PlusInterview

Film over feiten en geruchten in de Deventer moordzaak: ‘Er is moedwillig een rookgordijn gecreëerd’

Still uit De veroordeling. Vooraan Fedja van Huêt als journalist Bas Haan. Beeld
Still uit De veroordeling. Vooraan Fedja van Huêt als journalist Bas Haan.

In De veroordeling deconstrueert Sander Burger (46) de Deventer moordzaak en het genadeloze mediacircus dat erop volgde. ‘Het gaat erom voor eens en voor altijd die geruchten te ontkrachten.’

Joost Broeren-Huitenga

In de speelfilm De veroordeling draait het in feite om minstens drie veroordelingen. Ten eerste die van Ernest Louwes voor de moord op de weduwe Wittenberg in 1999, die bekend kwam te staan als de Deventer moordzaak. Louwes werd in 2000 veroordeeld tot dertien jaar cel.

Die straf werd in 2003 opgeschort en de zaak werd ­opnieuw onderzocht. Dat werd al breed uitgemeten in de pers, maar de zaak werd pas écht een mediacircus toen opiniepeiler Maurice de Hond zich er vanaf 2005 mee ging bemoeien. Hij stortte zich als ‘bezorgde burger’ op de zaak en kreeg flink wat media-aandacht voor zijn stelling dat niet Louwes maar ‘klusjesman’ Michaël de Jong de moord had gepleegd.

Daar komt ook de tweede veroordeling om de hoek kijken: de beschuldigingen van De Hond bleken onzin, en in 2009 werd hij veroordeeld voor smaad. Maar het kwaad was al geschied: terwijl de details van de zaak allang vervlogen zijn, blijft ‘de klusjesman’ in het publieke geheugen hangen als de dader.

Dat is de derde veroordeling, en degene waar de film van Sander Burger écht om draait. Geen gerechtelijke veroordeling, maar een ongrijpbaar vonnis op basis van een trial by media. Ook Burger ging destijds mee in dat verhaal, vertelt hij nu. “Het is natuurlijk ook prachtig: deze man heeft het niet gedaan. Ik ben absoluut meegegaan in dat hele circus dat toen door Maurice de Hond is opgetuigd.”

Campagne

Pas toen hij op aanraden van producent Joram Willink het boek De Deventer moordzaak: het complot ontrafeld van journalist Bas Haan las, vielen Burger de schellen van de ogen. “Ik voelde me enorme genept,” zegt hij. “Het is zo ­geslepen, de complete campagne die erachter zat; er is moedwillig een rookgordijn gecreëerd.”

Haan (in de film gespeeld door Fedja van Huêt) was een van de eersten die De Hond een podium gaf in actualiteitenprogramma Netwerk, en geloofde in eerste instantie zelf ook in de onschuld van Louwes. Maar vervolgens keek hij met lede ogen toe hoe het mediacircus het overnam en de feiten steeds verder buiten beeld raakten. Het boek is zijn poging dat te corrigeren, en vormde voor Burger en zijn coscenarist Bert Bouma ook het startpunt van de film.

De eerste versie van het scenario draaide puur om Haan en zijn onderzoek naar de zaak. Dat kantelde nadat de filmmakers Michaël de Jong en zijn vriendin Meike Wittermans hadden ontmoet. Haans graafwerk vormt nog steeds de hoofdlijn van de film, maar vooral in de tweede helft van De veroordeling komt het verhaal van De Jong en Wittermans meer naar de voorgrond; zij worden indringend neergezet door Yorick van Wageningen en Lies Visschedijk.

“Tot ik Michaël en Meike voor het eerst ontmoette, had ‘de klusjesman’ eigenlijk geen gezicht,” vertelt Burger. “Er is op internet maar één foto te vinden, die ‘klusjesman’ was bijna iets abstracts. Maar opeens zat daar een mens ­tegenover me, iemand die echt beschadigd is. Hoe meer ik hoorde van hun verhaal, hoe meer ik voelde: hier zit het échte drama. Dat een journalist die zaak ontrafelt, dat is belangrijk, maar niet emotioneel. Bas doet gewoon zijn werk, het is niet zijn leven of zijn gezin dat op het spel staat. Bij Michaël en Meike was dat wel het geval, hun leven is gewoon verwoest, en dat duurt voort tot de dag van vandaag.”

Archiefmateriaal

De veroordeling opent met een titelkaart die een flinke stap verder gaat dan ‘op waarheid gebaseerd’, en onomwonden stelt dat alle feiten in de film kloppen. “Daarmee maken we onszelf natuurlijk ontzettend kwetsbaar,” ­beaamt Burger. “De producent heeft er eindeloos op ­gepuzzeld hoe we dat juridisch goed konden verwoorden. Maar het was belangrijk, omdat het er deels om gaat om voor eens en voor altijd die geruchten te ontkrachten.”

En de makers hebben hun huiswerk gedaan, benadrukt de regisseur. “Er zijn ontzettend veel films die beginnen met ‘based on a true story’, en als je je er dan in verdiept blijkt zo ongeveer alleen de naam van de hoofdpersoon te kloppen. Dat hebben wij onszelf gewoon niet toegestaan; als het gaat om de feiten van de zaak, klopt alles. Natuurlijk hebben wij dat in een verhaal gegoten en hier en daar dialogen bedacht; dat is fictie. Maar de kern is wáár.”

De meest in het oog springende manier waarop dat in de film wordt benadrukt, is dat er geen acteur is ingehuurd om Maurice de Hond te spelen. Alles wat we hem zien zeggen, zien we in archiefmateriaal uit de vele interviews en talkshows waarin hij het over de zaak had. “Als je dat door een acteur laat spelen, kan Maurice heel makkelijk beweren dat hij dingen niet zo heeft gezegd,” legt Burger uit. “Nu is gewoon duidelijk: dit is letterlijk wat hij heeft gezegd, het komt uit zijn eigen mond, er is niets aan gemanipuleerd. Wat je ziet is echt zoals heel Nederland het destijds op tv heeft gezien.”

Dat is des te belangrijker omdat De Hond nog altijd het nieuws blijft zoeken met de zaak, en nog altijd de onschuld van Louwes bepleit. “En dat terwijl er al sinds zijn veroordeling voor smaad niets meer boven tafel is gekomen wat niet al in de rechtszaak is besproken,” verzucht Burger. “Het is allemaal oude wijn in nieuwe zakken. Maar goed, dat is een campagne die gericht is op de onschuld van Louwes; wij hebben een film gemaakt over de onschuld van de klusjesman, en over journalistieke verantwoordelijkheid. Dat is de kern: een journalist die een inschattingsfout maakt en dat vervolgens probeert recht te zetten, en iemand wiens leven wordt verwoest op basis van nepnieuws en verzonnen feiten.”

Regisseur Sander Burger. Beeld Brunopress
Regisseur Sander Burger.Beeld Brunopress

Sander Burger

Sander Burger werd in 1975 geboren in Ivoorkust. Hij studeerde in 2001 af aan de Filmacademie in de richting productie, maar ging zich vervolgens toch op regie richten. Na enkele korte films maakte hij in 2006 zijn speelfilmdebuut met Olivier etc., in nauwe samenwerking met acteurs Dragan Bakema en Maria Kraakman. Het drietal werkte opnieuw samen voor Hunting & Zn. (2009). Tussendoor maakte Burger Panman, Rhythm of the Palms (2008), de eerste speelfilm gemaakt op het eiland Sint-Maarten. Zijn eerste lange documentaire Ik ben Alice (2015), over de inzet van robots in de bejaardenzorg, viel veelvuldig in de prijzen op internationale festivals.

De veroordeling is te zien in Arena, City, Filmhallen, Kriterion, Het Ketelhuis, Tuschinski

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden