PlusAchtergrond

End and Beginning, met muziek van twee eigenzinnige Russische componisten

Pianiste Tomoko Mukaiyama en cinematograaf Reinier van Brummelen maakten de voorstelling End and Beginning, met muziek van de twee eigenzinnige Russische componisten Oestvolskaja en Raskatov. 

Pianiste Tomoko Mukaiyama bij een repetitie in het Muziekgebouw.Beeld Ivo van der Bent

De zaal is verduisterd. Het podium in het Muziek­gebouw is verlaagd. Op de bühne zit pianiste Tomoko Mukaiyama, die wordt geflankeerd door acht contrabassisten en een slagwerker. In de zaal zit alleen cinematograaf Reinier van Brummelen, achter een haag van beeldschermen. Hij is op zoek naar de juiste lichtinstellingen, die de tover van de voorstelling straks moeten vergroten.

End and Beginning heet de productie die hij met Mukaiyama heeft gemaakt. Onderliggende vraag: hoe kunnen we in dit coronatijdperk technologie gebruiken voor het maken van memorabele ervaringen en kunnen we zo waardige alternatieven bieden op fysieke concerten?’

Het antwoord op de vraag is een ondubbelzinnig ja, afgaande op de repetitie van de twee stukken die de Amsterdams-Japanse pianiste met haar musici donderdag in het Muziekgebouw zullen spelen. Aansluitend volgen uitvoeringen in Den Haag (Korzo), Middelburg, Groningen, Den Bosch en Tilburg.

Die twee stukken zijn Compositie nr. 2 ‘Dies Irae’ van de excentrieke Russin Galina Oestvolskaja (1919-2006) en Bells van haar landgenoot Alexander Raskatov (67), die tijdens de glasnost de Sovjet-Unie verliet en sinds 2004 in Frankrijk woont en werkt. In Amsterdam maakte hij in 2010 diepe indruk met zijn opera A Dog’s Heart, naar de novelle van Boelgakov, die bij De Nationale Opera was te zien.

Opgelegde beperking

Oestvolskaja is lastig te spreken te krijgen, maar Raskatov is niet te beroerd om voor zijn laptop te gaan zitten voor een zoomgesprekje. “Het idee voor Bells kwam van Tomoko. Dat wil zeggen, zij vroeg me of ik een stuk wilde schrijven met dezelfde bezetting als Oestvolskaja’s Compositie nr. 2. Ik moest daar heel even over nadenken, want een stuk voor piano, acht contrabassen en slagwerk was nou niet meteen het allereerste waar ik aan dacht. Het is toch een beetje alsof je naar de dierentuin gaat waar ze alleen maar nijlpaarden hebben. Maar dat is voor een componist natuurlijk meteen de grote uitdaging. Je wilt graag vanuit een opgelegde beperking werken. Als iemand tegen me zou zeggen: hier heb je een miljoen, schrijf maar wat je wilt, dan zou ik waarschijnlijk van ellende verhuizen en voorgoed de stekker uit de telefoon trekken.”

Op zijn olijke gezicht verschijnt een brede lach, die dankzij een haperende verbinding bevriest en lang blijft hangen.

“Ik wist aanvankelijk niet wat ik wilde schrijven, maar welk wat ik in elk geval níet wilde, namelijk een stuk als dat van Oestvolskaja.”

Ritueel

In de zaal zijn vier grote lampen boven de musici aangegaan als Mukaiyama de eerste akkoorden van Compositie nr. 2 begint te spelen. Het ziet er magisch uit. De stofdeeltjes in de lichtbundels veranderen de bühne in een heiig landschap. Het voelt alsof er een geheimzinnig ritueel gaande is, niet per se geruststellend van aard. De slagwerker bewerkt een houten kist met twee hamers, de bassen grommen als gewonde beren, of nijlpaarden, om Raskatovs beeldspraak aan te houden.

De grote concentratie waarmee Mukaiyama en consorten het stuk spelen, geeft het een onontkoombaarheid die de toehoorder bij de lurven grijpt.

Raskatovs Bells is net zo uitdrukkingsvol, maar verfijnder van uitwerking. Hij laat Mukaiyama behalve spelen ook zingen (met groot effect), de slagwerker speelt steeldrums, cimbalom en grote hangende plaatklokken.

Zo nu en dan veranderen de contrabassen in een enorm strijkkwartet.

Voelt Raskatov affiniteit met het thema End and Beginning?

“Ik weet alles van beginnen, maar veel minder van eindigen.” Weer die lach.

Wanneer is een stuk af, vraag ik hem.

“Tja. Daar zeg je zo wat. Soms denk je dat iets af is, maar blijkt het bij een repetitie toch anders te zijn. Mahler veranderde van alles, voortdurend. Andere componisten willen dat juist niet, omdat ze vinden dat een stuk bij een moment uit hun leven hoort. Bij mij: als ik niets meer kan bedenken wat er ook nog in moet, is het af. Het is een combinatie van intuïtie en verstand. Maar eigenlijk zit het zo: als het je eigen baby is, moet je tevreden zijn.”

Tomoko Mukaiyama e.a. Werken van Oestvolskaja en Raskatov. 17/9 in het Muziekgebouw, 20.15 uur.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden