PlusAchtergrond

Een digitale wandeltocht door de Amsterdamse Joden Houttuinen

In Nederland zijn in de Tweede Wereldoorlog ruim zevenduizend panden van Joden geroofd, waarvan ruim 1700 in Amsterdam. Pointer ging op zoek naar de verhalen achter deze transacties en maakt een digitale wandeltocht door de Amsterdamse Joden Houttuinen.

De Joden Houttuinen liepen parallel aan wat nu de Jodenbreestraat is. Het was er armoe troef en de woningen waren verkrot.Beeld Stadsarchief Amsterdam

Het geroofde Joodse vastgoed in de zogeheten Verkaufbücher betreft kille cijfers en rijen namen van Joodse eigenaren en de kopers: louche ondernemers en vastgoedhandelaren. Datajournalisten van journalistiek platform Pointer van de Kro-Ncrv hebben deze gegevens verwerkt tot aangrijpende persoonlijke verhalen en verschillende steden, waaronder Amsterdam, Den Haag, Den Helder en Breda, uitgelicht.

Datajournalist Thomas de Beus heeft de verhalen van de inmiddels niet meer bestaande Joden Houttuinen onderzocht. “Deze straat geeft goed de vooroorlogse Joodse sfeer weer, met de beroemde boksschool Olympia en het enige nog bestaande Goslerhuisje. Er zijn veel foto’s van in het Stadsarchief. Israël Querido heeft over de straat geschreven. Hele families die er woonden zijn vergast. Het is een korte straat waar veel onteigeningen plaatsvonden. Als je alle informatie bekijkt, raak je ontroerd,” zegt de Beus.

Het in de oorlog geroofde Joodse vastgoed werd in achttien Verkaufbücher door de Duitse bezetter bijgehouden. In deze boeken staan de adressen van de geroofde panden, de namen van de onteigende Joodse huizenbezitters en de kopers. Ook de namen van de notarissen die rijkelijk verdienden aan deze transacties en de verkoopprijs staan erbij vermeld.

Zo was de Amsterdamse notaris A.A.F. Rambonnet betrokken bij 265 transacties van in totaal ruim vijf miljoen gulden (nu ongeveer 26 miljoen euro). “De eigenaren van de panden waren gedeporteerd, de woningen stonden leeg en mensen sloegen daar dan een slaatje uit. Onze taak was deze hoeveelheid cijfers van geroofd vastgoed in een vorm te gieten waardoor mensen zich gaan verdiepen in dit onderwerp.”

Beperkte blik

Het Nationaal Archief heeft deze handgeschreven boeken vorig jaar in samenwerking met het Kadaster gedigitaliseerd. De Verkaufsbücher tellen achttien boeken, alleen het eerste deel is vermist. In de boeken staan in totaal 7109 transacties in heel Nederland, waarvan 1780 in Amsterdam. De transacties hebben een totale waarde van bijna honderd miljoen gulden (nu zo’n 581 miljoen euro). Van het geld zijn onder meer de kampen Westerbork en Vught en de deportaties betaald.

“De boeken geven alleen een overzicht van de woningen die na de onteigening ook verkocht zijn. Het is een hele precieze maar ook beperkte blik op wat er toen is gebeurd,” zegt De Beus.

Het platform Pointer heeft deze gegevens verwerkt tot een stippenkaart. Op de kaart kan elke stip worden aangeklikt waarna het adres, de namen van de eigenaar en koper, de verkoopdatum en de verkoopprijs staan vermeld.

Tijdens de bezetting is veel Joods vastgoed onteigend en doorverkocht. Alleen in Amsterdam  zijn dat al ruim 1700 panden voor zover bekend. 1 stipje staat voor 1 pand. In de zwarte cirkels zijn de straten waar de meeste panden werden onteigend.

In de Joden Houttuinen, een verdwenen straat in de Amsterdamse Jodenbuurt die parallel liep aan de Jodenbreestraat, werden negen panden of clusters van panden onteigend.

Op animatiebeelden van Pointer is te zien hoe de straat er rond 1937 uitzag. Op nummer 1 staat het Goslerhuisje, nu café de Sluyswacht, waar de familie A. Gosler een ijzer- en metaalhandel had. Het is het enige overgebleven pand uit de straat. Op nummer 80 was de zuurinleggerij van Barend Zwaaf en op nummer 33-37 huisde boksschool Olympia, waar de beroemde bokser Ben Bril trainde. Op nummer 66 III hoog woonde Isaac Asser, de vader van Eli Asser. Hij werd thuis opgepakt en is in 1943 in Auschwitz vermoord, net als zijn vrouw Johanna en dochter Rebecca. Eli zelf overleefde in de onderduik.

Straatarme Joden

Pointer neemt de bezoeker aan de hand van een digitale wandeling mee de Joden Houttuinen in waar straatarme Joden in verkrotte huizen woonden tussen zuurinleggerijen, handeltjes in lompen en koosjere zuivel, een synagoge en een stoomdrukkerij. Aan de hand van foto’s uit het Stadsarchief, krantenberichten en artikelen onder meer uit Het Parool en citaten van de schrijver Israël Querido die in 1931 een boek schreef over deze buurt, wordt een beeld geschetst van de Joden Houttuinen

‘De smalle Joden Houttuinenbuurt, met gek inspringende schaduwhoeken, braakte een wreed-sombere Ghetto-armoe uit; lag kreunend op apegapen. (…)Van stikduistere trappen en uit spleetsloppen woeien azijnscherpe geuren op,’ tekende Querido op.

Gemeenteambtenaar Louis Hermans schreef eerder in 1901 in het rapport Krotten en Sloppen dat het in 78 van de 138 woningen in de Joden Houttuinen stonk en de bevolkingsdichtheid ruim zeven keer groter was dan elders. Ook kwamen er veel besmettelijke ziektes voor, zoals mazelen, roodvonk, difterie en tyfus.

Een van de negen onteigende panden betrof nummer 69, waar Joseph Breemer zijn brandstoffenhandel runde. Het pand waarin het kolenbedrijf zat, was eigendom van zijn broer David Breemer. Hij werd in 1943 vermoord in Auschwitz. Het pand werd eind 1943 door notaris Van Riel voor 9.000 gulden verkocht aan de gemeente Amsterdam.

Boksschool Olympia op nummer 33-37 en belendende panden waren van de Joodse eigenaar W.V. Laar uit Utrecht. Veel vooral Joodse jongens vormden eind 1940 een knokploeg om zich te verdedigen tegen de WA, de Weerbaarheidsafdeling van de NSB. In de straat zetelde de bekende drukkerij Joachimsthal op nummer 92-102. Ook dit pand werd onteigend en verkocht. De familie die de drukkerij runde, werd grotendeels vermoord in de kampen.

Gemeentes in ongewis

Uit onderzoek van Pointer blijkt dat de meeste gemeentes niet weten of tijdens de Tweede Wereldoorlog Joods vastgoed is onteigend en doorverkocht. De Beus: “We hebben alle gemeentes een brief gestuurd. Vier van de vijf gemeentes wisten niet welke panden waren onteigend en ook niet of er compensatieregelingen waren getroffen.”

Van de Joden Houttuinen is weinig over. De vervallen panden in de straat zijn in de jaren zestig gesloopt. Op de plek werd het Maupoleum gebouwd dat later, in 1994, is afgebroken om plaats te maken voor de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten.

Om hoeveel panden ging het precies?

 Top 5 onteigende Amsterdams-Joodse huizenbezitters

1J. van Kollem met 23 onteigende panden
2N. Streep met 22 onteigende panden
3L.A. Gerritse met 10 onteigende panden
4J. Cohen met 9 onteigende panden
5I. Polak met 9 onteigende panden

Top 5 Amsterdamse kopers van onteigend Joods vastgoed

1J.N. Brouwer - 69 panden
2T. Wolff – 59 panden
3B.E.M. Hermans-Helsloot – 56 panden
4J.C. Voogd –42 panden
5J.H. Breman –26 panden

Top 5 Amsterdamse notarissen die meewerkten aan de transacties en na de oorlog op grond van de zuiveringswet werden ontslagen

1J.H. Krom (351 panden)
2A.A.F. Rambonnet (265 panden)
3J.F. Rodenberg (231 panden)
4J.T.A. Hermans (207 panden)
5E.J. Poster (192 panden)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden