man.''

Verzamelen kon Frits Lugt omdat zijn schoonvader als vennoot van de Steenkolen Handels Vereeniging (SHV) steenrijk was. Toen de erfenis verviel aan dochter Joanna konden zij en haar man onbeperkt hun gang gaan. ''Het was een soort missie. Om de mooiste kunst te kopen. Tegen de beste prijs. Want Lugt kon afdingen als geen ander. Ze kochten overal. Op veilingen, bij Sotheby's en bij handelaren. Ze woonden in Parijs omdat hij vond dat het kunstmilieu in Holland hem als niet-academicus niet serieus nam. In Frankrijk daarentegen had hij dat krediet wel. Hij kreeg van de regering zelfs de eervolle opdracht om alle Nederlandse prenten in het land te catalogiseren.''

Kröller-Müller

Helene Müller was telg uit een vermogende Duitse familie. Haar vader handelde in steenkool en staal. Na zijn overlijden zette Anton Möller, getrouwd met de knappe Helene, het bedrijf voort. Zij stond wat het verzamelen van kunst aangaat sterk onder invloed van haar leermeester H.P Bremmer. Hij gaf kunstgeschiedenis aan welgestelde dames. In zijn visie bestond er één wereldcultuur die alles met elkaar verbond. Ook kunst. ''Om die reden verzamelde zij van alles. Dus ook archeologische voorwerpen. Toen ze genoeg had, toen de kast vol was, stopte ze.''

De architect Hendrik Berlage ontwierp voor de puissant rijke Kröller-Müllers het jachtslot St. Hubertus op de Veluwe. Anton zelf was meer van het jagen dan van het verzamelen, maar vond het prima dat zijn vrouw wél die passie had. Hij vergezelde haar op een reis naar Egypte en steunde haar in haar levensopdracht - om iets 'verheffends' te doen met al die mooie kunstvoorwerpen te doen. Daar danken we nu nog het Kröller-Müller Museum in Otterlo aan. Met zijn 12.000 kunstobjecten.

Lugt en Kröller-Müller zijn van een tijd dat er nog een levendige handel bestond in archeologische voorwerpen. Je ging naar Egypte en kocht bij een handelaar je amuletten of kanopen. De twee verzamelden op het oog. Kozen voor het esthetische. Hoewel ze echt van onecht konden onderscheiden, ging het ook nog wel eens mis. Zo kocht Lugt een terracotta beeldje uit Griekenland wat later een negentiende-eeuwse vervalsing bleek te zijn. En Helene liet zich in Luxor twee imitaties in de maag splitsen. ''Het waren wel hele goede vervalsingen'', vergoeielijkt Halbertsma. ''Jazeker, ook die zijn op de tentoonstelling te zien.''

Zitten er in de kleine archeologische collecties van de twee grootste Nederlandse verzamelaars nog objecten die het Rijksmuseum van Oudheden best graag in zijn eigen vaste opstelling zou willen? ''Absoluut. Ik tel zomaar een stuk of tien voorwerpen. Ja, die twee wisten wel wat mooi was. Zo op het oog.'' (AD VAN KAAM)

Op het oog
De expositie 'Op het oog' is vormgegeven als een tweeluik. Bij binnenkomst van de zaal volg je rechts het gedempte gele licht naar Frits Lugt, de self made man die alles in huis heeft van Rembrandt. Links ga je af op het blauwe licht van Helene Kröller-Müller, de rijke dame met een voorkeur voor Van Gogh.

Aan de wand het verhaal over hun beider passie: het verzamelen van kunstvoorwerpen. Mooi uitgelicht in de glazen vitrines staan de veelal kleine maar opvallend gave voorwerpen uit de klassieke tijd van de Grieken, Romeinen en Egyptenaren. Elke zondag is er in het Rijksmuseum van Oudheden een gratis rondleiding om 13 uur. Op dinsdag 14 september om 20 uur is er een lezing van conservator dr. Ruurd Halbertsma, de inrichter van de expositie.

De archeologische collectie Frits Lugt is als overzichtscatalogus in vier delen gepubliceerd en te koop in de museumshop. (AD VAN KAAM)

Op het oog - tot en met 19 september 2010. Rijksmuseum van Oudheden, Rapenburg 28 Leiden. Openingstijden di. t/m zo. van 10-17 uur.

Frits Lugt in zijn kluis tussen zijn boeken. Foto GPD Beeld
Frits Lugt in zijn kluis tussen zijn boeken. Foto GPD
Helene Kröller-Müller. Foto GPD Beeld
Helene Kröller-Müller. Foto GPD
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden