PlusBoekrecensie

Emanuele Altissimo heeft een rustige, precieze toon

Het romandebuut van de Italiaanse schrijver Emanuele Altissimo (1985) kent een zorg­vuldige constructie.

Beeld Getty Images/EyeEm

In zijn dromen volgt Olmo zijn grote broer terwijl die wegloopt in het donker. Hij rent achter hem aan, pakt hem bij de schouder en schreeuwt zijn woede over hem uit ‘met de overdreven harde stem die bij een nachtmerrie hoort’. Maar Diego geeft nooit antwoord. Hij blijft staan, met een angstaanjagende glimlach.

Omineus is de proloog van Het licht van de nacht van Emanuele Altissimo (Turijn, 1985), waarin de dertien­jarige Olmo en zijn grootvader Aime wachten op de terugkeer van de 21-jarige Diego, negen maanden nadat hij is weggegaan. “Hij komt wel terug,” bezweert Aime.

Niet, weet je meteen. Zoals je ook van meet af aan aanvoelt dat het bouwpakket van het Empire State Building dat Olmo steentje voor steentje opbouwt, zal instorten voor voltooiing. Zo wankel is het fundament onder dit drietal, na de dood van de ouders van de broers.

Luce rubinata al giorno, licht gestolen van de dag, luidt de titel van het boek in het Italiaans. Elke dag dooft het licht iets meer bij Diego, in de zomermaanden van 1998 die Altis­simo beschrijft in zijn debuutroman, die werd genomineerd voor de Italiaanse boekenprijs Premio Strega. “Opa,” vraagt Olmo aan Aime, “kun je stoppen met van iemand houden?”

Bommenwerper

Het is Olmo die aanvoelt hoe Diego afglijdt – een vat vol verdriet, woede en agressie, dat uiteindelijk niet meer is te beteugelen.

Inmiddels volwassen, succesvol architect van wolkenkrabbers die wél overeind blijven – zoals het echte Empire State Building ook overeind bleef nadat het in 1945 was geramd door een B-25 bommenwerper – blikt hij in 2015 terug op die zomer die ze doorbrengen in de berghut van hun ouders in de Valle d’Oasta. Hij volgt Diego daar met argusogen, niet bij machte het tij te keren als zijn broer een hertenjong in een verlaten steenfabriek verborgen houdt, wat zijn ondergang inluidt.

Zeg bergen, zeg opgroeiende jongen, zeg Italiaanse schrijver – maar het is al te gemakkelijk om Altissimo neer te zetten als de zoveelste Paolo Cognetti. De schrijver, die afstudeerde op het werk van David Foster Wallace, voelt zich veel meer verwant met de Angelsaksische literatuur dan met de Italiaanse en heeft een eigen, rustige, precieze toon. Zijn vertelling is als Olmo’s bouwpakket van het Empire State Building: een zorg­vuldige constructie, die uitstijgt boven de natuurbeschrijvingen en de doem van de broers.

Liftbediende Betty Lou

Altissimo alterneert hun verhaal met feitelijke beschrijvingen van de 28ste juli 1945, die Olmo in de berghut leest. De dag dat eerste luitenant William Franklin Smith om 8.55 uur met een Mitchell B-25 de lucht ingaat in Bedford, Massachussetts, op weg naar Newark. De dag dat de negentienjarige Betty Lou Oliver op weg gaat naar haar werk als liftbediende in het Empire State Building. Als Smith, gedesoriënteerd geraakt in de mist, invliegt op het gebouw, wordt een enorm gat geslagen. Veertien mensen vinden de dood, onder wie de driekoppige bemanning.

Maar de constructie houdt. Betty Lou overleeft. En zo geeft Altissmo Olmo toch een glimpje hoop mee in die donkere dagen in de bergen – die ‘wolkenkrabbers van de hemel.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden