PlusInterview

Eindelijk weer Holland Festival: ‘Als je één iemand kunt bewegen, beroeren, aanraken, dan is het al de moeite waard’

Na twee door corona gemankeerde edities hoopte Holland Festival-directeur Emily Ansenk de 75ste verjaardag van haar festival ‘normaal’ te kunnen vieren. Dat was buiten de oorlog in Oekraïne gerekend. ‘De voorstellingen gaan niet rechtstreeks over de oorlog, maar goede kunstenaars raken altijd aan de tijdgeest.’

Jan Pieter Ekker
Holland Festival-directeur Emily Ansenk: ‘Veel kunstenaars in ons programma zijn bezig met onderwerpen als duurzaamheid en raciale ongelijkheid.’ Beeld Lin Woldendorp
Holland Festival-directeur Emily Ansenk: ‘Veel kunstenaars in ons programma zijn bezig met onderwerpen als duurzaamheid en raciale ongelijkheid.’Beeld Lin Woldendorp

“We leven in een drastische en dramatische tijd die vraagt om een helder standpunt, ook vanuit de culturele wereld. Want hoe vier je eigenlijk een jubileum terwijl er in Europa een grote oorlog woedt?” zei directeur Emily Ansenk begin april op de persconferentie van het 75ste Holland Festival.

Enkele weken voor aanvang van het festival gaat Ansenk in haar werkkamer op de vierde verdieping van het Muziekgebouw dieper in op die nijpende vraag. “Het Holland festival is 75 jaar geleden ontstaan in de tijd van de wederopbouw, omdat het belangrijk werd gevonden internationale kunst en kunstenaars te presenteren én toeristen te trekken – niet alleen met tulpen en molens, maar ook met ‘High Art in the Lowlands’, zoals het festival in eerste instantie heette.”

Ansenk: “Juist in deze complexe tijd is het belangrijk om ons goed te realiseren waarom we destijds zijn opgericht en wat het nú betekent om met elkaar samen te werken, om voorstellingen te brengen waarmee je hoopt op wederzijds begrip, of bepaalde prangende onderwerpen te agenderen.”

Op het Holland Festival zijn veel grote voorstellingen te zien waaraan jaren is gewerkt. Kunnen die eigenlijk wel inspelen op de actualiteit?

“Niet expliciet; er zitten geen voorstellingen in het programma die rechtstreeks gaan over de oorlog in Oekraïne. Maar ik denk dat goede kunstenaars altijd aan de tijdgeest raken. Dat zie je in de programma’s die zijn samengesteld door Nicolas Stemann en Angélique Kidjo. Het programma van Kidjo focust op de klimaatcrisis, de zorg voor de aarde en wat ons aandeel daarin is – Mother Nature is daar een goed voorbeeld van.”

“Kidjo’s wortels liggen in Benin, een stad van waaruit eeuwen geleden de slavenschepen vertrokken, en die nog altijd is doordesemd van de geschiedenis. Dat zie je terug in haar muziektheatervoorstelling Yemandja – An African Fairytale.”

Ansenk: “We dachten dat Kidjo een interessante combinatie zou vormen met Nicolas Stemann, maar wisten van tevoren niet of er een gezamenlijkheid zou zijn tussen de associates, die ieder hun eigen achtergrond, werk en boodschap hebben. Maar er bleek verrassend veel overlap in hun boodschap en thematiek te zitten, met name over het onderwerp klimaat en representatie: wie mag welk verhaal vertellen?”

In Nicolas’ theatervoorstelling Contre-enquêtes bijvoorbeeld, speelt kolonialisme een belangrijke rol. Daarin ensceneert hij een ontmoeting tussen de naamloze hoofdpersoon uit De vreemdeling van de Franse schrijver Albert Camus en de broer van de hoofdpersoon uit Moussa, of de dood van Arabier van de Algerijnse auteur Kamel Daoud. Deze ontmoeting, tegen een achtergrond van wederzijdse misverstanden, biedt een interessante kijk op de geschiedenis, die tal van nieuwe vragen oproept over de verhouding tussen Algerije en Frankrijk, maar ook over de positie van Stemann zelf, een 52-jarige Duitse theaterregisseur.

Kein Licht, het operawerk gebaseerd op een tekst van Elfriede Jelinek dat Stemann samen met componist Philippe Manoury heeft geproduceerd, is geïnspireerd door de kernramp in Fukushima en toont de gevolgen voor het klimaat en de mensheid. Ook tal van andere kunstenaars in ons programma zijn bezig met onderwerpen als duurzaamheid en raciale ongelijkheid. Maar voor alle duidelijkheid: de thematiek die in het programma naar voren komt, is niet bedacht door het programmateam van het Holland Festival; die komt voort uit de kunstenaars die we een podium geven.”

Maar het programmateam kiest ervoor bepaalde stemmen een podium te geven. Zijn daar andere stemmen bij gekomen? Ergo: is het Holland Festival een minder wit feestje aan het worden?

“Er komen ieder jaar nieuwe stemmen bij. Maar minder wit? Ik kreeg net een aantal foto’s van Maria Austria gemaild, van het bezoek van de Afro-Amerikaanse choreografe Katherine Dunham in 1954. De programmering van het Holland Festival is altijd al divers geweest, onder mijn voorganger Ruth Mackenzie zijn er in dat opzicht ook weer belangrijke stappen gezet.”

“Onze associates dragen ook bij aan een kleurrijke, veelzijdige programmering, omdat zij een heel breed en genereus denkframe hebben en de samenwerking opzoeken met kunstenaars die anders misschien niet zo snel op ons podium zouden zijn beland. Dat is precies het idee erachter; dat je daarmee je eigen blinde vlekken invult.”

“In het kielzog van Angélique Kidjo presenteren we bijvoorbeeld de zangeressen Yemi Alade en Zeynab Habib, die beiden waanzinnig populair zijn, maar bij een publiek dat niet per se bekend is met het Holland Festival.”

U memoreerde zojuist dat het Holland Festival in 1947 is begonnen als High Art in the Lowlands. Draait het nog steeds om high art?

“Het ligt er maar aan wat je daaronder verstaat. Wij brengen kunst die niet mainstream is. En daarmee bedoel ik: lekker gepresenteerde, goed in het gehoor liggende kunst die je het hele jaar door op andere festivals kunt zien en horen. Wij voegen iets toe aan het Nederlandse veld, door makers en voorstellingen te programmeren die iets extra’s te bieden hebben, door hun complexiteit of door de vorm. Het is vaak kunst die zich lastig laat commercialiseren, maar ik spreek liever niet van high art, misschien moet je het add art noemen.”

En over de grote oorlog die in Europa woedt: het meest ingrijpende gevolg is dat de filminstallatie Euphoria van de Duitse kunstenaar en filmmaker Julian Rosefeldt, die gepland stond als jubileumvoorstelling, niet te zien is.

“Julian Rosefeldt, die in 2017 op het Holland Festival stond met Manifesto, zijn installatie met actrice Cate Blanchett, werkt sinds lange tijd samen met een Oekraïense filmploeg. Door de toenemende dreiging uit Rusland werden de opnames in Kiev kort voor het uitbreken van de oorlog afgebroken.”

“We hebben overwogen de delen die nog niet af zijn te vervangen door tekst met uitleg, maar Julian geeft er de voorkeur aan dat niet te doen. Het zou afleiden, want het werk gaat helemaal niet over Oekraïne maar over het ongebreidelde consumentisme en kapitalisme in onze samenleving. Dat het in Kiev is gefilmd had te maken met eerdere ervaringen met de locaties en de Oekraïense crew.”

“Julian geeft er de voorkeur aan om Euphoria volgend jaar op het Holland Festival te laten zien zoals hij het in zijn hoofd heeft. Er moet nog van alles voor worden geregeld, maar dat ziet er gelukkig goed uit.”

Op de persconferentie zei u dat het dankzij de inzet van vele dappere strijders 77 jaar geleden is ‘dat we hier nu kunnen doen wat we doen’: het Holland Festival als ultieme uiting van vrijheid. Gelooft u daar werkelijk in?

“Ik geloof niet dat een festival de problemen van de wereld kan oplossen, maar er kan wel iets worden aangewakkerd op individueel niveau. Als je één iemand kunt bewegen, beroeren, aanraken, dan is het al de moeite waard.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden