PlusTen Slotte

Ernst van de Wetering (1938-2021) : zonder twijfel dé Rembrandt-autoriteit ter wereld

Hij was de grootste Rembrandt-autoriteit van de wereld, maar wilde zelf niet telkens als zodanig optreden. Wel was hij 46 jaar lang verbonden aan het Rembrandt Research Project, zijn levenswerk. Afgelopen woensdag overleed kunsthistoricus Ernst van de Wetering op 83-jarige leeftijd.

Kees Keijer
Kunsthistoricus Ernst van de Wetering overleed afgelopen woensdag op 83-jarige leeftijd. Beeld Hollandse Hoogte /  ANP
Kunsthistoricus Ernst van de Wetering overleed afgelopen woensdag op 83-jarige leeftijd.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

Het gekkenhuis. Zo noemde kunsthistoricus Ernst van de Wetering het mediacircus dat hem telkens om zijn mening vroeg. Hij had er op een gegeven moment genoeg van, wilde niet meer steeds als de grote Rembrandt-kenner optreden.

En toch was hij zonder enige twijfel de grootste Rembrandt-autoriteit van de wereld. Zijn levenswerk was het Rembrandt Research Project (RRP), waar hij 46 jaar aan verbonden was. Als Van de Wetering zei dat een Rembrandt daadwerkelijk door de meester zelf geschilderd was, gold dat als een definitief oordeel.

Ernst van de Wetering werd geboren in Hengelo, in een milieu waar niemand gestudeerd had. “Ik mocht naar de academie omdat mijn vader zo graag tekenleraar had willen worden, maar met de strikte opdracht om als tekenleraar ervan af te komen,” vertelde hij in 2006 in een interview met Het Parool.

De scheppende geest

Toen hij op zijn 23e daadwerkelijk aan de slag ging als tekenleraar, zag hij een soort tunnel voor zich. “De komende 42 jaar zal bestaan uit kinderen aanmoedigen en ze proberen wat bij te brengen.”

Hij besloot kunstgeschiedenis te gaan studeren aan de UvA, een studie die hem aanvankelijk teleurstelde. Van de Wetering wilde meer te weten komen over ‘de scheppende geest en de scheppende hand’, maar dat bleek tegen te vallen. Hij stopte met de studie en ging reizen. “Toen ik terugkwam wilde ik nog even mijn kandidaats doen. En toen werd ik in mijn kladden gegrepen door hoogleraar Bruyn. Hij vroeg of ik een jaar lang assistent wou worden bij het RRP. De grote heren deden het werk en ik deed het papierwerk en bereidde reizen voor. Toen het oudste lid van het team ziek werd, mocht ik mee op reis.”

Daarnaast werkte Van De Wetering aan het Centraal Laboratorium voor Onderzoek van Voorwerpen van Kunst en Wetenschap, dat later het Instituut Collectie Nederland werd. Daar onderzocht hij moderne kunst, maar ook Egyptische mummiekisten en Indiase kunst. “Sommige mensen denken dat ik alleen maar met Rembrandt bezig ben. Dat is helemaal niet waar.”

Van de Wetering, vanaf 1987 hoogleraar Kunstgeschiedenis aan de UvA, was vooral ook geïnteresseerd in de theorie en ethiek van restauraties. In 1991 stelde hij dat het beschadigde schilderij Who’s Afraid of Red, Yellow and Blue III van Barnett Newman in het Stedelijk Museum met een verfroller was overgeschilderd in plaats van zorgvuldig gerestaureerd. Museumdirecteur Wim Beeren en de Amerikaanse restaurator Daniel Goldreyer ontkenden, maar achteraf bleek Van de Wetering gelijk te hebben.

Nauwelijks vervalsingen

Toen het RRP in 1968 begon, werden natuurwetenschappelijke methoden ingezet om erachter te komen of een schilderij van Rembrandt is of niet. Dat idee werd ingegeven door de gedachte dat er veel imitaties en vervalsingen tussen zouden moeten zitten. Maar gaandeweg werd duidelijk dat het oeuvre bijna geen vervalsingen bevatte. Daardoor werden de leden van het RRP teruggeworpen op hun kennerschap.

Vanaf 1993 leidde Van de Wetering het RRP. Hij voltooide het project in 2014 met de publicatie van het zesde deel van A Corpus of Rembrandt Paintings. Hij deed met een team medewerkers onderzoek naar allerlei deelstudies van Rembrandts atelierpraktijk. Dat heeft onder andere geleid tot nieuwe inzichten over Rembrandts samenwerking met leerlingen, zijn schildertechniek, de functie van de zelfportretten en kleding op schilderijen.

Na zijn pensionering ging Van de Wetering weer meer tekenen en schilderen. Terugkijkend op ‘het gekkenhuis’ vertelde hij: “Ik ben een ongelooflijke bofferd dat ik al zolang mag meemaken. Er is niets mooiers dan heel intensief en lang met iets bezig zijn. Het is een voorrecht om daarvoor de hele wereld af te reizen en een voorrecht om in de hele wereld bevriende collega’s te hebben.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden