PlusInterview

Emmanuelle Haïm debuteert bij DNO met Händels opera ‘Giulio Cesare’: ‘Mensen zijn altijd geïnteresseerd in geld en macht’

Dirigent Emmanuelle Haïm maakt haar debuut bij De Nationale Opera (DNO) met barokopera Giulio Cesare, vol liefde, geweld en verraad. Bijzonder: ze speelt zelf een van de klavecimbelpartijen. ‘Als je zelf meespeelt heb je een grotere focus.’

Britt van Klaveren
Dirigent Emmanuelle Haïm debuteert bij De Nederlandse Opera: ‘Opera is een wereld van samenwerking – je weet het niet allemaal zelf.’ Beeld Milagro Elstak
Dirigent Emmanuelle Haïm debuteert bij De Nederlandse Opera: ‘Opera is een wereld van samenwerking – je weet het niet allemaal zelf.’Beeld Milagro Elstak

De Franse dirigent Emmanuelle Haïm (60) is gespecialiseerd in Oude Muziek en barokmuziek. Van jongs af aan is ze omringd door muziek uit deze periode: haar tante was pianist en groot liefhebber van componisten zoals ­Johann Sebastian Bach, François Couperin en Jean-Philippe Rameau.

Haïm begon haar muzikale studie op de piano, maar bespeelde vanaf haar tienerjaren ook het orgel, geïnspireerd door de historische orgels in het centrum van Parijs waar ze destijds woonde. Haïm: “Op het Conservatoire de Paris ontdekte ik vervolgens het klavecimbel. Zo bewoog ik stap voor stap van het ene toetsenbord naar het andere. Het voelde als thuiskomen.”

Het klavecimbel bood een andere benadering van muziek. Haïm: “Het repertoire voor klavecimbel is fantastisch. Ik houd van alle toetsinstrumenten, maar muziek uit de 17de eeuw raak je eigenlijk nauwelijks aan als pianist.”

Binnen de barokmuziek wordt er veel geïmproviseerd; de muziek is niet helemaal uitgeschreven, waardoor er ruimte is voor individuele expressie. “Dat vind ik heel aantrekkelijk. De manier waarop je je verbeeldingskracht kan ontwikkelen en kan afreizen naar totaal verschillende werelden.”

Debuut

Nu maakt Haïm haar debuut bij De Nationale Opera met Giulio Cesare, een van Georg Friedrich Händels bekendste barokopera’s. Het debuut is extra speciaal omdat ze met haar eigen orkest, Le Concert d’Astrée, in de orkestbak staat.

Daarnaast speelt ze ook zelf één van de klavecimbelpartijen. Dat klinkt uitdagend, maar volgens Haïm is het tegendeel waar: “Eigenlijk maakt dat het makkelijker. Er zijn veel lange en interessante recitatieven in deze opera. Als je zelf meespeelt ben je betrokkener en heb je een grotere focus.”

Elke keer weer als nieuw

Het is de derde keer dat Haïm deze opera dirigeert, maar het voelt elke keer weer als nieuw. “Er zijn componisten waar je je hele leven mee kunt doorbrengen zonder verveeld te raken. Händel is daar één van – hij is een gigant in de muziekwereld.”

De populariteit van de opera is voor Haïm dan ook geen verrassing. “Händels muziek heeft een theatrale kwaliteit. Hij heeft een immens talent om de luisteraar geïnteresseerd te houden in het verhaal dat wordt verteld.”

Giulio Cesare vertelt het verhaal van Julius Caesar en Cleopatra en speelt zich af tijdens de Romeinse Burgeroorlog van 49–45 voor Christus. De opera werd voor het eerst uitgevoerd in Londen in 1724. Toch is het werk volgens Haïm nog steeds relevant, mede dankzij de universele thema’s zoals liefde, geweld, macht en verraad. “De wereld is niet veranderd. Mensen zijn geïnteresseerd in geld, in macht, ze plegen nog steeds cri­mes pas­si­on­nel. Dat lees je in de krant, toch? Daar gaat dit verhaal ook over.”

Actuele thematiek

Haïm spreekt bevlogen over het plaatsen van de opera in de huidige tijdsgeest. Ze vindt het niet nodig om rigide vast te houden aan de originele versie. “Integendeel zelfs, ik grijp de kans om er opnieuw over na te denken. Waar gaat het verhaal over? Wat vertelt de muziek ons vandaag de dag?” Ze begint het proces dan ook altijd met een nieuwe partituur, zonder oude aantekeningen. “Het is net als een acteur die voor de tiende keer Hamlet speelt – de tiende keer is even interessant als de eerste.”

De samenstelling van de musici en het artistieke team is van grote invloed op de interpretatie van het werk. Het is belangrijk voor Haïm dat alle kennis onderling wordt uitgewisseld. “Dat is de enige manier. Opera is een wereld van samenwerking – je weet het niet allemaal zelf. Een hoornist zal altijd meer over hoorn weten. De zangers zien elementen in hun rol die ik misschien niet op dezelfde manier gezien had. De regisseur heeft een andere relatie met muziek en acteren. Het beïnvloedt je allemaal.”

Heel erg in het nu

De regie ligt voor deze productie in handen van Calixto Bieito (59). “Bieito leeft heel erg in het nu. Natuurlijk heeft hij van tevoren veel over de opera nagedacht, maar hij is ook zeer reactief naar wat hij hoort en ziet tijdens de repetities.” Het is daarom wellicht niet verrassend dat de thema’s van de opera richting het heden worden getrokken. Haïm: “Zijn visie is eigentijds en richt zich op de maatschappij van vandaag. Hij verwerkt in het proces dingen die hij waarneemt, zoals oppervlakkigheid en ijdelheid. Waar doen we het allemaal voor?”

Dankzij de actuele thematiek is de opera ook interessant voor publiek dat voor het eerst de zaal instapt. Haïm: “Mensen maken al jaren films en schrijven boeken over dit verhaal en tijdperk. Kijk bijvoorbeeld naar de serie Rome, het interesseert mensen nog steeds. Elk personage heeft fantastische momenten en de energie in de muziek is ongelooflijk. Ongeacht of je je inleest van tevoren of niet, de muziek zal je raken.”

Giulio Cesare, De Nationale Opera, 16/1 t/m 5/2 in Nationale Opera & Ballet.

De repetities van Giulio Cesare. Beeld Milagro Elstak
De repetities van Giulio Cesare.Beeld Milagro Elstak

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden