Plus

Film over foute vader is voor Rob Riphagen een bevrijding

Volgende week gaat de film Riphagen in première, naar het gelijknamige boek van oud-Parool-verslaggevers Bart Middelburg en René ter Steege. Zoon Rob kreeg door de jaren een steeds somberder beeld van zijn vader, oorlogsmisdadiger Dries Riphagen.

Dries Riphagen en zoon RiphagenBeeld Privécollectie Riphagen

Rob Riphagen (1943) schrok zich wezenloos toen hij het manuscript van het boek Riphagen las dat hem door de journalisten in 1990 was toegestuurd, om te voorkomen dat hij en zijn moeder pas bij publicatie werden geconfronteerd met de oorlogsmisdaden van de vader en voormalige echtgenoot.

Dat zijn vader Dries Riphagen fout was in de oorlog, wist hij wel. Zijn moeder had hem rond zijn twaalfde immers in bedekte termen verteld dat zijn vader, die hij begin 1946 voor het laatst had gezien, voor de Duitsers werkte. Maar de finesses, de werkwijze en de aantallen Joden - ruim tweehonderd - die hij had afgeperst, beroofd en verraden, kende hij niet.

"Van die gruwelijke details wist ik niets. Het was een enorme schok," zegt hij in een telefonisch interview vanuit Spanje, waar hij nu woont. Op de lagere school, de Vondelschool, in de oorlog een Joodse school, had hij al kennisgemaakt met het verleden van zijn vader. Hij werd door klasgenoten gepest en uitgemaakt voor vuile NSB'er.

"Mijn boeken werden uit mijn tas gehaald en in de plas gegooid. Het was dus niet zo dat de onthullingen in het boek mijn wereld ineens op zijn kop zette, maar het gaf er wel een extra onplezierige dimensie aan."

Nadat zijn vader na de oorlog naar Argentinië was gevlucht, groeide Rob op bij zijn moeder, die een relatie kreeg met de (getrouwde) verzetsstrijder Frits Kerkhoven. Het verleden was niet echt bespreekbaar. "Ze probeerden me te sparen. Maar ik ving weleens wat op. Het was thuis een komen en gaan van oud-verzetsmensen."

Spagaat
Hij beschrijft zijn jeugd als een 'merkwaardige setting'. "Ik had twee vaders: een onofficiële stiefvader en een vader in Argentinië, waar ik niet trots op kon zijn. Het was een beklemmende tijd. Je voelde op je klompen aan dat je met je vriendjes niet over het verleden kon praten."

Als jochie van nog geen drie zag hij zijn echte vader voor de laatste keer. Hij kan het zich nog vaag herinneren. "Zorg goed voor je moeder, zoiets zei hij toen. Wees braaf."

Rob fietste in zijn jeugd soms naar de loods Argentinië in de haven in de hoop dat hij zijn vader tegen het lijf zou lopen. "Mijn moeder raakte geïrriteerd als ik erover wilde praten. De oorlog is voorbij, zei ze altijd. En als je er niet over praat, dan is het er ook niet. Maar het was beter geweest als we er wel over hadden gesproken."

Zijn stiefvader Frits Kerkhoven vertelde hem verhalen over het verzet. Hij nam Rob op 4 mei mee naar de Rubensstraat, waar verzetsman Gerhard Badrian, die deel uitmaakte van de Persoonsbewijzencentrale, was doodgeschoten. Ze gingen ook samen naar de herdenking van de opgepakte verzetsgroep van Gerrit van der Veen bij Artis.

Dries Rip­hagen werkte in de ­Tweede ­Wereldoorlog voor de Sicherheitsdienst en joeg zeker 200 Joden de doodBeeld Beeldbank WO2 - NIOD

"Je zit in een spagaat. Ik stond daar terwijl ik wist dat mijn vader fout was. Pas later leerde ik dat mijn vader verantwoordelijk was voor het oppakken van die groep. Heel onvoorstelbaar. Ik was vroeg oud. Een wijs mannetje."

Achtergelaten
Op zijn zeventiende, achttiende werden zijn ambivalente gevoelens groter tegenover zijn vader, die nog enkele jaren brieven stuurde met foto's en kleine cadeautjes als kauwgom. "Ik miste hem en was boos. Hij had ons achtergelaten. Wat heeft hij zijn vrouw, kinderen en zelfs kleinkinderen aangedaan..."

Op de meegestuurde foto zag Rob een pafferige man in een goed zittend pak. In de brieven stonden gemeenplaatsen als: Leer goed op school. "Uit die brieven las ik dat hij niet om gezinshereniging zat te springen. Uiteindelijk heeft hij voor al zijn daden ook de rekening betaald. Hij heeft ons nooit meer gezien."

Rob noemt de oorlogsmisdaden van zijn vader afschuwelijk. "Ik was ook bang dat iets van hem, van die kwalijke eigenschappen, in mij zou zitten. Ik moest correct zijn en goed doen, vond ik, anders zou men immers zeggen: Kijk, de appel valt niet ver van de boom."

Zijn inmiddels overleden moeder omschrijft hij als een 'lief en naïef mens' die na de oorlog hoopte op gezinshereniging. "Ze leefde met de gedachte dat het allemaal niet zo erg was. Ook nadat ze het boek Rip­hagen had gelezen, wilde ze er niet over praten. Ze was ertegen dat ik naspeuringen deed. Je moet geen oude koeien uit de sloot halen, vond ze. Ik heb moeten beloven dat ik nooit informatie over mijn vader zou geven."

Halfzusje
Na het verschijnen van het boek ontdekte Rob dat zijn vader nog een dochter uit zijn eerste huwelijk had. Zijn halfzusje is vijftien jaar ouder. "Ze had nooit iets van mijn vader gehoord. Hoe is het mogelijk dat je een dochter hebt en nooit naar haar omkijkt. Ook zij was hevig geschrokken van het boek."

Het verleden bleef boven zijn hoofd hangen. "Toen ik voor diverse reclamebureaus werkte, had ik veel Joodse klanten en zakenrelaties. Ook mijn baas was Joods. Hij was in de oorlog tijdens zijn reis naar het Oosten uit een rijdende trein gesprongen. Toen we een vriendschappelijke relatie kregen, vond ik dat ik mijn verhaal moest vertellen. Je kunt niet voor je verleden weglopen. Hij was er hevig door geëmotioneerd en geschokt. Inmiddels is hij in de tachtig en nog steeds een goede vriend van me."

De BVD zocht ver na de oorlog nog contact met Rob. De dienst wilde weten waar zijn vader uithing. "Maar je kunt toch niet van mij verlangen dat ik mijn vader verraad. Ze snapten dat niet."

Was het niet gemakkelijker geweest zijn naam te veranderen? "Van Riphagen tot Verhagen? Nee, ik ben dat nooit echt van plan geweest. De geschiedenis kun je niet veranderen. Je lost er ook niets mee op. Het geheim draag je mee, met een naamsverandering was het alleen gemakkelijker geworden om het te verbergen."

Rob heeft het graf van zijn vader, die in 1973 in een Zwitserse kliniek overleed, nog verschillende keren bezocht.

Hoe hij nu naar zijn vader kijkt? "Hoe meer ik te weten kom, hoe somberder en negatiever het beeld van mijn vader wordt. Aan de andere kant valt na het boek en de film een last van mijn schouders. Of ik dat als een bevrijding zie? Absoluut!"

Riphagen, met o.a. Jeroen van Koningsbrugge, draait vanaf donderdag in de bioscoop. Het boek Riphagen is herdrukt door Uitgeverij De Kring, €16,50.

Rob Riphagen, de zoon van Dries Riphagen, moest zijn moeder beloven dat hij nooit informatie over zijn ontsnapte vader zou gevenBeeld -
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden