Plus

Duran Lantink maakte de 'vaginabroek' voor Janelle Monáe: 'Een mega-eer'

Duran Lantink (31) scoorde internationaal succes met zijn 'vaginabroek' voor zangeres Janelle Monáe. 'Ik voeg dingen samen die niet samengaan.'

'Tijdens de opnames van de videoclip ging ik de broek regisseren. Als hij naar binnen klapte, riep ik: Janelle, vagina open!' Beeld Renate Beense

Stukken roze stof liggen verspreid over twee tafels aan het raam dat uitkijkt op het Westerpark. De lichte broek met wijde pijpen van stevig, wat stug materiaal vormt de basis.

"Daar blijft alles goed op zitten," legt Duran Lantink uit, terwijl hij er een lange sliert op legt. Hij pakt er verschillende lagen tule en zijde bij en laat zien hoe die daar weer bovenop gaan om de vaginabroek af te maken. Dit exemplaar vliegt binnenkort richting New York, waar het een plekje krijgt in de expositie Pink: The History of a Punk, Pretty, Powerful Color, in het museum van het Fashion institute of Technology.

Net drie weken zit Lantink in zijn atelier, zijn eerste eigen werkplek, met drie naaimachines en een riante leren loveseat naast rekken vol uitbundig gekleurde jurken, jassen, of iets dat beide is. Antikraak, in een van de oude ING-gebouwen aan de Haarlemmerweg.

De originele 'poochiepants', die hij speciaal ontwierp voor de Amerikaanse zangeres Jannelle Monáe, werd, bij gebrek aan een studio, nog gemaakt op zijn oude school, de Gerrit Rietveld Academie.

Politiek statement
Vlak na zijn afstuderen, in juni vorig jaar, sprak hij af met vriendin Emma Westenberg, die de videoclip bij het nummer Pynk van Monáe regisseerde, dat hij de zangeres een voorstel voor een outfit zou doen. Dat ging uiteindelijk niet door, omdat ze daarvoor een eigen 'glamteam' heeft.

Lantink had al een andere opdracht aangenomen, toen hij 's nachts om drie uur werd gebeld. "Heel brutaal. Of ik misschien zeven vagina-outfits wilde maken. Die moesten dan over zes dagen in de Verenigde Staten zijn, en Janelle moest ze ook nog even goedkeuren, dus of ik eerst de ontwerpen wilde laten zien. 'Eigenlijk heb je dus twee dagen.' Ik zei nee, maar ging het natuurlijk wel doen. Het is een mega-eer."

Op Google ging hij vervolgens op zoek naar vagina's. "Ik ben een keer uit een vagina gekomen, maar daar hield het ook meteen mee op. Ik had geen idee."

De 'poochiepants' in volle glorie, gedragen door de Amerikaanse zangeres Janelle Monáe (m) en vier danseressen. Beeld .

De dagen en nachten die volgden werkte hij met vijf assistenten aan vijf broeken - zeven was niet haalbaar. Eén volumineuze broek, twee medium en twee kleine. Lantink ontwierp de broek op de computer en zocht de stoffen uit, maar gaf het stokje door toen de vorm op de pop was gespeld. "Daarna heb je niets meer aan me, want naaien kan ik niet."

"In het vliegtuig naar Los Angeles was een van de assistenten nog steeds met een naald in de weer. Achterin de auto richting de set was hij nog bezig."

"Vagina open!"
Het bleek het harde werken waard. "Toen we aankwamen was Janelle superblij. Ze zei dat ze de broeken nog mooier vond dan op de tekeningen."

Dat de broek zo'n hit zou worden had Lantink niet verwacht. Hij werd gebeld door internationale media als Vanity Fair en de broek werd onder meer besproken op sites van The Guardian en Vogue. "De broek was een beetje mijn baby geworden. Toen ze bezig waren met de opnames van de clip werd ik heel streng, ging ik de broek regisseren. Als de broek tijdens het dansen naar binnen klapte, riep ik: Janelle! Vagina open!"

De videoclip met vaginabroek was volgens sommigen een 'ode aan de vrouwelijke seksualiteit', een 'queer-as-hell self love anthem'. Het leek een statement van Monáe, die daarover zelf zei dat het een 'celebration of ­creation, self love, sexuality and pussy power' was. Lantink: "Iemand vroeg laatst of of mode altijd een politiek statement moet zijn. Dan denk ik: Nee, het moet gewoon mooi zijn." Hij lacht. "Ik ben eigenlijk zo shallow."

Toch maakt hij met veel van zijn werk wel degelijk een punt. Lantink maakte naam tijdens de Amsterdam Fashion Week in 2016 met Sistaaz of the Castle, een samenwerking met fotograaf Jan Hoek, waarbij Zuid-Afrikaanse sekswerkers de inspiratiebron waren. Het project loopt nog steeds, binnenkort komt er een boek.

"Sekswerkers en transmensen hebben daar geen mogelijkheden. Ze leven op straat, omdat ze niet geaccepteerd worden en komen altijd negatief in het nieuws. Wij dachten: ze hebben een fucking goede stijl, laten we er iets uitlichten wat heel mooi van ze is, hoe ze hun creativiteit gebruiken om de ­wereld mooier te maken."

Luxemerken
Een probleem aankaarten via zijn ontwerpen is nooit hoe het begint, zegt Lantink. "Maar op de een of andere manier ontwikkelt het proces zich wel altijd in die richting. Je kunt niet zeggen: jullie zijn onze inspiratiebron, bye."

Zo ging het ook met het werk waar hij nu mee bezig is, voor een show in het Londense Somerset House. "Ik vond het gewoon esthetisch mooi, later kom je erachter dat er meer achter zit. Daar ben ik ook gevoelig voor, ik kan er dan niet meer voor wegkijken."

Met de collectie verzet hij zich tegen de werkwijze van luxemerken, waarbij boetieks met voorraad blijven zitten omdat de luxemerken eisen dat ze groot inkopen. "Groot inkopen is voor een warenhuis geen probleem, maar een kleine boetiek kan daardoor failliet gaan," zegt Lantink. Uit een van de rekken pakt hij een suikerspinroze jas van modemerk Céline, waar een label van Marni overheen is gestikt. Door een witte jurk van dat laatste modehuis te verknippen en aan de jas van de ander vast te maken, cre­eert hij een nieuw uniek stuk, dat zo weer de boetiek in kan.

"Het is mijn manier van ontwerpen, ik voeg dingen ­samen die niet samengaan: een onnatuurlijke fit is voor mij natuurlijk. Tegelijk wil ik met mijn kleding laten zien dat er in dit proces een soort kink in de kabel zit. Ik wil dat mensen daar kritisch naar gaan kijken."

Lantink droomt van een eigen label. Het succes van de vaginabroek voelt voor de ontwerper vooral als een moment waarmee hij door kan pakken, nieuwe dingen kan aannemen. "Ik zou nooit in een hokje geplaatst willen worden."

Daarom is hij blij dat hij aan veel nieuwe dingen werkt; zijn eigen show, commercieel werk voor O'Neill en G-Star, een covershoot voor voormalig Disneyster Bella Thorne en een nieuw ontwerp voor Janelle Monáe. "Ik ben als de dood dat ik voor altijd de kutbroekjongen blijf."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden