Jaap van Zweden.

PlusInterview

Dirigent Jaap van Zweden: ‘Het leven is niet altijd maakbaar’

Jaap van Zweden. Beeld Daniel Cohen

Jaap van Zweden is weer in het land. Deze week dirigeert hij het Koninklijk Concertgebouworkest in twee programma’s, met onder meer Le sacre du printemps en een nieuw werk van Martijn Padding. ‘Het is beter niet alles te plannen.’

Jaap van Zweden had vorig jaar twee dingen te vieren. Het Hong Kong Philharmonic Orchestra, waarvan hij nu zes jaar de chefdirigent is, werd door het serieus genomen tijdschrift Gramophone verkozen tot het beste orkest van 2019 en daarnaast mocht hij uit handen van Simon Reinink de Concertgebouwprijs in ontvangst nemen.

“Het is leuk en bemoedigend als je werk wordt gewaardeerd,” zegt hij nuchter, “maar ik verbeeld me niets. Morgen kan er zo weer een slechte recensie in de krant staan.”

Unaniem zeer lovende recensies kreeg hij voor zijn opname van Wagners Der Ring des Nibelungen met het orkest van Hong Kong – de reden voor de uitverkiezing tot ‘beste orkest’. “Het was loon naar werken,” zegt Van Zweden. “Toen ik daar zes jaar geleden begon had je er topspelers en minder sterke spelers. Ik zag het als mijn uitdaging die laatste groep naar het niveau van de eerste groep op te trekken. Daardoor is er een soort familiesfeer ontstaan, waarin iedereen elkaar met respect corrigeert. Als je het zelfreinigend vermogen van een orkest kunt opvijzelen, doe je het goed. Het was in Hong Kong heel makkelijk geweest om de mindere goden eruit te gooien, want zo doen ze dat daar, maar dat wilde ik dus per se niet. Wel nam ik geen genoegen met ondermaatse prestaties.”

Van Zweden werkte bij repetities die officieel tot 20.00 uur duurden rustig door tot 22.30 uur. “We zijn er nog niet, zei ik dan altijd. En de musici begrepen dat, omdat ik hun innerlijk vuur aanwakkerde. Er ontstond een sfeer die je ook bij jeugdorkesten vindt. Dat zou je ook bij de toporkesten zo wensen, maar in Amsterdam, New York, Berlijn en Wenen is dat lastiger voor elkaar te krijgen; wat ik ook wel weer begrijp. Maar zes jaar terug zeiden mensen mij geregeld: wat ga je in godsnaam in Hong Kong doen? Nou, dit dus. Ik overweeg sterk er nog een jaartje langer te blijven.”

Van Zweden is deze week te gast bij het Concertgebouworkest, waarover hij vorig jaar in NRC Handelsblad zei dat de ‘zaak daar op zijn reet ligt’. Die uitspraak is door sommigen verkeerd opgevat en hij hecht eraan te zeggen wat hij bedoelde. “De zaal staat daar organisatorisch momenteel stil. Dat bedoelde ik. Ga maar na. Niet alleen is er nu even geen chef, maar ook geen algemeen directeur meer en binnenkort ook geen artistiek directeur meer én geen bestuursvoorzitter. Dat is misschien wat veel. En dat werkt door naar het podium.”

Volgens hem lijken er bovendien twee kampen te zijn ontstaan (pro en contra Gatti, de chef die in de zomer van 2018 moest vertrekken na klachten over seksuele intimidatie red.). “Daardoor wordt het pittig de mensen met de neus dezelfde kant op te laten lopen. Dat is jammer, want het orkest verdient het beste, ongeacht wie de nieuwe chef zal worden. Ik ben chauvinistisch genoeg om te wensen dat het KCO snel weer op de rails staat, glimmend en wel.”

Beeld Getty Images

In deze krant is al eerder betoogd dat Van Zweden de ideale man voor de post zou zijn. Hij bedankt de verslaggever voor het compliment, maar houdt zich verder begrijpelijkerwijs op de vlakte. En als ze hem vragen? “Dit fantastische orkest in deze geweldige zaal? Wie zou dat nou niet serieus overwegen! Maar ik concentreer me op mijn partituren en niet op wat ik níet heb.”

Hij dirigeert deze week twee programma’s, met behalve Le sacre du printemps en een nieuw stuk van de Amsterdammer Martijn Padding (Softly Bouncing) ook het Vioolconcert van Britten (soliste: Simone Lamsma) en het Adagio plus Purgatorio uit Mahlers Tiende symfonie, in een geheel onbekende orkestratie van Willem Mengelberg.

“Het orkest wees me op het bestaan ervan. Ik heb de Tiende van Mahler nog nooit gedirigeerd. Sommige stukken komen nu eenmaal pas later in je leven op je pad. In de nabije toekomst ga ik bijvoorbeeld ook voor het eerst Messiaens Turangalîla-symphonie en Schönbergs Gurre-Lieder doen. Mengelberg wijkt duidelijk af van de veel bekendere versie van Deryck Cooke. Hij gaat meer uit van de strijkers; heeft zelfs blazerspassages naar de violen en celli verlegd, waardoor het Adagio een andere kleur heeft dan bij Cooke. Ik heb beide partituren uitvoerig bestudeerd. Wat dat betreft ben ik echt een fanaticus.”

Zeker zo interessant vindt hij het nieuwe stuk van Padding. “Hij gebruikt heel bijzondere instrumenten en combinaties daarvan, waardoor zijn coloriet heel bijzonder is. Hij koppelt vindingrijkheid aan diepgang. Ik vind het een ontzettend mooi stuk, dat ik ook zó in New York zou programmeren als ik de kans kreeg. Het is in het buitenland niet altijd even makkelijk om Nederlandse muziek te verkopen, omdat ze daar ook een nieuwe lichting boeiende componisten hebben, maar ik doe mijn best. Ik heb werk van Louis Andriessen zowel in New York als in Cleveland gedaan en ik zou er ook graag muziek van Tristan Keuris dirigeren, een componist die ten onrechte veel te weinig aandacht krijgt.”

Als we een snelle rekensom maken, blijft Van Zweden in elk geval tot 2022 chef van de New York Philharmonic en als hij zijn contract met vier jaar verlengt tot 2026. En daarna? “Ik weet het werkelijk niet. Dat is nog ver weg. Het reizen valt me tegenwoordig zwaarder dan vroeger. Dat is al iets om over na te denken. En door onverwachte gebeurtenissen kan alles opeens anders gaan. Ik hou het dus het liefst open. Het leven is niet altijd maakbaar. Als je niet alles plant, is dat prettiger. Laat ik dankbaar zijn voor wat ik heb. Ik wil niet de heilige Maria uithangen, maar ik tel mijn zegeningen. Ik heb de liefste, fijnste vrouw ter wereld en de New York Phil begint nu in absolute topvorm te komen.”

KCO o.l.v. Jaap van Zweden, 8 en 9/1 (Stravinsky, Padding, Mahler) en 10/1 (Britten, Stravinsky, Padding) om 20.15 uur in het Concertgebouw.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden