Plus

Expo Joods Historisch Museum blijkt laatste van Uri Katzenstein

In het Joods Historisch Museum is The Institute of Ongoing Things van Uri Katzenstein te zien. De Israëlische kunstenaar is tijdens de voorbereidingen voor deze installatie plotseling overleden.

Details uit de installatie The Institute of Ongoing Things van Uri Katzenstein Beeld Joods Cultureel Kwartier

Alles leek in orde toen curator Ronit Eden op 23 augustus een appje kreeg
uit Tel Aviv. Het bericht kwam van kunstenaar Uri Katzenstein (1951), die een tentoonstelling in het Joods Historisch Museum voorbereidde.

Eden: "Hij appte me, nadat hij twee dagen bezig was geweest om alle werken voor de tentoonstelling in kartonnen dozen te verpakken. De transportfirma was langs geweest en had alle dozen meegenomen."

"Daarna zouden ze in houten kisten worden geplaatst voor het vervoer naar Amsterdam. We waren drie jaar met de tentoonstelling bezig geweest. Zijn werk was klaar, alles was geregeld."

Later die middag werd Katzenstein gevonden op de vloer van zijn atelier. Hij bleek te zijn ­getroffen door een zwaar herseninfarct. Een dag later is hij in het ziekenhuis overleden.

Na overleg met familie en vrienden besloot het museum de tentoonstelling te laten doorgaan. De ­titel van de installatie stond al vast, The Institute of Ongoing Things. Het is een verzameling kunstwerken, objecten en videowerken in een lange houten stellingkast, een soort bibliotheek die tot in het oneindige zou ­kunnen worden voortgezet.

Door de onverwachte dood van de kunstenaar zou de tentoonstelling gezien kunnen worden als een retrospectief, maar zo was deze niet bedoeld. "Alles was klaar en we hebben eigenlijk niets veranderd."

Op een paar details na dan. Eden loopt naar een vak van de installatie, waarin 25 reageer­buizen staan opgesteld. "Daar hoort eigenlijk Katzensteins urine in te zitten, maar ik zei tegen hem: 'Vul die buisjes nou maar als je in Amsterdam bent voor de opening, anders gaat het misschien mis tijdens het transport. Dus nu zijn ze leeg."

"Misschien worden ze alsnog gevuld door een van zijn vrienden, met wie hij heeft samengewerkt."

Bewegen en tingelen
De tentoonstelling begint met een soort ma­chine die gaat bewegen en tingelen als de bezoeker op een pedaal stapt. "Het is een speels en grappig werk en je hoeft niet over speciale vaardigheden te beschikken om het in gang te zetten."

Pas in tweede instantie valt op dat er twee flinke kogels in het kunstwerk zijn opgenomen. "Zijn geschiedenis als soldaat speelde een belangrijke rol in zijn kunstenaarschap. In Israël moet je van je 18de tot je 21ste in het leger dienen. In 1973, toen Katzenstein 22 jaar was, werd hij opgeroepen om als hospik te dienen in de Jom ­Kipoeroorlog."

"Daarna is hij uit Israël weggegaan en heeft hij jarenlang in de Verenigde Staten gewoond. Van een posttraumatische stressstoornis had nog niemand gehoord. Iedereen die in een oorlog had gevochten, was een held en verder werd er niet over gesproken."

Ronit Eden leerde het werk van Katzenstein kennen toen ze in het Israel Museum in Jeruzalem werkte. "Ik plaatste daar met witte handschoenen beelden van Giacometti op hun sokkel. En opeens ontdekte ik deze crazy guy die performances deed waarbij hij zijn eigen bloed op de muren smeerde! Het was een van mijn eerste kennismakingen met hedendaagse kunst."

Rozenkrans van kogels
Toen Eden gevraagd werd een tentoonstelling te maken voor het Joods Historisch Museum, dacht ze direct aan Katzenstein.

"Omdat hij in staat was zo veel verbanden te leggen vanuit zijn geschiedenis als kunstenaar en zijn oorlogstrauma. Zijn werk is heel toegankelijk, ook voor kinderen. Aan de andere kant is het een tentoonstelling die voor een bepaalde generatie ook heel confronterend kan zijn."

Katzenstein maakte onder meer rozenkransen met gebruikte kogels in plaats van kralen en een serie figuren met zijn eigen gelaatstrekken. De poppen hebben geen navel en hebben zowel vrouwelijke als mannelijke kenmerken.

Details uit de installatie The Institute of Ongoing Things van Uri Katzenstein Beeld Joods Cultureel Kwartier

"Hij beschouwde ze als een futuristische familie. In de toekomst worden familierelaties misschien heel anders, dacht hij, verdwijnen begrippen als moeder en vader."

Met dergelijke figuren vertegenwoordigde Katzenstein Israël op de Biënnale van Venetië in 2001.

Ook presenteert hij diverse varianten van een Rietveldachtige stoel in de vorm van een hakenkruis. Toen zo'n stoel in het Tel Aviv Museum of Art werd geëxposeerd, eiste de Israëlische minister van Cultuur en Sport dat die onmiddellijk verwijderd werd.

Na een gesprek met de kunstenaar ging ze alsnog overstag.

Hij legde uit dat de stoel absoluut niet gemaakt was om te provoceren. Door op het verleden te zitten, maakte hij duidelijk eraan verbonden te zijn, dat hij de geschiedenis bespreekbaar wil maken.

Vorige week heeft Eden het laatste werk nog toegevoegd aan de tentoonstelling. Ze stroopt haar mouw op en laat een tattoo op haar onderarm zien, een figuur uit Katzensteins futuristische familie.

"Veel curators die met hem samenwerkten, hebben een tattoo genomen. Een van hen heeft het mooi gezegd: ik kan je mijn ­tentoonstellingsruimte geven, mijn teksten geven, maar nu geef ik je mijn huid."

In ruil daarvoor liet Katzenstein vlak voor zijn dood zijn rechterpink helemaal zwart tatoe­eren. Op de tentoonstelling staat een klein perspex doosje met daarin alle naalden die tijdens het tattooproject zijn gebruikt.

The Institute of Ongoing Things, t/m 24/1 in het Joods Historisch ­Museum

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden