Plus Ten slotte

Fats Domino (1928-2017) zag zichzelf niet als pionier van de rock-'n-roll

Fats Domino was erbij toen de rock-'n-roll werd geboren. Toen Elvis Presley zijn eerste hits zong, zat hij al op zijn kruk achter de piano. Domino overleed dinsdagnacht.

Fats Domino in 2002 in zijn huis in de Lower Ninth Ward in New Orleans. Beeld David Rae Morris/Photo News

Het was augustus 2005 toen muziekpionier Fats Domino voor het eerst werd doodverklaard. Orkaan Katrina had de zee over zijn huis in New Orleans laten bulderen. Televisiebeelden na de storm toonden een dak boven een immense vlakte van water. 'Rust in vrede, Fats', was er op de overkapping geschreven. 'We zullen je missen.'

Maar Domino was niet dood. Een reddingsploeg haalde hem samen met zijn vrouw Rosemary net op tijd met een helikopter uit hun onderlopende woning.

Domino was bij zijn vrouw gebleven omdat die door ziekte niet kon vluchten. Het lukte geen van zijn acht kinderen hen na de reddingsactie te bereiken. Totdat de zanger zichzelf meldde: hij verkeerde in goede gezondheid in een opvangcentrum.

Gisteren bleek het bericht echter onherroepelijk: Fats Domino stierf dinsdagnacht op 89-jarige leeftijd in een voorstadje van New Orleans. Zijn echtgenote was in 2008 al overleden.

Generatiegenoot Chuck Berry
Domino was erbij toen de rock-'n-roll werd geboren. Toen Elvis Presley zijn eerste hits zong, zat hij al op zijn kruk achter de piano en beukte op de toetsen zoals dat in die tijden absoluut ongewoon was.

Zijn naam was Antoine, maar al aan het einde van zijn tienerjaren stond hij bekend als Fats. Hij werd zo genoemd door bandleider Billy Diamond, een van Domino's eerste broodheren, als hommage aan bluespianist Fats Waller. Maar vooral omdat, in de woorden van Diamond, 'die man maar bleef eten en eten'.

The Fat Man heette Domino's eerste eigen single in 1949. Voor velen geldt dit als een van de eerste rock-n'-rollplaatjes. Domino begreep daar tot op hoge leeftijd weinig van. "Ik speelde gewoon rhythm-and-blues. Maar dan op mijn manier."

Net als gitarist en generatiegenoot Chuck Berry (begin dit jaar gestorven op ­90-­jarige leeftijd) bezorgde hij de van oorsprong zwarte muziek voor het eerst ook een deels wit publiek. Het bracht Domino in de jaren vijftig grote successen.

In de VS scoorde hij zelfs elf top 10-hits achtereen, waaronder songs die inmiddels gelden als absolute evergreens: Ain't That a Shame (1955), Blueberry Hill (1956) en I'm Walking (1957).

Net als bij Chuck Berry droogde het hitsucces op toen The Beatles en vooral The Rolling Stones (die het Amerikaanse bluesgeluid verder populariseerden) ten tonele verschenen. Na 1970 nam Domino nauwelijks nieuwe muziek meer op. Zijn ­oeuvre bleef gestold achter in de vroege jaren van de rock-'n-roll. Maar optreden deed hij nog wel.

Spelen in Slagharen
In 1987 haalde concertorganisator Herman van Diejen Fats Domino naar Nederland voor twee nagenoeg uitverkochte concerten in weinig tot de verbeelding sprekende zalen als De Bonte Wever in Slagharen en het Sportcentrum in Den Bosch.

"Toch gold hij als grote ster," zegt Van Diejen. "Maar bij die status voelde hij zich duidelijk ongemakkelijk. Hij was verlegen en dolblij als je met hem een gesprekje over politiek of iets anders alledaags begon."

"Ik schrok aanvankelijk van zijn eisen voor in de kleedkamer: voor bijna 1500 gulden aan sterke drank. Maar al snel bleek dat alleen de band die tot zich nam. Hijzelf dronk alleen ­water."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden