PlusExpositie

Ellsworth Kelly in tuinen Rijksmuseum: als een piercing door de huid

De achtste zomertentoonstelling in de tuinen van het Rijksmuseum is gewijd aan Ellsworth Kelly. De beelden van de Amerikaan ogen eenvoudig en abstract maar hebben een schilderkunstige subtiliteit en reageren op de omgeving.

Double Curves (2015).  Beeld Ellsworth Kelly Studio
Double Curves (2015).Beeld Ellsworth Kelly Studio

Ellsworth Kelly (1923-2015) haalde zijn inspiratie uit kleine dingen. Een geplet koffiebekertje bijvoorbeeld. Hij vond de vorm zo mooi dat hij het papieren geval jarenlang in zijn atelier bewaarde totdat hij in 1973 besloot er een beeld van te maken. Curve 1 heeft een simpele en toch spannende vorm: een trapezium waarvan de binnenboog net even anders loopt dan de buitenboog. Het op de grond liggende beeld is uitgevoerd in cortenstaal waardoor het een onregelmatige roesthuid heeft.

Curve 1 is een van de negen monumentale sculpturen die het Rijksmuseum deze zomer toont in de tuinen en het atrium. Ze beslaan de periode van 1963 tot 2015, bijna heel Kellys carrière. Het is voor het eerst dat zoveel van zijn beeldhouwwerken te zien zijn in Nederland.

Architectonische details

Nederlandse museumgangers kennen Kelly vooral als schilder. Zijn hard edge paintings zijn opgenomen in de collecties van Museum Kröller Müller, het Van Abbemuseum en het Stedelijk. Het zijn monochrome panelen in felle, contrasterende kleuren die vaak in een hoek tegen elkaar zijn gehangen. Voor zijn schilderijen ging Kelly uit van architectonische details, een hoek of overgang tussen twee materialen, die hij op de wand zo uitvergrootte dat ze niet meer als zodanig te herkennen zijn. Met zijn beelden ging hij weer terug naar de ruimtelijkheid. Een logische stap voor hem en na verloop van tijd maakte hij geen onderscheid meer tussen beeldhouw- en schilderkunst.

Zover was hij nog niet toen hij White Ring (1963) maakte. Het is een bescheiden beeld dat oogt als een ingedeukte donut. De vorm is heel organisch, wat niet zo vreemd is als je bedenkt dat Kelly sinds de jaren 40 een fanatieke tekenaar van bloemen en planten was. White Ring kan een knoest in een boombast zijn, of een bloemkelk van bovenaf bezien. De ietwat zoekende binnenring verschilt een beetje van de buitencontouren. Het werk is heel plat en doet niets om dat te verbergen. Eigenlijk is het meer een tekening in de ruimte dan een sculptuur.

Yellow Blue (1968) is het hoogtepunt van de expositie.  Beeld Governor Nelson A. Rockefeller Empire State Plaza Art Collection
Yellow Blue (1968) is het hoogtepunt van de expositie.Beeld Governor Nelson A. Rockefeller Empire State Plaza Art Collection

Kelly’s latere werk is groter en ook strakker, meer minimalistisch. Maar ondanks de schijnbare abstractie blijft het altijd verbonden met de realiteit van de wereld. Zo is in de curve van Untitled (1987) het golvende heuvellandschap te herkennen rondom Spencertown, het dorpje in Upstate New York waar de kunstenaar in de jaren 70 naartoe verhuisde. Kelly draaide de horizon een kwartslag waardoor het beeld, dat door het donkere brons een beetje doet denken aan een grafzerk, iets zachts krijgt.

Cirkeldelen zijn een terugkerend element in Kelly’s werk en ze hebben een ruimtelijke werking die voorbij de grenzen van het beeld gaan. Bij het zien van zo’n flauwe bocht maak je in je hoofd bijna automatisch de rest van de cirkel af, waardoor het sculptuur onderdeel wordt van een veel groter geheel, als een piercing in de huid van de tuin.

Bij Double Curves (2015) is de ruimte tussen de twee delen net zo belangrijk als de 9 meter hoge kolossen zelf. Er ontstaat een amandelvormige poort waar je met een beetje fantasie een geboortekanaal in kan zien. De hoogglans afwerking van Double Curves voegt nog een dimensie toe. Het spierwit weerspiegelt het verkeer op de Mauritskade en lijkt in het zonlicht bijna op te lossen, waardoor het beeld ondanks zijn enorme formaat heel luchtig overkomt.

Gepokt cortenstaal

In de telkens verschillende keuze voor materiaal en afwerkmethode klinkt Kelly’s achtergrond in de schilderkunst door. Zo zuigt het gepokte cortenstaal van Curve XII (1974) juist het licht op, waardoor het beeld in het intieme binnenhofje aan de Jan Luijkenstraat het perfecte contrapunt vormt voor Double Curves. Untitled (1996), daarentegen, is uitgevoerd in rvs, waardoor de twee boogdelen afhankelijk van perspectief en zonlicht mat grijs of stralend wit ogen.

Kelly’s buitenbeelden zijn wit of hebben de kleur van het gebruikte materiaal. Grote uitzondering is Yellow Blue (1968), wat meteen ook het hoogtepunt is van deze tentoonstelling. Het werk staat gewoonlijk voor een overheidsgebouw in New York State en is nu voor het eerst te zien in Europa.

Van voren bezien bestaat het uit twee schuin tegen elkaar geplaatste vlakken. Het blauw en geel zitten ergens tussen mat en hoogglans, heel stevig en aards, waardoor het beeld een één-tweetje aangaat met de rode bakstenen van de museumgevel. Als je eromheen loopt, zie je de arctisch witte achterkant, een soort schuilhut met een heel andere relatie tot zijn omgeving. Dit zijn eigenlijk twee beelden in één.

Ellsworth Kelly: t/m 24 oktober in de Rijksmuseumtuinen (toegang gratis).

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden