PlusInterview

Forugh Karimi vluchtte ooit zelf uit Kabul en debuteert nu met roman over Afghaanse vluchtelingen

In de debuutroman De moeders van Mahipar van de Afghaans-Nederlandse psychiater Forugh Karimi (1971) staan de levens van drie Afghaanse vluchtelingen centraal. Het is nadrukkelijk geen autobiografisch verhaal. ‘Vluchtelingen worden voortdurend voor heel moeilijke keuzes gesteld.’

Dieuwertje Mertens
Forugh Karimi: 'Afghaanse vrouwen zijn mentaal heel sterk door wat ze allemaal te verduren krijgen.' Beeld Tessa Posthuma de Boer
Forugh Karimi: 'Afghaanse vrouwen zijn mentaal heel sterk door wat ze allemaal te verduren krijgen.'Beeld Tessa Posthuma de Boer

De moeders van Mahipar vertelt de geschiedenis van de Afghaanse Lolo, haar zoon Ramín en zijn vrouw Saráh. Lolo probeert vanaf 1986 met haar zoon Ramín een bestaan op te bouwen in Nederland. Haar zoon weet niets van zijn afkomst, maar Lolo schrijft in haar dagboek over haar familiegeschiedenis voor haar zoon. Als Ramín op zijn 33ste radioloog is, trouwt hij met de Afghaanse literatuurwetenschapper Saráh. Zij vertaalt het dagboek van zijn moeder voor hem vanuit het Farsi in het Engels.

Lolo is niet alleen gevlucht voor de politieke situatie in Kabul, maar ook voor haar agressieve man Rassoel. Ze is alleen met hem getrouwd omdat zijn familie na de coup van 1978, de 7 Saur Revolutie, veel macht kreeg. Rassoel heeft Lolo wijsgemaakt haar te kunnen helpen bij het vinden van haar vader en broer die zijn opgepakt. Lolo schrijft in haar dagboek: ‘Na die 7e Saur kwam het lot van het volk volledig in handen van de twee grote mogendheden van de wereld. Wat ze een ‘koude oorlog’ noemden, was voor de supermachten misschien koud, voor ons land was het de hel op aarde!’

Dat heeft Forugh Karimi zelf ondervonden in Kabul. Ze was een kind ten tijde van de Russische invasie in Afghanistan en zag later de moedjahedien aan de macht komen. Op haar 25ste vluchtte Karimi hoogzwanger met haar man uit de oorlog en het verwoeste Kabul naar Nederland, waar ze haar studie geneeskunde vervolgde en psychiater werd. Over haar eigen ervaringen als vluchteling wil ze weinig kwijt, in verband met de privacy van haar man en familie. De moeders van Mahipar is fictie gebaseerd op literatuuronderzoek, getuigenissen van ervaringsdeskundigen haar eigen ervaringen.

U werkt nu elf jaar als psychiater. Wat motiveerde u om een roman te schrijven?

“Als kind wilde ik al schrijver worden. Ik was gek op lezen en schrijven. Door de economische sancties in Afghanistan waren boeken schaars. Van mijn ooms hadden we een paar vertaalde boeken over psychoanalyse van Freud en andere auteurs gekregen, maar ook romans, zoals Russische klassiekers van Tolstoj en Dostojevski. Omdat ik zo moeilijk aan nieuwe boeken kon komen, herlas ik deze boeken meerdere keren.”

“Zo ontstond mijn interesse voor de verhalen van mensen, maar ook voor de psychiatrie: wat zijn de gevolgen van de levensomstandigheden op de psyche van mensen? En: welke levensomstandigheden zorgen voor een trauma? Veel mensen denken dat alle vluchtelingen psychisch uit balans zijn door een trauma, maar dat is niet zo, dat is onderdeel van de clichés die over vluchtelingen bestaan. Het doormaken van traumatische ervaringen maakt niet per se dat mensen psychisch uit balans raken of psychiatrische ziektes ontwikkelen. Dat hangt af van veel meer factoren, zoals: had je een veilige jeugd met liefhebbende ouders of niet? Ben je misbruikt of niet? Ik wil de lezer een intiem inkijkje geven in die wereld die vaak voor buitenstaanders moeilijk te doorgronden is.”

Afghanistan in 1996. Beeld Getty Images
Afghanistan in 1996.Beeld Getty Images

Uw uitgever gaf nadrukkelijk aan dat De moeders van Mahipar geen autobiografisch verhaal is. Waarom niet?

“Ik probeerde al heel lang een roman te schrijven. Iedere zomer begon ik opnieuw aan een verhaal, maar dat verzandde keer op keer. Eén van de belemmerende factoren was dat ik probeerde autobiografisch te schrijven. Ik liep vervolgens vast op feitelijkheden: hoe zat het ook al weer precies? Ging het nou zo, of ging het anders? Het verhaal sloeg daardoor dood. In 2020 zou ik beginnen aan mijn PhD, ik was toen 49 en wist: als ik daaraan begin, komt die roman er nooit. Ik heb mijn promotor een brief geschreven en gezegd: ik moet mijn roman gaan schrijven. Dat heb ik gedaan. Ik begon en kon niet meer ophouden met schrijven.”

De roman begint dramatisch: Saráh is neergestoken in haar appartement en ligt op de intensive care. Ramín is radeloos. Wat inspireerde u?

“Ik wilde dat het verhaal zou beginnen met de wanhoop van iemand die dreigt een geliefde te verliezen. Daarmee wordt een hoop losgemaakt. Alles wat ik de afgelopen jaren zo graag wilde vertellen is in grote lijnen in het verhaal aanwezig.”

Het motto van uw praktijk is: ‘We are each of us our own prisoner, locked up in our own story.’ Dat had ook zomaar het motto van uw roman kunnen zijn.

“Vluchtelingen worden voortdurend voor heel moeilijke keuzes gesteld. Lolo wordt bijvoorbeeld gedwongen te liegen. Dat doet ze niet omdat ze een slecht mens is, maar omdat ze moet overleven. Dat dwingt haar om andere keuzes te maken en strategisch na te denken. Maar het zorgt ook voor de nodige complicaties.”

Saráh zegt tegen Ramín: ‘Ik weet niet hoe het bij u is, maar hier ben je als vrouw altijd ‘iets’ in relatie tot de man. Je bent dochter van je vader, zus van je broer, moeder van je zoon of vrouw van je man, meer smaken zijn er niet.’ Ik meende regelmatig ook een woedende ondertoon van de auteur te bespeuren.

“Het Westen heeft zich teruggetrokken uit Afghanistan en het lot van de vrouwen in de handen van de krijgsheren van de Taliban gelegd. Vrouwen in Afghanistan worden onderdrukt, ze zijn onveilig en machtsmisbruik – zoals hier bij The Voice – kan daar nog vrijelijker bestaan. Maar vrouwen staan op tegen de Taliban, ze zijn strijdvaardig. Afghaanse vrouwen, zoals Lolo, zijn mentaal heel sterk door wat ze allemaal te verduren krijgen. Dat is natuurlijk triest, maar ze zijn in sommige aspecten geëmancipeerder dan westerse vrouwen.”

‘‘Mahipar’ betekent dat als het water van de top van de berg naar beneden valt de vissen meevliegen naar beneden,’ schrijft u. De bergen van Mahipar worden door een vriend van Ramín omschreven als ‘de enige plek in Afghanistan die niet verwoest kan worden’. Lolo noemt ze ‘hoog en onverzettelijk’. Welke lading heeft Mahipar voor u?

“De bergen en het ravijn liggen oostelijk ten opzichte van Kabul, langs de weg naar Pakistan, waar ook de wegen liggen die de fundamentalisten naar Kabul brachten en die Kabul hebben verwoest. Ten westen van Mahipar ligt de gevangenis, symbool voor alle misdaden van de communisten. Mahipar is voor mij een plek waar je geen kant meer op kunt, symbool voor het jihadisme dat is gefaciliteerd door het Westen en de tirannie van het communisme waar gewone mensen de dupe van zijn geworden. ‘De moeders van Mahipar’ verwijst naar de sterke moeders in het boek.”

Waarom koos u ervoor het boek te schrijven in het Nederlands en niet in uw moedertaal, het Farsi?

“Dat was geen makkelijk keuze. Het betekent dat mijn boek niet zal worden gerekend tot de Afghaanse literatuur. Enerzijds voelt het alsof ik mijn eigen taal verraden heb en meer loyaal ben geweest naar mijn tweede taal, anderzijds is het een verrijking dat ik voor het Nederlands heb kúnnen kiezen. Ik hoop dat mijn land zo aandacht krijgt en dat mijn volk een meer genuanceerd gezicht krijgt.”

null Beeld -
Beeld -

De moeders van Mahipar

Forugh Karimi
Meridiaan, €23,99
488 blz.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden