PlusInterview

Directeur Nationale Opera: ‘In deze stad moet je visionair zijn’

Sophie de Lint werd in 2018 bij De Nationale Opera aangesteld als de opvolger van Pierre Audi. Maandagavond presenteerde ze haar plannen voor het nieuwe seizoen.

Sophie de Lint.Beeld Lin Woldendorp

Sophie de Lint is als opvolger van Pierre Audi al bijna twee jaar de nieuwe directeur van De Nationale Opera, maar nog altijd waren er geen interviews met haar te lezen. Dat was een bewuste keuze, zegt ze, die samenhing met de structuur van een operabedrijf. Bij de opera wordt immers jaren vooruit gepland, dus de eerste twee seizoenen van haar directoraat droegen nog bijna volledig het stempel van Audi. Dat maakte een interview minder zinvol, hoewel ze wel uitgebreid met de pers sprak toen vorig jaar Lorenzo Viotti werd benoemd tot nieuwe chef-dirigent van DNO en het Nederlands Philharmonisch Orkest.

“Ik gaf nog geen interviews omdat ik eerst vertrouwder wilde worden met DNO en met Nederland. Daar lag mijn prioriteit. Daarnaast kon ik nog niet mijn eigen plannen presenteren, dat moment is er nu wel. Maandag presenteerde De Lint voor de eerste keer haar eigen plannen voor het nieuwe seizoen. De hoogste tijd voor een gesprek.

‘I feel very Swiss’

Eerst even voorstellen misschien. Sophie de Lint werd in 1974 geboren in Rotterdam. Ze heeft geen herinneringen aan die stad, omdat ze als tweejarige met haar ouders naar Genève verhuisde. Daar werd thuis de voertaal Frans, wat verklaart waarom Sophie en haar tweelingzus geen Nederlands spreken en haar oudere broer en zus wel. “Ik heb zowel een Nederlands als een Zwitsers paspoort, but I feel very Swiss.”

Haar eerste taal is Frans. “Daarna komen Duits, Engels, Italiaans. Ik begrijp inmiddels tachtig procent van wat ik in het Nederlands hoor en lees, maar ik moet naar de nonnen in Vugt om op het niveau te komen dat ik van mezelf verlang. Alleen: ik heb er nog geen tijd voor gevonden. De prioriteiten liggen ergens anders als je aan zo’n nieuwe baan als bij DNO begint. Maar notulen, beleidsplannen en noem maar op kan ik lezen, zij het langzaam.”

Wie de doopceel licht van Sophie de Lint, kan niet anders dan vaststellen dat de eerste 25 jaar van haar werkzame leven de perfecte voorbereiding zijn geweest voor haar aanstelling in Amsterdam. Anders dan Pierre Audi, die 32 jaar geleden als een geheel onbeschreven blad bij een operahuis begon, heeft De Lint zich in de loop van de tijd alle denkbare facetten van het vak grondig eigen gemaakt.

Muziek van binnenuit leren kennen

Al op haar negentiende werd ze de assistent van Renée Auphan, de baas van het Grand Théâtre de Genève, waar ze zich gaandeweg mocht bemoeien met de repetitieschema’s, de vertaling van libretti en uiteindelijk met casting en dramaturgie. Ook studeerde ze een tijdlang viool en zang aan het conservatorium. Zingen deed ze ook al rond haar twaalfde, toen ze in Engeland op een boarding school zat. “We begonnen de dag met koorzang. Dat was een geweldige ervaring, elke keer weer. Dat zouden we in Nederland ook moeten invoeren!”

“Ik denk niet dat ik een bijzonder groot viooltalent was. Na een auto-ongeluk op mijn zestiende, waarbij mijn linkerschouder beschadigd raakte, speel ik niet meer, maar ik vind het wel heel belangrijk dat ik de muziek van binnenuit heb leren kennen en iets begrijp van wat het is een uitvoerend musicus te zijn.”

“Ik vond het leuk om voor mensen te spelen. Muziek maken werd thuis ook absoluut aangemoedigd. Mijn moeder is een uitstekende pianiste. Ze nam me ook mee naar mijn eerste opera. Als kind zag ik Un ballo in maschera van Verdi, met Luciano Pavarotti en Anna Tomowa-Sintow. Onvergetelijk, ook al had ik geen idee waar ik naar keek. Maar ik voelde wel de opwinding. Dat was een bepalende ervaring.”

Winstmaximalisatie

Omdat een professionele carrière als musicus onmogelijk was geworden, zette ze het roer om naar de zakelijke kant. Ze ging naast haar werk bij Renée Auphan business administration studeren aan de Webster University Leiden. “Het ging daar vooral om winstmaximalisatie, terwijl ik daar vanuit mijn werk bij een gesubsidieerd operahuis vaak heel anders tegenaan keek. Dat vonden ze daar zeer fascinerend.”

In 2001 werkte ze als regieassistent voor verschillende operahuizen, van Wenen tot Bayreuth, waarna ze aan de slag ging bij vooraanstaande agentschappen, eerst Laurent Delage Artists Management in Wenen en daarna Artists Management Zürich, waar ze artiesten begeleidde en betrokken was bij de scouting en ontwikkeling van jong operatalent. “Op die manier bouwde ik een essentiële persoonlijke relatie op met artiesten.”

In 2009 werd ze door Andreas Homoki, de toen aangewezen aangestelde intendant van het Opernhaus Zürich, gevraagd artistiek directeur te worden, een functie die ze negen jaar vervulde. Een hoogtepunt was de uitverkiezing in 2014 van Best Opera Company tijdens de International Opera Awards, een eer die DNO twee jaar later te beurt zou vallen. In 2017 kwam ze vanwege haar passie en haar inmiddels grote ervaring en netwerk nadrukkelijk in beeld nadat Pierre Audi had besloten na dertig jaar DNO te verruilen voor het festival in Aix-en-Provence.

Avontuur

“In 2017 was ik in gesprek met twee operahuizen: terug naar Genève of naar Amsterdam. Omdat dit een grote beslissing was, heb ik met verschillende mensen gepraat. Christof Loy, de regisseur, gaf me de beste raad. Hij zei dat ik voor het grootste avontuur moest kiezen. Genève was terug naar huis, ook mooi, maar ik hou van avontuur. Toen ik business administration studeerde, zeiden mijn docenten dat ik opera maar beter als een hobby kon houden. Uiteraard heb ik daar niet naar geluisterd, want opera is mijn passie. En in Amsterdam kun je daarin verder gaan dan waar ook.”

“In deze stad kun je en moet je visionair zijn. Je moet voortdurend aan de toekomst denken. Dit is geen plek om comfortabel achterover te leunen en dat vind ik inspirerend. Daarom is Amsterdam de beste plek ter wereld om met opera en muziektheater bezig te zijn. Ik voel ook een grote betrokkenheid van de rest van het land met DNO. Ga maar na: zestig procent van onze bezoekers komt níet uit Amsterdam.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden