Plus

Ed van der Elsken portretteerde zijn geliefde Amsterdam: 'Een soort minitragiek'

De tweelingmeisjes op de kermis, de nozemjongens: het werk van fotograaf Ed van der Elsken heeft zich vastgezet in ons collectieve geheugen. De expositie Ed van der Elsken - De verliefde camera in het Stedelijk is een autobiografisch portret van hem en de stad.

Jongeren in de omgeving van de Nieuwmarkt, 1961 Beeld Ed van der Elsken

Zijn Leicacamera hield van Amsterdam. Of in elk geval van Amsterdammers. De bekendste beelden in Ed van der Elskens fotoboek Amsterdam! uit 1979 zijn uitgegroeid tot klassiekers: de tweelingmeisjes op de Nieuwmarktkermis, de 'nozemjongens' met hun vetkuiven, de meisjes met suikerspinkapsels achterop snelle bromfietsen - bij veel mensen staan ze op het netvlies gebrand, als symbool van de steeds mondiger wordende jeugd in de roerige jaren zestig. Hij legde hen op zijn geheel eigen wijze vast.

Waarom was Van der Elsken (1925-1990) zo gefascineerd door deze categorie jongeren? "Ik denk dat ik vooral zo met die leeftijd van vijftien tot drieëntwintig bezig geweest ben, omdat je in die leeftijd een houding zoekt," zegt hij in 1988.

"Ze laten zien, heel demonstratief, hoe fantastisch en ­individualistisch en non-conformistisch en poëtisch en sterk en rebels en gevaarlijk voor het establishment ze zijn. Dat interesseert mij. Later zie je ze vaak wegdrijven in een soort burgerdom met de kinderwagen. En ja, dat is dan een soort minitragiek."

Zelf was Van der Elsken volwassen geworden tijdens de lange bezettingsjaren - de cruciale jaren van zijn jeugd. "Die leeftijd boeit mij: de grote thema's van moed, individualisme en vrijheid. Daar gaat het mij om in mijn eigen leven en ik zoek dat ook in mijn onderwerpen."

In 1947 leende hij zijn vaders platencamera om mensen op straat te fotograferen. Tijdens zijn verblijf in Parijs, begin jaren vijftig, volgde hij in de wijk Saint-Germain-des-Prés een groep depressieve jongeren, afkomstig uit verschillende landen en getekend door de oorlog.

Terug in Amsterdam richtte hij zich op de jeugd met een zucht naar verandering die zich afzette tegen vorige generaties. Hij voelde zich met hen verbonden. Als stadsverslaggever dook hij tussen de jonge activisten tijdens rellen en demonstraties, en legde met zijn Leica het autoritaire machtsvertoon van de Amsterdamse politie vast.

Littekens
Wat we zien is een belangrijk groepsbeeld van de naoorlogse generatie. Veel mensen kennen Van der Elskens eerder genoemde foto's van jongeren, weinig mensen beseffen dat hij ook heel bewust de omgeving van deze jongeren wilde vastleggen en hun verhaal wilde vertellen.

Hij kende ze. Van der Elsken woonde om de hoek op de Koningsstraat. Hij cirkelde langs de voddenman en de standwerkers op het Waterlooplein.

Daaromheen zien we straatvuil, armoede, dichtgespijkerde huizen en lege straten die het gapende gat van de vervallen Jodenbuurt belichamen.
Van der Elsken toonde de littekens die de jaren 1940-1945 in de stad hadden achtergelaten.

"Ik had in Noord-Brabant gezeten en niet in de gaten gehad dat er de vreselijkste dingen gebeurden, ik had er niets tegen gedaan," zei hij later.

Hij schoot beelden van de straatjes van de oude Jodenhoek voordat ze werden gesloopt voor de bouw van het nieuwe stadhuis begin jaren zeventig. In Amsterdam! schreef hij: 'Het Waterlooplein, de Jodenbuurt zonder Joden, is heel langzaam gestorven. Heel langzaam afgebroken.

"Blijf met je rotpoten van onze rotjoden af," zeiden we in de oorlog tegen de nazi's. We hebben het niet duidelijk genoeg gezegd, we hebben er niet genoeg voor over gehad om die mensen te beschermen. Laten we maar gauw een paar grote gebouwen boven op ons slechte verleden, op ons slechte geweten zetten. En alles vergeten.'

Zijn Amsterdamse werk is met recht een autobiografisch zelfportret: hij gunt ons een kijkje in zijn leven en gedachten. In 1970 verhuisde hij naar het platteland van Edam, op weg naar nieuwe manieren van individualisme, moed en vrijheid. Het leek een afscheid te zijn, maar zijn latere kleurenwerk in de tentoonstelling laat zien dat Van der Elsken gefascineerd bleef door zijn geliefde Amsterdam.

Beelden van Amsterdam, Parijs en een groot overzicht van zijn andere fotoboeken, foto's en films zijn vanaf 4/2 tot 21/5 te zien in de tentoonstelling Ed van der Elsken - De verliefde camera in het Stedelijk Museum in Amsterdam.

Waterlooplein, 1961 Beeld Ed van der Elsken

Magisch middelpunt

De jongen met het brillantinekapsel is André Stuyfersant.

Stuyfersant (nu 69): "Dit is nou typisch een foto van de overgangsfase van een jochie naar een man. Ik was dertien jaar. Ja, dat was toen de tijd van rock-'n-roll en vetkuiven. Net uit de jaren vijftig. Dus ja, er zit een flinke kluit Brylcreem in dat haar."

Stuyfersant vertelt over de man met de naar achter gekamde haren, links op de foto: "Dat was Moffie, een standwerker die de oorlog had overleefd."

"Volgens geruchten in de buurt was zijn hele familie weg. Zijn vrouw en zijn kinderen weg. Maar hij gaf altijd een heel goeie show. Je had vooral zaterdag een stuk of vier, vijf standwerkers op het Waterlooplein en die brachten een show. Die wisten dingen aan mensen te slijten die ze normaal nooit hadden kunnen verkopen. Dat waren vaak Joodse Amsterdammers. Zij hadden de oorlog overleefd en waren begaafd en
befaamd om hun verbale vermogen; die waren heel scherp en heel alert."

"Die waren nog Amsterdamser dan Amsterdams. Zij waren het magische middelpunt van het Waterlooplein."

Winkel van Sal Meijer, ca. 1965 Beeld Ed van der Elsken

Jodenbuurt zonder Joden

Ed van der Elsken: "Terwijl de Jodenbreestraat al bijna helemaal is afgebroken, staat daar nog de koosjere broodjeswinkel van Sal Meijer. In een grote kaalgeslagen vlakte smeert Sal zijn laatste ritueel geslachte broodjes."

Meijer is op de foto nog vaag zichtbaar. Zoon Nico (70) en dochter Marjan (69) vertellen hoe drukbezocht het bedrijf van hun vader was in de naoorlogse jaren. Het succes van het bedrijf was dat het vlees eigen fabricaat was.

Nico: "Je kreeg dus vlees met een broodje in plaats van een broodje met vlees. En onze vader verkocht veel met zijn oud-Amsterdamse humor. Dat sloeg aan. In die jaren tenminste."

"Het was een levendige, leuke buurt - zelfs toen. Zelfs na de oorlog, toen er dus in wezen weinig was, was het een levendige, leuke buurt. De buurt had iets... Dat kun je niet uitleggen, maar de buurt had iets."

Aandacht op de kermis

Van der Elsken was gek op vrouwen. Deze foto is daarvan een beroemd voorbeeld. Hij zegt daarover: "1956, in Amsterdam. Tweelingmeiden, of zusjes in elk geval. Die zwierven rond. Heel uitdagend tegenover mannen. En de hele dag op de kermis van de Nieuwmarkt. En ontzettend teasing. T-e-a-s-i-n-g, haha! Ze wouden er zogenaamd niets van weten. 'Kom, ga weg, slijmbal!' Maar ondertussen wel heel uitdagend en de mannen en de jongens gekmakend."

Gina en Sonja Kruiswegt (79) reageren nu op deze foto. Gina: "Als je dat nu terugziet, denk je: oeh, wat oud-modisch! Haha." Sonja: "Ja, oud-modisch gekleed daar. Maar ja, dat was vroeger zo. Hij sprak ons zo aan van: 'Hee, vind je het goed als ik een paar foto's van jullie maak?' Ja, doe maar hoor! En we lachten erom. Wij vonden het wel leuk natuurlijk. Dan ben je jong en dan vind je alles leuk. Als je een beetje aandacht krijgt, vind je dat leuk. Dan zit je met elkaar erom te lachen."

Gina: "Ja, en daar was toen de kermis. Wij kwamen net van het circus af, waar we hadden gewerkt. Toen hadden we weer een paar dagen vrij. We hebben trapeze gedaan met z'n tweeën. Met olifanten, met leeuwen en met tijgers. Ik danste in een kooi, zeg maar Arabisch dansen."

Sonja: "Ja, wij hebben alles meegemaakt. De oorlogstijd, alles hebben wij meegemaakt. Toen waren we pas zes jaar. Maar die dingen vergeet je niet als je een klein kind bent. We hebben ook nog die vrouwen gezien die met de Duitsers waren meegegaan. Die zag je toen rondlopen door de straat met teer op hun hoofd."

Tweelingmeisjes op de Nieuwmarkt, 1956 Beeld Ed van der Elsken
Zelfportret in Parijs, 1950 Beeld Ed van der Elsken

Dorothée Ramaekers

Auteur Dorothée Ramaekers (1990) is publiekshistoricus en werkt bij Vandejong Creative Agency. In 2015 studeerde zij af op Ed van der Elskens fotoboek Amsterdam! Oude foto's 1947-1970, maakte ze een tentoonstelling in het Stadsarchief Amsterdam en werkte ze aan zijn archief.

Ramaekers hield interviews met de mensen op zijn foto's. Veelzeggend is dat iedereen 'de oorlog' benadrukte bij het kijken naar de foto die Ed van der Elsken van hen maakte.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden